Reis zoeken

Soort reis

Regio

Met oog voor

Reisduur

Vertrekperiode

Prijs

Kenia hotel juli 2007

Verslag van de Djoser reis 3 weken in lodges en hotels in Kenia,  9-29 juli 2007.

 

9 juli: de trein vertrekt om 6.15, dus dat is vroeg op op de eerste vakantiedag. Op Schiphol kijken we stiekem om ons heen of we al mensen met Djoser-labels zien.

In het vliegtuig blijkt al snel dat we met een groot deel van de groep bij elkaar zitten, dat is leuk. Aangekomen in Nairobi wisselen we onze euroos tegen stapels Keniaanse shillingen. Bij de uitgang staat een man met een Djoserbordje te zwaaien en daar worden we door onze reisbegeleidster Saskia begroet. We maken kennis met onze chauffeurs Tom en William. Als iedereen er is en ieder zijn shillingen heeft geregeld vertrekken we door de donkere nacht in onze truck naar het hotel. Het is fris. Ons vervoermiddel de komende weken is een grote groene vrachtwagen met achter de chauffeursplaats eenentwintig comfortabele stoelen. De zijkanten zijn van zeil met plastic vensters en als het weer het toelaat zijn de zijkanten (of enkelen) opgerold.

10 juli. We vertrekken om 8 uur naar de lodge aan de voet van de Mount Kenia, Castle Forest Lodge. Onderweg kijken we onze ogen uit naar het landschap en de mensen. Alles is vreemd, de planten en bomen, de vogels, de geuren en de geluiden. We stoppen voor onze eerste koffie-en-plaspauze en komen voor het eerst in aanraking met de souvenirwinkel en zijn verkopers. Het afdingen moet nog worden geleerd.

De laatste kilometers glibbert de stoere truck zich vierwiel aangedreven de berg op, het heeft geregend maar is nu droog. Bij de lodge is iedereen even stil, het is er zo mooi: een oud huis in een ruim landschap, uitzicht over een dal en achter ons de kleine huisjes met veranda die onze lodges blijken te zijn. Wel is het er koel en we eten onze warme lunch binnen op. Na de lunch is er een wandeling gepland. We zien voor het eerst sporen van wilde dieren! ’s Avonds word je naar je lodge gebracht door een begeleider, er is een luipaard gesignaleerd! ’s Nachts klinken er wilde dierengeluiden.

11 juli. Voor de liefhebbers is er een vroege vogelwandeling . Helaas is het zwaar bewolkt en mistig weer, er zijn weinig vogels die zich laten zien of horen. Geduldig wacht de gids tot we de diertjes allemaal in de kijker hebben gehad. Na een uitgebreid ontbijt vertrekken er twee wandelgroepen voor een 3 uur of 6 uur durende tocht. De 6 uur tocht loopt over een lang modderig pad met veel olifantensporen naar een waterval. We worden echt nat omdat de dikke mist over is gegaan in zachte regen. Met de modder tot boven de knieen keren we terug, tevreden en met grote trek in thee en bier. De temperatuur dwingt ons weer naar binnen waar de haard brandt en niet alleen de haard: ook sommige doornatte schoenen hebben een geschroeide rand... De haarden in de lodges worden aangemaakt als de olielampen worden gebracht, zo kan ieder zijn natte spullen drogen.

12 juli. We vertrekken vroeg naar Samburu Shabalodge. De afdaling was glibberig door de regen op de onverharde weg maar we kwamen veilig in het dal. Daarna werd het allengs droger en warmer en in het Samburugebied is het echt warm en droog. Onderweg dronken we koffie in Nanyuki waar we ook konden pinnen. Het geld konden we ook meteen uitgeven aan de vele opdringerige straatventers met souvenirkraampjes. In de verte waren vulkanen te zien en langs de weg lagen lavakeien. De laatste etappe was erg stoffig en we waren blij dat we er even uit mochten om een echt Samburudorp te bezoeken.

We werden verwelkomd met zang en dans, we mochten in een huisje kijken, bezochten het schooltje en dan mochten we graag wat kopen bij de souvenirkraampjes.  We logeerden nu in de meest luxe hotle/lodge van de reis met een uitgebreid buffet en een zwembad. In het buffet konden we ook Afrikaanse gerechten proeven.

In de grote rivier die langs de lodge stroomde zag je enkele dikke krokodillen liggen en op de oevers liepen maraboe’s. Ook zagen we apen rond de lodges, kamers goed afsluiten!

13 juli, de eerste gamedrive. We vertrokken vroeg en hobbelden naar de ingang van het park, wat een wegdek! Bij de ingang wordt gestopt voor een laatste plas en zien we meteen zebra’s, een giraffe en antilopen. Vervolgens zien we zo veel dieren! De chauffeurs weten overal de weg en de mooie plekjes, de truck zwoegt over kuilen en keien, de tijd vliegt voorbij. ’s Middags is er voor de liefhebbers nog een gamedrive in een ander park. We rijden langs enkele Samburudorpen waar we de mensen ook in gewone kleren zien rondlopen. Dit park is wat minder dor dan dat van de ochtend en we zien weer veel mooie dieren en veel vogels, maar nu bij avondlicht.

14 juli. We vertrekken weer vroeg, het wordt al niet meer zo’n straf dat opstaan. Omdat het om 7 uur donker is, en er om half 8 gegeten wordt kan je ook op tijd in je bed liggen.

Het landschap was wijds, groen met mooie uitzichten over dalen. Er leek ook meer verbouwd te worden, we zagen mais, koffie, thee en sisal. We kregen een platte band in de loop van de middag maar de chauffeurs legden er de reserveband vlot omheen. De mensen met hoge nood hadden een probleempje, in het verlaten land waar we pech hadden doken ineens van alle kanten mensen en kinderen op.

 We passeerden de evenaar en hebben daar mogen zien dat het water linksom draait op het ene halfrond en rechtsom op het andere halfrond. De geleerden onder ons bekeken het geheel zeer sceptisch maar het was wel bijzonder om zo bij de evenaar stil te staan. Door de platte band hadden we geen tijd meer om de Thomson watervallen van dichtbij te bekijken, maar vanaf de rand konden we toch fotoos maken. De lodge was erg oud maar weer genoeglijk met de grote open haard en gezellige eetzaal.

15 juli. Voor het vertrek was er nog even tijd om vogels te kijken! We stopten om het uitzicht over de Riftvallei te bewonderen en om een thee en koffieplantage te bezoeken. Voor de lunch waren we in Nakuru. Nakuru is een redelijk grote stad en we verbleven in het Bontana hotel. We konden internetten en de supermarkt bezoeken en natuurlijk ons geld kwijt bij de vele souvenirkraampjes. Het afdingen om tot een echte vriendenprijs te komen ging steeds beter. ’s Middags viel de game drive door onvoorziene omstandigheden in het water, maar omdat het zondag was had Saskia een mooi alternatief: met een vriendelijke gids konden de liefhebbers naar een echte Afrikaanse evangelische kerkdienst. We liepen een half uurtje door de straten van Nakuru, door het stof en uitwijkend voor de matatu’s en fietstaxi’s die overal rijden. Het linksrijdende verkeer maakte bijna slachtoffers maar de Keniaanse weggebruiker is gelukkig geduldig.

De kerkdienst was indrukwekkend. Toen men ons had opgemerkt moesten we vooraan komen zitten in het grote golfplaten gebouw. Er zaten al veel gezinnen en kinderen netjes aangekleed op de stoelen. We keken onze ogen uit maar de kerkgangers gaven ook hun ogen goed de kost. Er werd veel gezongen en gedanst als begin van de dienst. Toen kwam de dominee op en werd ons verzocht naar voren te komen. We hebben ons allemaal voorgesteld en we mochten weer plaatsnemen. De vlammende preek begon, in het Engels en simultaan vertaald naar het Swahili.  Na anderhalf uur zijn we gegaan, de dienst zou nog twee en een half uur duren! Maar ons avondeten riep.

16 juli. ’s Morgens vroeg vertrokken en begonnen met een gamedrive rond Lake Nakuru. Omringd door een enorme populatie flamigo’s ligt het meer er prachtig. We reden het meer rond en keken op een hoge uitkijkplek nog over het mooie gebied uit.   Weer putten de chauffeurs zich uit om ons de dieren op zijn mooist te laten zien. Via gesprekjes met andere chauffeurs wisselen ze de plekjes uit waar nog meer dieren gezien zijn. We konden de witte neushoorns noteren en een echt nijlpaard. Na de lunch in het hotel vertrokken we naar Lake Baringo. Daar hebben we onze was ingeleverd en konden we even in het zwembad. Er hing een flink onweer boven het meer en het regende even. Het was warm en ’s avonds was een dunne trui genoeg. 

17 juli. Voor de liefhebbers was er een vroege wandeling door het dorre landschap. Er was weer een goede gids die elke vogel aan zijn geluid kende en geduldig wachtte tot ieder de vogel gezien had. De andere gids was belast met het zoeken naar schorpioenen en slangen en die hebben we uitgebreid kunnen fotograferen en bewonderen. We kwamen kinderen tegen die door dit dorre land naar school liepen en verbaasden ons dat er zo veel mensen woonden. De gidsen hadden ook verstand van planten en hun medicinale eigenschappen en ze konden er mooi over vertellen. Na het ontbijt werd er gevaren over het modderbruine water van Lake Baringo. In lange smalle motorboten gleden we langs de oevers op zoek naar watervogels, krokodillen, varanen en nijlpaarden. De visarend liet zijn duik-kunsten zien.

Na de lunch gingen we naar een basisschool. We hadden allemaal wat shillingen gedoneerd en Saskia had in Nakuru schoolspullen en schoolpleinspullen gekocht. Ze had het adres van een school in de omgeving gekregen en nam de groep mee om de school te bezoeken. In groepjes van 3 of 4 bezochten we de 8 klassen met kinderen van 6 tot 16 jaar. Ze zongen voor ons en stelden vragen, wij keken onze ogen uit naar de kleine bankjes en volle klassen, de gehavende uniformen en het ontbreken van leermiddelen. De oudere kinderen spraken wat Engels en zo werd het communiceren wat eenvoudiger. De kinderen verbaasden zich over onze fototoestellen maar waren zeer opgewonden als ze zichzelf op het display terug zagen. Ze waren blij met de pennen en potloden en de voet- en volleyballen die we hadden gekocht en we keerden tevreden terug. Onze was hangt te wapperen in de wind en wordt ’s avonds keurig opbevouwen op de kamer gebracht. Degene die nog energie over had kon te voet nog even in het kleine dorp gaan kijken, achter het hotel. Daar kon je gewone spullen kopen en waren voor het eerst geen souvenirkramen te zien.

’s Avonds komen er Turkanadansers voor ons dansen.

18 juli, vertrek naar Lake Naivasha.

Onderweg hebben we in Nakuru gestopt waar we koffie hebben gedronken en zijn opgewarmd. Onbegrijpelijk dat Afrika ’s morgens zo fris kan zijn! Nog even geinternet en postzegels gekocht, natuurlijk ook nog de kans gehad souvenirs te kopen bij de straatventers. Tegen de lunch waren we bij de volgende lodge, Fish Eagle lodge aan het Naivashameer. Onderweg passeerden we op het laatst enorme rozenkwekerijen, de Nederlandse rozen komen tegenwoordig uit Kenia! Er was veel bedrijvigheid te zien. We werden verwelkomd met een buffet buiten. Onder toeziend oog van de glansspreeuwen die ook een hapje wilden eten, smulden we van onze lunch. In de middag hebben we gevaren op het meer, weer in lange smalle motorboten. Onderweg naar het meer kwamen we het kampterrein van de kampeerreis tegen en zagen we Colobusapen in de bomen. Op het water liet de visarend zijn kunsten weer zien maar de verrassing was dat de bobbels die verderop in het water dreven, echte nijlpaarden waren. We kwamen zo dichtbij als mogelijk was en de beesten keken ons met opgerichte oortjes aan. Langs de oevers groeide dichte wouden van papyrus en zagen we grote villa’s.  We legden aan bij het huis van Joy Adamson, de auteur van Elsa de Leeuwin. We dronken thee en aten lekkers in de tuin van een prachtig tropisch huis terwijl de halftamme vogels probeerden een kruimel mee te pikken van de cake. De oeroude videoband werd geduldig bekeken en het winkeltje werd nog even bezocht. Na het avondeten zijn enkelen in de blikken uitkijkpost gaan zitten wachten op het uit het water komen van de nijlpaarden. Om een uur of half 10 liepen die logge dieren muisstil te grazen over het kampterrein naast het “onze”, achter een hek van electrisch prikkeldraad. De nachtwaker die ons op de dieren wees, hield ons scherp in de gaten, een geirriteerde neushoorn laat zich niet door electrisch prikkeldraard weerhouden.

19 juli: er stond een wandelsafari gepland. Met matatu’s zijn we vervoerd naar het Hippokamp waar we samen met een gids en een ranger door het landschap hebben gelopen. In de matatu speelde luide muziek en voor het eerst keek er niemand naar ons om omdat we incognito reden in plaats van met een toeristen-safaribus. Omdat er geen leeuwen of andere grote jagers wonen konden we te voet door het park gaan, de ranger was er om ons te verdedigen tegen eventuele agressieve buffels. Het was een hele ervaring om op hetzelfde nivo te lopen als de zebra’s, giraffen en waterbokken die we tot nu toe vanuit de veilige truck hadden gezien. Er werden ook weer veel vogels gespot en de gids wist veel te vertellen over de bewoners van het gebied.

’s Middags hadden we vrij en kon je een dutje doen of je boek lezen.  Het was vrij fris en niemand had behoefte aan het zwembad. Na het avondeten is er weer geprobeerd nijlpaarden te spotten maar deze nacht lieten ze zich niet zien.

20 juli: een lange reis naar de Masai Mara. Onderweg zagen we ook wilde dieren in het echt, dat wil zeggen gewoon in de verte. Giraffen, zebra’s , waterbokken en impala’s. We zijn inmiddels in staat een gazelle van een impale te onderscheiden!

Het landschap wordt weer droger en leger. Langs de weg zie je steeds vaker een eenzame man in een rood geruite doek met in zijn hand een lange stok, bezig met geiten en koeien, een echte Maasai! Je ziet ze goed in dit overwegend geel en bruine landschap. Ook zien we vrouwen en kinderen in riviertjes de was doen. Onderweg bezoeken we een Maasaidorp. De gelijkenis en de verschillen met de Samburu vallen op, we worden weer toegezongen en gedanst en we mogen in een huisje kijken. Omdat het daarin volslagen donker is, zien we niet zo veel maar de gids vertelt mooi over zijn vader die 12 vrouwen heeft en zijn 70 broers en zussen en over de mannen- en vrouwentaken.

De reis eindigt met een gamedrive die eindigt bij het tented camp. Aan het begin van het park slagen de vele verkoopsters van souvenirs er weer in enkelen tot kopen over te halen. Het tented camp is mooi, de tent comfortabel en ruim maar donker tot het licht aangaat. Het is wel fris en het waait, we eten met onze fleecetrui aan omdat het restaurant ook geen buitenmuren heeft. De grote open haard bij de bar produceert meer rook dan warmte.

21 juli: we vertrekken vroeg op een gamedrive die ons 12 uur bezig houdt. De eerste uren zijn erg fris maar de zebra’s in het ochtendgloren waren de moeite waard. We zien  nu nog wat andere dieren dan de andere dagen en dan komt de eerste diepe zucht: een echte cheetah! Ze ligt zich onverstoorbaar te wassen terwijl er een haag van busjes om haar heen staan.  We rijden verder door een prachtig landschap met groen en grillige bomen en we komen steeds meer gnoes tegen. Indrukwekkend veel gnoes, die samen met zebra’s verzamelen voor een trektocht op zoek naar voedsel. We zien ook twee maal een groep gieren bezig met het opruimen van een gedode gnoe. We treffen ook een zwarte neushoorn, wat een geluk! Het is onze laatste gamedrive en er ontbreekt eigenlijk nog 1 dier aan onze lijst, de leeuw. We stoppen voor koffie en om op te warmen bij een zeer luxe lodge en voor het middagmaal staan we aan de oever van de Mararivier. Daar worden onze lunchpakketten geplunderd door de apen als we niet opletten. In de Mara zien we weer nijlpaarden. Aan het einde van de dag vinden we eindelijk de leeuwen. Die zijn niet te zien als ze liggen in het lange dorre gras! Ze blijven onverstoorbaar liggen terwijl er een opdringerige kring busjes rond ze staat. We voelen ons kwetsbaar met de open zijkanten maar kennelijk ben je veilig in een truck en word je niet als prooi gezien.

We komen nog even over de grens met Tanzania en zijn om half 7, 12 uur na vertrek, weer terug bij de lodge.

’s Avonds nemen we afscheid van onze chauffeurs met een welgemeend woord en een mooie fooi, morgen is de laatste reis per truck!

22 juli, vertrek naar Nairobi.

De weg was erg slecht en de groep was grijs van het stof toen we aankwamen in Nairobi. Onderweg hebben we in het wild de lunchpakketten gegeten omdat de picknickplek om half 2 nog steeds niet was bereikt. Het smaakte er niet minder om en we bleken vlak bij een klein dorpje te zitten. De drie herders, jonge mannen die op hun buik uit de verte lagen te kijken wat die blanken daar allemaal aan het doen waren, werden getracteerd op de overgebleven etenswaar. Chauffeur Tom moest eerst uitleggen wat het allemaal was, de jongen had nog nooit brood of sap uit een pakje gezien. De spullen die overbleven van iedere picknicklunch werden telkens eerlijk verdeeld onder de dorpelingen of kinderen die we tegen kwamen.

In de buurt van Nairobi ging de hobbelige weg over in een gladde vierbaansweg en met suizelende snelheid kwamen we in de hoofdstad aan. Daar was het verkeer een Afrikaanse chaos maar de ervaren chauffeurs loodsden ons er veilig doorheen. We arriveerden bij het hotel van de eerste nacht, wat hadden we een boel beleefd sinds die avond!

’s Avonds gingen we een heerlijke pizza eten in de stad en we werden met een echte discobus vervoerd. Knipperlampjes binnenin en buitenop en luide muziek.

23 en 24 juli, dag in Nairobi en reis naar Mombasa

Vanmorgen lukte het niet om uit te slapen! Toen maar ontbeten en geinternet. Om 10 uur vertrokken degenen die dat wilden naar het huis van Karen Blixen. Zij was schrijfster van Out of Africa en voormalig koffieboerin, ze woonde aan de rand van Nairobi met uitzicht op de Ngong heuvels. Het was weer een mooi voorbeeld van een tropisch herenhuis, de tocht per matatu was ook interessant. Toen we terug waren was er nog tijd voor een korte wandeling door Nairobi. We waren voorbereid op het stadsleven en lieten onze waardevolle spullen en paspoorten in het hotel. We kochten de nieuwe Harry Potter en wat lekkers voor de lange treinreis. Daarna hebben aan de zwembadrand gelezen en kaarten geschreven en zijn we om 5 uur naar het staion vertrokken. Al gauw bleek dat de trein vertraagd was. We vermaakten ons met het kijken naar de treinen maar toen het donker werd, werd het ook saai. Saskia stelde voor dat we nog een keer pizza zouden gaan eten toen bekend werd hoe laat de trein  zou gaan rijden. Zij zou op de bagage blijven letten samen met de begeleiders van de andere Djoserreizen die op de trein wachtten.  Ze regelde een lange tafel en het vervoer toen we daarmee instemden.

Opgevrolijkt en voldaan stapten we om 12 uur in de 4,5 uur vertraagde trein. De reis duurde lang maar zo nu en dan werd er gegeten en verder veranderde langzaam het landschap. Eindelijk zagen we de baobab bomen en op stations kon je op je gemak kijken wat er allemaal uit- en ingeladen werd. Langzaam werd het ook warmer en dichtbij Mombasa groener en meer bevolkt. Om 17.00 uur waren we eindelijk in Mombasa.

Daar werd de bagage bovenop een bus geladen en in 20 minuten waren we in Nyali in het Reefhotel. We kregen onze kamers en konden met de voeten in de Indische oceaan gaan staan. De verkopers zagen in ons verse klanten en ze spraken ons hoopvol aan maar we waren intussen bekwame afwimpelaars geworden. Het zwembad zag er aanlokkelijk uit, daar zouden we morgen zeker gebruik van gaan maken. Het groepsgedeelte van de reis was voorbij maar de meeste groepsleden bleven elkaar opzoeken om samen te eten of te wandelen.

25 juli, een lange luie dag aan de zwembadrand. Na het uitgebreide ontbijtbuffet installeer je je op een ligstoel met matras en handdoek en als je trek of dorst krijgt geef je dat door aan een van de aardige meisjes die rondlopen om je bestellingen op te nemen. De hele dag niks omhanden! De supermarkt en de winkeltjes er omheen worden bezocht.

26 juli; om 10 uur vertrek naar de boot met glazen bodem voor het snorkelen op het rif. We varen een eind de zee op naar het rif, door een glasplaat in de bodem van de boot zien we de onderwaterwereld onder ons.

Bij het rif mogen we eruit om te snorkelen en kunnen we koraal en mooie vissen zien. Het is winderig en niet zo erg warm, maar de zee laat haar schatten wel zien. Na enige tijd wordt een van de niet-snorkelaars wel erg bleek en stil de eerste zeezieke is getroffen. Op de golverige terugweg worden er meer opvarenden misselijk, we zijn blij als we weer vaste grond onder de voeten hebben. De middag voltrekt zich weer aan de zwembadrand.

’s Avonds komt er een groep Maasaidansers die voor en na het dansen ook hun souvenirs willen slijten. We weten mooie prijzen te bedingen voor onze aankopen(denken we)

27 juli. Weer een luie dag aan het zwembad. Een paar dames waagt zich aan een strandwandeling die weer eindigt bij een verkoper van souvenirs. De uitgelezen boeken worden met de groepsleden geruild, de kinderen doen mee met het entertainmentprogramma. ’s Avonds wagen we ons naar de Italiaan voor iets anders te eten dan die kaart die we nu al kennen. De grote kinderen gaan met Saskia naar de disco.

28 juli. We gaan met een bus naar Mombasa waar we zelfstandig de oude stad en/of het Fort Jesus kunnen bezoeken. We dwalen door de straatjes van de oude stad en raken in steeds nauwere straatjes. De mensen blijven vriendelijk Jambo zeggen en we voelen ons niet onveilig. We raken via een schoenenstraat in een lappenstraat en zo bij de groentes en kruiden. Dan slaat het gedrang en de warmte toe en besluiten we terug te gaan. We vinden een vriendelijke taxichauffeur die ons vlot terugbrengt naar het Reefhotel waar we opgelucht in het koele water zakken. De groepsgenoten komen gedurende de middag binnendruppelen met mooie verhalen over koffiehuizen en Indiase tempels, wij waren gelukkig met het zwembad en de rust. Die avond gaan we met fietstaxi’s naar de pizzeria om nog eén maal tesamen te eten. En dan is er een korte nacht en gaan we op terugtocht naar Nederland.

29 juli vertrek om 4 uur met de bus naar het vliegveld. We hebben enige woorden met de medewerkers over onze e-tickets maar we mogen allemaal mee. We zien de bovenkant van  Mount Kilimanjaro in het eerste ochtendlicht en dan landen we in Nairobi. Daar nemen we afscheid van Saskia.  De lange vlucht naar huis is gewoon en op Schiphol nemen we afscheid van de 5 mensen die niet naar het zuiden reizen met de trein. Dan halen we met de andere 15 dezelfde trein en zitten we nog tot Eindhoven na te praten over onze avonturen in Kenia.  Fijn, die treinkaartjes. Dan scheiden onze wegen.

Het was geweldig! 

 

 

 

 

Masai Mara in Kenia, een avontuurlijke dierentuin?

In het zuidwesten van Kenia ligt het wereldberoemde wildgebied Masai Mare. Onlosmakelijk verbonden met haar lokale inwoners, de Masai, is dit gebied een droom voor elke dierenliefhebber. De ‘big five’  (olifant, leeuw, neushoorn, buffel en luipaard) hebben hun habitat hier gevonden en doen zich tegoed aan ander wild of de ellenlange grasvelden in de ‘Mare’. Spektakel is de aankomst van de gnoes uit Serengeti, Tanzania, die na ‘de grote trek’ hier hun kalveren baren. Wie zich waant in een dierentuin, die heeft gelijk…. Maar wel zonder hekken!