Videofilmen op reis, deel 5 - door Gé Kikkert
De montage
Een beroemd regisseur heeft eens gezegd:“Alle beelden zijn opgenomen, nu ga ik de filmmaken”. En zo is het ook. Je film ontstaat niet op het moment dat je opneemt, maar thuis.
Veel filmers vinden het voldoende om het geschoten materiaal, met alle fouten, zo op het scherm te laten zien. Maar zeg nou eerlijk, is het niet veel leuker om er een echte film van te maken? Met een begin- en een eindtitel? Met een nette beeldwisseling? Misschien hier en daar een passend stukje muziek erbij? De echte ‘diehards’ zetten er ook nog een verklarende tekst (voice-over) onder. Monteren is even doorbijten en het kost tijd, maar neem je die moeite, dan kijk je jaren later nog steeds graag naar je film. En iedereen kan het leren!
Basismateriaal
Bij thuiskomst verzamel je alle opgenomen materiaal. Dit is hetbasismateriaal voor je film, wees daar zuinig op. Heb je de film opgenomen op dvd’s, fi naliseer die dan. Daarna kunnen ze afgespeeldworden. Staan je opnamen op een harde schijf of een geheugenkaart in de camcorder, schrijf dan eerst al het materiaal over naar dvd’s of de harde schijf van de pc waarin je de film wil monteren. Gebruik je dv-bandjes, zet dan het schuifje aan de achterkant op save. Zo kun je het bandje niet overschrijven. Omdat dv-bandjes nog verreweg het meest worden gebruikt is de rest van dit verhaal daarop gebaseerd.
Spotten
Zeker als je veel opnamen hebt gemaakt is het verstandig om eerst al het mate riaal te spotten: elk shot beschrijven. Dat lijkt misschien een overbodige handeling maar dat is het zeker niet. Geef elk bandje een nummer, bij voorkeur in de volgorde waarin je ze tijdens de reis hebt opgenomen. Maak dan bij elk bandje een lijstje van de shots en noteer de volgende
gegevens in kolommen:
• shotnummer: nummer je shots gewoon vanaf 001;
• tijdcode begin: op veel camcorders kun je de tijdcode op de display of zoeker aflezen;
• inhoud: beschrijf wat het shot laat zien en/of horen;
• totaal, half-totaal, close-up: geef met T, HT of CU aan wat de uitsnede van het shot is;
• bruikbaar: geef aan of het shot al of niet bruikbaar is in het verhaal;
• montage: in deze kolom noteer je later de volgorde waarinde shots achter elkaar geplakt moeten worden.
Als je deze lijst op de pc maakt, met een tabel in Word (of een ander programma), dan kun je later sorteren op de kolom ‘montage’. Je krijgt dan een lijst met shots in de volgorde zoals ze in de film moeten komen.
Monteren op de pc
Beschik je over een pc met Windows XP als besturingssysteem, dan heb je meteen Windows Movie Maker, een heel eenvoudig programma om een videofilm te monteren. Installeer wel het laatste servicepack. Werk je met een digitale camcorder, dan moet je pc een fire-wireaansluiting (i-Link of IEEE 1394) hebben om de shots tekunnen overzetten naar de pc (voor fi lms op kaartjes of harde schijf een USB-kabel). Zie de gebruiksaanwijzing van de camcorder en de pc. Ontbreekt die aansluiting, dan kun je die er voor een paar tientjes in (laten) zetten. Koop er meteen een fire-wire-kabel bij. Je pc moet ook een vrij grote harde schijf hebben want digitale video slurpt per uur 13 Gb aan ruimte op. Nog beter is het om een tweede harde schijf te reserveren voor je videofiles. Voordat je begint je film op een harde schijf te laden (capturen), is het verstandig de schijf eerst te defragmenteren. Dat voorkomt later moeilijkheden. Elements en Magix Video deLuxe. De laatste versies van deze programma’s kunnen ook videobeelden van dvd’s, harde schijven en geheugenkaarten monteren. Neem de gegevens van je pc en je camcorder mee en laat je goed informeren als je wat koopt. ‘Pinnacle Studio’ is de meest gebruiksvriendelijke software. De prijzen zijn ongeveer gelijk.
Montagetips
Je bent nu klaar om te monteren. Enkele tips: Beginelke film met een stukje zwarte film. Geef de film ergens in het begin een titel die de lading dekt. Gebruik alleen overgangen als het ergens voor nodig is, bijvoorbeeld als je een sprong maakt in tijd of locatie. Zet anders de verschillende shots gewoon ‘hard’, kop-staart, aan elkaar. Gebruik muziek als ondersteuning van de beelden. Let erop dat er geen teksten worden gezongen die niet op de beelden van toepassing zijn, maar muziek uit het land waar je gefilmd hebt is natuurlijk leuk. Ter ondersteuning kun je er ook nog verklarende tekst (voice-over) onderzetten. Maar dan wordt het al meer hogeschoolwerk.
Tot slot: laat je film pas zien als hij helemaal naar je zin is. Bloopers zijn in dit geval niet interessant.
Veel succes bij het maken van je film!
Dit is het laatste deel in de serie Videofilmen op reis.




Volg ons op:
Tel: 071-5126400