Land van de megadiversiteit – Madagascar: een continent op zich
Volgens
een legende van lang, lang geleden, verlaten een man met de naam Koto
en zijn zoon op een dag hun dorp om in het bos honing te gaan
verzamelen. Ze blijven zo lang weg dat hun mededorpelingen
ongerust naar ze op zoek gaan.
Na een lange zoektocht merken de dorpelingen dat ze vanuit de
boomtoppen worden bekeken door twee grote indri indri. Ze concluderen
dat dit Koto en zijn zoon zijn, door een of andere magische bezwering
in indri veranderd. De indri indri, de grootste lemuur van Madagascar,
wordt in de omgeving van Andasibe vanaf die dag Babakoto genoemd: papa
Koto.
Na een politiek roerige periode is de rust op Madagascar weergekeerd.
Op reis met Djoser kun je weer volop genieten van dit bijzondere
eiland. Het Périnetreservaat bij Andasibe is het eerste nationale park
dat je bezoekt: een typisch tropisch bos in het oosten, bekend om zijn
grote variëteit aan orchideeën, maar vooral ook om de beroemde grote
halfaap die zo krijst dat het door merg en been gaat. Behalve deze
indri indri zul je in dit heuvelachtig gebied ook groepen kleinere
halfaapjes tegenkomen, enorm veel vogelsoorten en erg veel reptielen,
waaronder kameleons.
Bizarre levensvormen
Périnet is maar een van de ecologische hoogtepunten die we in
Madagascar aandoen. Het eiland beschikt over een ongekende diversiteit
aan flora en fauna. Alleen al de 12.000 soorten vegetatie vormen een
van de grootste collecties ter wereld. Daarvan zijn veel soorten
endemisch, die vind je dus nergens anders. Ook voor het overgrote deel
van de amfibieën, reptielen, zoogdieren en meer dan de helft van de
vogels moet je speciaal naar Madagascar.
Al in 1771 schreef de Franse natuuronderzoeker Joseph Philibert
Commerson dat de natuur van Madagascar zich lijkt te hebben
teruggetrokken in een afgezonderde wijkplaats om te werken aan vormen
die verschillen van vormen die elders zijn gecreëerd. Bij elke stap die
je zet kom je de meest bizarre en wonderbaarlijke levensvormen tegen.
Vanwege die schat aan buitengewone natuurlijke rijkdom
is het begrijpelijk dat Madagascar al in 1927, als een van de eerste
landen ter wereld, een nationaal stelsel van natuurreservaten
ontwikkelde.
Tegenwoordig telt Madagascar zestien nationale parken en 31 reservaten.
Samen beslaan ze bijna een achtste deel van de totale oppervlakte van
het eiland. Het beheer van deze parken en reservaten is in handen van
de nationale vereniging ANGAP, die ze in drie klassen heeft ingedeeld.
Daarvan behoren Périnet, Ranomafana en Isalo, die je met Djoser
bezoekt, tot de belangrijkste groep van vier parken en reservaten met
een ‘uitzonderlijk ecologisch en toeristisch potentieel’. De overige 43
zijn nog niet of pas gedeeltelijk geëxploiteerd, of alleen toegankelijk
voor biologen en wetenschappers die niet terugdeinzen voor moeilijke
omstandigheden.
Warm water
Het nationale park Ranomafana is, met zijn meer dan 39.000 hectare,
ruim drie keer zo groot als het geheel van parken rond Andasibe. Beide
gebieden hebben een vochtig tropisch klimaat, maar Ranomafana vangt
jaarlijks beduidend meer neerslag en de regenwoudvegetatie waar het
park om bekendstaat, is een stuk dichter dan het tropisch bos bij
Andasibe. Ranomafana betekent trouwens
‘warm water’, wat duidt op de warmwaterbronnen in het park. Er is ook
een klein thermaal zwembad, heerlijk na een wandeling door dit
fantastische woud met zijn vele varens, legio vogelsoorten en
bamboe-etende halfaap hapalemur aureus. Ook het bergachtige landschap
is spectaculair: granieten rotsblokken, diepe dalen en rivieren. De
watervallen in het park voorzien de regio van elektriciteit.
Het derde belangrijke nationale park dat je met Djoser uitgebreid
verkent, is Isalo. Geen regenwoud, maar kalkstenen rotsformaties uit
het Juratijdperk. Dit gebied van meer dan 81.000 hectare, is dan ook
veel droger dan Ranomafana en de omgeving van Andasibe. Het
zandsteenachtige gebied, afgewisseld met uitgestrekte graslanden, telt
veel riviertjes die smalle canyons vormen en is bekend vanwege zijn
watervallen, natuurlijke zwembad en verschillende soorten lemuren.
Isalo heeft ook een wonderbaarlijke vegetatie, waaronder verschillende
variëteiten olifantspoot (pachypodia), een soort vetplant met dikke
stammetjes, witte of rood/roze bloemetjes en korte, dikke bladeren in
losse rozetten.
Taboes
Niet alleen vanwege de eigenzinnige variëteit aan flora en fauna kun je
Madagascar beschouwen als een continent op zich, ook de
rijkgeschakeerde cultuur is vaak typisch Malagassisch. Het eiland telt
maar liefst achttien etnische groepen, die over het algemeen in vrede
naast elkaar leven. Je hebt op reis alle gelegenheid om kennis te maken
met aspecten van de cultuur die zowel Aziatische als Afrikaanse
elementen in zich heeft. Nog veel leuker wordt het als je je van
tevoren al een beetje in hun gebruiken verdiept, bijvoorbeeld in de
vele taboes, die hier fady’s heten. Zo kan het nuttig zijn te weten dat
men hier, om de voorvaderen tevreden te houden, nooit in de richting
van een graftombe wijst. Ingewikkelder is het
taboe op bepaalde voedingsmiddelen, dat verschilt namelijk per streek.
In de ene regio is vis taboe, in de andere varkensvlees en in een derde
moet je het niet in je hoofd halen om eieren te bestellen. Als
buitenlander word niet echt van je verwacht dat je het naadje van de
kous weet, maar bij twijfel kan het
natuurlijk nooit kwaad het even te vragen aan de plaatselijke
bevolking.
| Aan de informatie in deze artikelen en verhalen kunnen geen rechten ontleend worden. |




Volg ons op:
Tel: 071-5126400