Nicaragua, land van dichters en zoete aardappel
Werp één blik door de koloniale voordeuren en ze vallen direct op: de beschaduwde en palmrijke patio’s in de oude stadscentra van Nicaragua. Een uitgebreider kijkje levert vaak het tafereel op van een tevreden bewoner, heen en weer wiegend in een oude schommelstoel.
door Marieke de Jong
Wandelend door de straten van Léon en Granada kom je direct in contact met de bevlogen bevolking die je graag wegwijs maakt. Deze twee Nicaraguaanse steden, met hun koloniale en interessante verleden, bieden niet alleen boeiende bezienswaardigheden, maar ook een levendige sfeer. Met Djoser bezoek je zowel Léon als Granada tijdens de 23-daagse Trans-Amerikareis.Roemrucht
Léon vervulde als voormalige hoofdstad een belangrijke politieke rol en heeft een roemruchte geschiedenis. Het was hier dat in 1956 de toenmalige dictator Somoza García werd vermoord, nadat hij twintig jaar het roer in handen had gehad en grote rijkdom vergaard. Die rijkdom bleef beperkt tot een kleine kring van vooral familie en vrienden. Na zijn dood bleef de familie Somoza nog tot de revolutie van 1979 aan de macht, de heerschappij kwam in handen van de zonen Luis en Anastasio. In Casa del Obrero, het huis waar dichter Rigoberto Lopez Perez de fatale schoten op de dictator afvuurde, lijkt het of de tijd heeft stilgestaan.
Tijdens een diner verkleedde Lopez Perez zich als ober zodat hij zijn plan van korte afstand kon uitvoeren. Dit plan moest hij zelf ook met de dood bekopen maar het maakte hem tot een nationale held. De kogelgaten in de muur herinneren nog aan dit ‘begin van het einde’.
Een deel van het huis is nu ingericht als kapperszaak en de eigenaar geeft je graag tekst en uitleg over wat er is gebeurd op die bewuste dag. Kijk niet raar op als hij op handen en knieën over de vloer kruipt om zijn verhaal op beeldende wijze kracht bij te zetten. In Léon herinneren meer plaatsen aan de strijd tegen de dictatuur. Honderden portretten van helden van de revolutie zijn te zien in de Galeria de Heroes y Martires, die wordt beheerd door hun moeders en andere familieleden.
In de indrukwekkende kathedraal ga je nog iets verder terug in de tijd. De bouw van deze grootste kerk van Midden-Amerika begon in 1747 en werd pas honderd jaar later voltooid. De kathedraal biedt vele beroemde Nicaraguanen hun laatste rustplaats. Zoals Rubén Darío, die in de Spaanstalige wereld wordt beschouwd als een van de creatiefste dichters. Deze prins van de Spaanse literatuur werd geboren in 1876 en groeide op in Léon. Zijn vroegere huis is nu een populair museum waar je aan de hand van foto’s, boeken en andere persoonlijke bezittingen kunt zien hoe hij destijds leefde.
Poëzie is vandaag de dag nog steeds een van de belangrijkste kunstvormen van Nicaragua. Van de koloniale sfeer in Léon kun je veel proeven tijdens een wandeling langs de vele kerken, huizen en deuren. Ook het Theatro Municipal is er een mooi staaltje van.Pastelkleurig straatbeeld
Veel van de kerken van Granada hebben de aanvallen van buitenaf niet overleefd en zijn later herbouwd. De welvarende handelsstad was in koloniale tijden een geliefd bezit voor de Engelsen en de Fransen en in de strijd om de macht, die gepaard ging met brandstichtingen, zijn veel gebouwen verloren gegaan.
Gelukkig heeft de stad zijn charmante sfeer en prachtig pastelkleurige straatbeeld vakkundig in ere hersteld, met opvallende details als straatnamen in blauwwit tegelwerk, kleurrijke muren en deuren. Paard en wagen als vervoermiddel passen daar uitstekend bij. In het Museo Antigo Convento de San Francisco kun je nog een stap verder terug in de tijd zetten. In deze voormalige universiteit van Granada, die werd gesloten door Somoza, zie je kunstwerken uit de koloniale tijd en een uitgebreide collectie beelden uit het tijdperk vóór Columbus.
Van het eiland Zapatera, op twee uur varen van Granada in Lago de Nicaragua, zijn grote religieuze sculpturen uit de periode 800-1200 afkomstig, ze staan hier prachtig tentoongesteld. Deze belangrijke rituele beelden uit een ver verleden worden toegeschreven aan de Chototegaindianen, de oorspronkelijke bewoners van het eiland. De goede handelspositie van Granada had natuurlijk alles te maken met de ligging van de stad aan het grote zoetwatermeer. Dit Lago de Nicaragua of Cocibolca bracht de Granadinos zowel vreemdelingen als welvaart.
Vanaf het centrale plein is het maar een klein stukje wandelen naar de pier met uitzicht over het immense meer. Per boot kun je Las Isletas verkennen, 354 eilandjes die ongeveer 10.000 jaar geleden zijn ontstaan na een uitbarsting van de vulkaan Mombacho. Er is een rijk vogelleven en met een beetje geluk zie je ijsvogels, reigers en kraanvogels. Terug aan wal kun je vanaf het terras van het hotel het leven op Parque Colón gadeslaan. Maar ook het plein zelf biedt voldoende schaduw voor een ontspannen uurtje. Op de vier hoeken kun je aan kleine stalletjes overheerlijke vruchtensappen kopen die ook bij de lokale bevolking zeer geliefd zijn. Hier is ook de plaatselijke lekkernij vigorón verkrijgbaar: gebakken varkenshuid met yucca en koolsalade. De wortel van de yuccaboom smaakt een beetje naar zoete aardappel en dat maakt dit gerecht tot een heerlijke snack na een dag rondkijken in Granada.
Aan de informatie in deze artikelen en verhalen kunnen geen rechten ontleend worden.




Tel: 071-5126400