Marokko

Reizigersdagboek Marokko 20 dagen (2)

Dag 10 – zéér vroeg
Toen wij om 3 uur ’s morgens i.p.v. half 4 gewekt werden, was de animo om deze jeeptocht te maken ver te vinden! Maar dat veranderde spoedig. Eerst werden de jeeps verdeeld. De rokers in de groep hadden besloten een rookjeep te creëren. Wij er maar bij. Toen we op weg waren bleek dat we een heuse Paris-Dakar chauffeur hadden. Nou ja, bijna dan. Hij week steeds even af van de route om even “lekker wild” te rijden. Dit had tot gevolg dat degenen die achterin zaten telkens met hun hoofd tegen het dak aanknalden. Maar ondanks dat was het echt keigaaf! Na deze rit (en een koffiepauze) kwamen we aan bij de rand van Erg Chebbi – de kleine woestijn. Prachtige zandduinen doemden voor ons op. Geweldig – die grootsheid. Uit het niets kwamen en er stuk of 6 als Toearegs geklede mannetjes op brommertjes tevoorschijn. Er werd ons een kamelenrit aangeboden, waar we geen gebruik van gemaakt hebben gezien de hoge vraagprijs. Toen liepen ze dus maar met ons mee. Toen we een geschikte duin hadden gevonden, bleven we daar zitten om de zon te zien opkomen. De opkomst van de zon was prachtig om te zien, maar er zaten wél zonnevlekken op (?!). Nadat iedereen uitgerold was en iedereen de zon had zien opkomen, reden we naar ons ontbijt. Dit bleek in een soort van Bedoeïnentent plaats te vinden, op een (soort van) camping. Het was heerlijk, heel uitgebreid met pannenkoeken met een stroopachtige zoetigheid erop. Het was een verademing na de zandvlagen die we op de zandduinen over ons heen kregen. Echter, er rees één vraag op: hoeveel zandkorrels bevat de woestijn? Ieder zou denken: niet aan beginnen, maar onze dappere natuur- en wiskundige begon het uit te rekenen. Ik geloof dat eruit kwam dat 1 zandduin 8 triljoen zandkorrels bevatte… Nou ja, ’t is maar dat je het weet. Na het ontbijt reden we terug naar Erfoud en er ontstond weer een soort race tussen de chauffeurs. Wij lachten zo hard dat de chauffeur nóg harder begon te rijden. Echt gaaf was dat! Toen we terug waren in ons geweldig luxe hotel, gingen velen uit de groep nog even zwemmen. Om 14.00 uur vertrokken we richting Tinehir. Helaas bleek dat steeds meer mensen ziek waren geworden. Morgen eerst maar eens uitrusten.


Dag 11 Erfoud - Tinerhir - Zagora
We rijden de klassieke Kashbaroute. We passeren de jonge “du Todra” de palmplantages vormen tegen de bruine achtergrond een aangenaam tegengesteld aanzien. Aan het eind van de middag bereiken we het hotel in de kloof. Het is warm, een aantal groepsleden is ziek. Dozen met water worden het hotel in gesleept.

De volgende dag om 10.00 uur start de wandeling door de Todra vallei. Met zijn tienen worden we naar Tinehir gereden. 3 personen laten zich in de plaats zelf afzetten door Moulay, terwijl 7 de wandeling door de vallei o.l.v. een gids gaan maken. De wandeling zal 2 uur duren.
Onze onofficiële gids vertelt over de planten die verbouwd worden. Voor mij was het heel bijzonder de verlaten Kashba door te lopen. Ruïnes met decoratieve elementen “de woestijn architectuur” zoals iemand van de groep het noemt. Oosters aandoende openingen, versierde muren en zelfs lemen pilaartjes hoof in de restanten van een 4 verdiepingen woning. 2 moskeeën, 1 alleen op vrijdag in gebruik en een waterput. We bezochten ook nog een tapijten annex zilverhandel met mooie, maar voor ons onbetaalbare, spullen
Het goedkope adres van Moulay had weinig keus, maar de kip was er heerlijk.
De anderen die in het centrum bleven aten brood met sardientjes in een park. Op de terugtocht lieten vier zich eerder uit de bus zetten om de terugtocht wandelend af te leggen. Anderen namen rust of wandelden de kloof nog verder in.
Jammer van de warmte, maar het was zeker een geslaagde dag, maar ook fijn om weer verder te kunnen.


Dag 12 Tinehir via Quarzazate naar Zagora
Een lange dag die voor ons vroeg begon, We passeren half uitgedroogde beddingen die echter zo breed zijn dat je je kunt voorstellen dat er een woeste stroom in een ander jaargetijde is. In de bergen zijn de aardlagen goed zichtbaar. Een gevarieerd uitzicht. Het is asfalt is 1,5 auto breed, maar we hebben zelfs meegemaakt dat er aan de weg werd gewerkt. We maken een paar keer een fotostop o.a. bij een kashba-dorp tussen de palmen.
De berbermarkt met vruchten, kruiden, sieraden en gebruiksvoorwerpen voor hergebruik.
Vervolgens een drinkpauze in een streek waar rozenwater geproduceerd wordt. Het betreden van de souvenirwinkel leverde meteen een bestuiving op waar je wee van werd – dus niets gekocht! De drankjes duur – de marsen wit uitgeslagen.
De lunchstop vond plaats in Quarzazate in een restaurant van 12.30 – 14.30 uur. Voor wie wilde was er brood met sardientjes en de onvermijdelijke Le vache qui rite, de anderen zaten achter hun yoghurtjes, net aangeschaft in een heuse supermarkt. Jammer genoeg waren we niet op de hoogte van de aanwezigheid van het zwembad en de lange pauze! Dus zaten we in vol ornaat naast het zwembad. Behalve de jonge jongens, die sprongen gewoon in korte broek erin. Niemand had zin om alle koffers uit de bus te laten halen en die op straat open te trekken om je zwemgoed te vinden.
De antiatlas gaan we via een kronkelige route in – indrukwekkend. Nog eenmaal een drinkstop en dan eindelijk “het paradijs” (zwembad en airco).


Dag 14 Kamelentocht in Zagora
We beginnen de ochtend met een lekker ontbijtje. De dag ziet er als volgt uit: lezen en zwemmen en aan het eind van de dag een spannende kamelentocht naar de woestijn, inclusief bivak. Vooral over dit laatste gaat ons verslag.

Om 17.00 uur sta ik bij de kamelen, de zenuwen gieren nu echt door mijn lijf. Waar ben ik aan begonnen? Ik voel dat er geen weg terug is. Gelukkig hoor ik van Roëlla, de reisbegeleidster dat er maar drie mannetjes meegaan. Die zwerm “Arabieren” in Erfoud zitten nog vers in mijn geheugen. Het is een feestelijk gezicht. De vrouwen hebben allemaal een kleurrijke doek om hun hoofd. Ook onze mannen zien eruit als echte “Arabieren”. Met één verschil: het zijn echte leuke Hollands denkende jongens!
Hans en Niels zijn gekleed alsof ze uit de film “Out of Africa” zijn gestapt.
Met een leuk clubje van 12 avonturiers reizen we straks af naar the middle of nowhere. Hidde, compleet zichzelf, wordt al meteen door onze begeleider Ali Baba genoemd. Een hoog gilletje geeft aan dat Simone als eerste op de kameel zit. Gelukkig stelt Simone me direct gerust: “Het is niet eng, het valt best mee”. Een beetje verdwaasd kijk ik rond. Steeds meer kamelen komen overeind. Er heerst een giechelende stemming. Ik zoek een grote kameel uit, mijn tas wordt aan een stang gehangen en ik klim op zijn rug. Het is net een breed paard. Omdat ik op de kameel met de watervoorraad zit, zit ik vrijwel in spagaat. Als de kameel overeind komt, is dit aan fantastische ervaring. Om mij heen zie ik een en al vrolijkheid. We hebben er zin in! Het feest kan beginnen. Ik maak nog snel een paar foto’s, voordat de kameel wiebelend en schokkend in beweging komt. De andere groepsleden wuiven ons uit. Ik kijk naar hun gezichten en zie dat sommigen het mis-schien nog spannender vinden dan ik. Ik voel dat het leuk gaat worden. De kameel schudt met door elkaar. Ik probeer een beetje het ritme aan te houden en leer al snel van Linda dat ik me moet laten meevoeren met de kameel. Handen los en ontspannen maar!
Achter mij 4 groepsleden en Victoria heeft, naar zijn zeggen, een vervelende kameel. De kameel heeft een “verkeerde” bult, waar zij niet zo goed op kan zitten. Ook Niels zit nog niet lekker. Hij zit juist achter de bult i.p.v. voor de bult. De kameel van Hand, Charles genaamd, is wat nerveus. Misschien voelt een kameel de gemoedstoestand van zijn berijder wel heel goed aan.
Als we na een tijdje gezellig naast elkaar rijden, krijgen we al weer wat meer praatjes. De omgeving is prachtig en de drie mannetjes zijn zowaar echt aardig. Onderweg kijken ze regelmatig om hoe het met ons gaat en ze zijn ons heel gedienstig. We hobbelen gestaag (voor sommigen nog te langzaam) door richting ons kamp. We zien de zon in het zand zakken. Een beetje teleurgesteld ben ik, als blijkt dat de Sahara er niet zo uit ziet zoals in Erfoud. Die mooie zandheuvels mis ik wel.
Het kamp is bij aankomst al gereed. We hoeven niets te doen. De kamelen worden op vriendelijke wijze ontzadeld. Een beetje onwennig sta ik rond te kijken en zie dat een van de begeleiders matrasjes en kussens voor ons neerlegt. We worden vriendelijk verzocht hier te gaan rusten.
Het is al donker en de sterren komen voorzichtig te voorschijn. We nemen de interessante informatie van onze reisbegeleidster als een spons tot zich. Het valt mij op dat veel groepsleden iets over de sterrenhemel weten te vertellen. Ik zie veel vallende sterren. We wijzen elkaar van alles aan. De sfeer is uitstekend. Het doet mij denken aan een werkweek. Al snel begint mijn maag aan te geven dat het etenstijd is. Ook anderen beginnen hierover. Zouden we wel iets te eten krijgen? Marianne en ik hebben een klein zakje chips bij ons. Voordat we deze open maken doen we ons eerste raadsel. Niels moet de groep verlaten en Hans geeft de opdracht: je bent degene die links van je zit. Niels is de psycholoog die onze kwaal moet achterhalen d.m.v. een paar slimme vragen. Terwijl hij dit doet, genieten wij van de chips (±2 chipjes p.p.). Al snel komen er meer raadsels. Een paar hongerigen trekken de stoute schoenen aan en lopen naar de kooktent. Daar blijkt dat ze een heerlijke pan voedsel aan het bereiden zijn voor hun Hollandse gasten. Het eten is helaas niet vegetarisch. Marianne en ik eten de aardappelen en de wortelen die naast de kip liggen. Een ander eet stiekem van de kip en geniet er met volle teugen van.
Na het eten proberen een paar te gaan slapen, maar al snel zitten er weer een paar overeind en babbelen een paar uurtjes door.
Om 3 uur worden we gewekt. Erg uitgerust voel ik me niet. Het is nog erg donker. Ik zoek samen met Marianne een mooi plasplekje en als ik terugkom staat de thee, het brood en de jam al klaar.
In het donker klim ik even later weer op de kameel. Het is nu een stuk moeilijker om het ritme te pakken te krijgen. Het kost me veel meer moeite dan gisteren. Alles doet pijn. Mijn benen schuren langs de manden en worden schraal. Ik probeer een andere houding, maar erg comfortabel is het niet.
Halverwege stappen Victoria en Simon af en wandelen terug. Slim. Ik wil dit eigenlijk ook wel graag, maar ach… ik ben stoer (en stom) en blijf zitten. Aangekomen bij het hotel voel ik pas echt dat ik beter had kunnen afstappen. Alles doet pijn, maar ik ben een leuke ervaring rijker.


Dag 16 Marrakesh
Marrakesh is een verademing na de woestijn. Een ruime en open stad, vrouwen in hemdjes en kort gerokt, we mogen er weer enigszins zijn als vrouw. Ons hotel ligt op een steenworp afstand van het plein Djemaa el Fna. ’s Avonds genieten we er volop. Een henna tatoeage op mijn voet door één van de vele gesluierde hennavrouwen. Op lage krukjes zitten ze over het grote plein verspreid, naast slangenbezweerders, acrobaten, Afrikaanse dansers, medicijnmannen, apen-dresseurs en omgeven door meer dan 60 genummerde kraampjes waar verse jus d’orange aan de lopende band wordt geschonken. De rookwolken over het plein, een magische sfeer, zijn afkomstig van talloze eetstalletjes waar iedereen continue aan lage tafels aanschuift.
De hennavrouw vroeg om een sigaret, stiekem sloeg ze haar sluier even op om een trekje te nemen, De eerste rokende gesluierde moslimvrouw die we tegenkwamen.
De gids die ons zessen de volgende ochtend de stad liet zien haalde het niet bij die uit Rabat en Fes. Hij troonde ons met name mee naar bevriende verkopers en vertelde weinig. We zagen het museum van Marrakesh en de Soukh. Ik kocht een djellaba en liep er een tijdje in, toch een vreemd gevoel. ’s Middags met z’n tweetjes het medina weer in. De souvenirs moesten nu echt gekocht. We leerden te zeggen dat we uit Denemarken komen en vooral niet uit Nederland. Dan verschijnt er een glimlach en is alles ok. Nederlanders hebben blijkbaar een slechte reputatie: kijken, kijken, niet kopen, wordt ons steeds nageroepen.
Twee Deense meisjes dus in de soukh. We kochten twee tajine’s, Alies eindelijk het langverwachte bord, Marokkaanse sloffen, henna plus opbrengspuit en kohl voor mijn ogen.
Moe maar voldaan terug naar het hotel. Hoe krijgen we in hemelsnaam deze souvenirs heel mee naar Nederland.
’s Avonds een diner bij een Joodse familie. Zij koken voor en ontvangen altijd veel Joden op bezoek in Marokko. Deze avond waren wij de genodigden. Een familielid en Esther, dochtertje van de gastvrouw, haalden ons op bij het hotel. Een wandeling van 20 minuten bracht ons bij de riante woning in de Joodse wijk. Een lange tafel stond gedekt in de open binnenplaats van het drie verdiepingen tellende huis. Ingemaakte groenten als paprika en wortel, auberginesalade, groene pepers, komkommer en broodjes., We waren nog niet aangeschoven of de vis en omelet werden ons al aangeboden. Binnen een uur kwamen vele heerlijkheden achter elkaar uit de keuken, we genoten volop, maar kregen geen tijd om even achterover te leunen. Na anderhalf uur stonden we weer buiten, nadat de gastvrouw Roëlla dringend had verzocht meer geld te betalen dan afgesproken. Een domper op deze gastvrijheid en heerlijke maaltijd.
We sloten de avond af op Djemaa el Fna af met nog meer tatoeages en verse jus.
Nog een ochtend in deze prachtige stad voor we vertrekken naar Essaouira.


Dag 18 Essaouira - De ontmoeting met Karel
Na een vrij korte reisdag naderden we Essaouira. Maar voordat het zover was eerst nog een laatste fotostop voor een overzichtsfoto van het pittoreske stadje. Bij het zien van de aanwezige kamelen trokken sommigen een pijnlijk gezicht vanwege de nog steeds schraal zijnde bilpartijen. Een rit van slechts 10 minuten voerde ons verder naar het witte stadje. Daar werden we opgewacht door een leger bagage soldaten. Gewapend met hun karretjes kwamen ze dreigend op onze toeristenbus af. Na wat onderhandelingen van Moulay kreeg één man de eer.
Na een warme douche en een moment van rust besloten we met elf personen vis te gaan eten bij één van de vele tentjes langs de visafslag. Zelfs de kip was het neusje van de zalm, de plaatselijke kat beaamde dit. Na dit heerlijke maal volgde koffie in een artistieke omgeving. De hierop volgende zoektocht naar de wijn liep uit op niets (de verkopers deden alsof ze nog nooit van “vin rouge” gehoord hadden), maar desalniettemin was het een heerlijke avond.

Tijdens het ontbijt werd besloten dat Karine met ons naar het strand zou gaan en Niels met de familie. Zo werden anderen ook verzekert van een rustige dag (?) De dag werd ingevuld met luieren op het strand (waar de vrouwen gekleed waren voor een expeditie naar de zuidpool), strandwandelingen en terrasjes.
Niels kreeg onverwachts een onbegrijpelijke rondleiding over de haven van een “zuurstok”. Met de gemaakte gebaren, de enkele verstaanbare woorden en je eigen fantasie werd het toch nog een kloppend verhaal.

’s Avonds werd besloten om met z’n vieren in het stadje te eten, om Niels van nog een avond vislucht te ontlasten. Het werd een heerlijke maaltijd in een restaurant met zeer vriendelijk personeel. Toen we op het punt van vertrek uitgenodigd werden om te blijven luisteren naar een live optreden van een Berber trio moesten we helaas weigeren want om 21.00 uur hadden we in het hotel afgesproken om wijn te drinken op het binnenplaatsje. Deze werd gedronken uit Marokkaanse whisky glazen, erg lekker!
Omdat we ’s morgens vroeg op moesten staan werd besloten op tijd onze bedden op te zoeken, maar voordat we onze ogen konden sluiten merkten we Karel op. Dit was de kakkerlak die Niels de vorige avond ook al had ontmoet. Maar omdat het een kamer met slechts twee bedden was, besloten we hem dit keer niet de deur te wijzen, maar om rigoureuzere maatregelen te nemen.
De volgende bezoeker van kamer 19 zal nooit meer kennis maken met Karel, want zijn nieuw thuis is het rioolsysteem van Essaouira!
Na het inpakken van de tassen sloten we alsnog onze ogen.

De volgende dag volgde een reis naar Casablanca, wat door vele van ons dankbaar gebruikt werd om uit te rusten van de vele avonturen in Essaouira en om de roodverbrande huid wat te laten herstellen.
Kortom een mooie afsluiting van de vele indrukken en inspanningen in dit bijzondere land!


Dag 19 De laatste dag
Jammer dat we vandaag Essaouira moesten verlaten. Ik had in dit leuke stadje nog wel een dag langer kunnen doorbrengen. Maar zo vergaat het de reiziger… De koffers gingen op 2 karretjes naar de bus. Wij erachteraan. De bus vertrok om 8.10 uur. Doel was Casablanca. We volgden de kustweg. Dus soms prachtige vergezichten over de kust en de Atlantische Oceaan. Soms prachtige zandstranden en duinen, soms steile rotsen die aan Normandië deden denken. Ik moest denken aan de eerste ontdekkingsreizigers die deze kusten verkenden, de Larthagers en 2000 jaar laten de Portugezen. Het zag er allemaal nog leeg en verlaten uit. Zullen ook hier in de toekomst rijen hotels het beeld bepalen? De eerste stop was in Safi. Hier veel industrie: fosfaat, kunstmest. We konden er nog wat aardewerk kopen, de prijzen waren laag. Omstreeks het middaguur werd er geluncht in Ouadida. De bodem van de kist met dirhams komt in zicht, dus er moest met beleid uit de menukaart worden gekozen. Interessanter was het derde oponthoud, halverwege de middag in El Jadida. Dit is eind 15e eeuw al veroverd door de Portugezen, die er een groot fort bouwden. Om lange belegeringen te kunnen doorstaan bouwden zij een ciskane, een waterreservoir. Dit natuurlijk bezocht. Altijd weer mooi: zo’n onderaards gewelf met zuilen en (spits)bogen die zich spiegelden in het water tot een volmaakte symmetrie, met steeds één opening waardoor een baan zonlicht naar binnen viel. We zagen op deze reis weinig van zulke zuilenhallen omdat de interieurs van de moskeeën nu eenmaal voor ons verboden waren… We zochten ook naar de synagoge, die we vonden boven op de omwalling. Uiteraard in onbruik en afgesloten, maar heel duidelijk herkenbaar! Bij de nadering van Casablanca passeerden we een plek waar kort tevoren een ernstig verkeersongeluk had plaatsgevonden. Twee auto’s total loss. In een weiland lag een eenzaam motorblok… Reikhalzend keek ik daarna uit naar de 200 meter hoge minaret van de Hassan II moskee en ja hoor…. We reden zo dat we vrij dichtbij het monumentale gebouw kwamen en nog enkele foto’s konden maken. Daarna kwam Hotel Excelsior al in zicht. Alle koffers en losse spullen uit de bus en tegen de trap van dit riante gebouw opgezeuld. Prachtig hoor, alleen we moesten helemaal niet in dit hotel zijn. Dus alles weer ingeladen. Pffff! Pffff! Maar geen onvertogen woord, zelfs geen binnensmonds gemompelde verwensing. Wat zijn wij toch een makkelijke groep! Hotel Casablanca (originele naam!) stond in een ietwat mistroostige uithoek van de stad. In de omgeving was weinig te beleven. Leuke eethuisjes ontbraken. De meeste van ons aten dan ook maar in het hotel en gingen daarna vroeg naar bed.


De allerlaatste dag
Al om 2.45 uur op. Om 3.30 ontbeten. Om 4.10 met twee busjes naar de luchthaven Mohammed V. Onderweg konden we nog één keer genieten van de samenstand van de planeten Venus, Jupiter en Saturnus boven de oostelijke horizon. Op de luchthaven ging alles vlot.

Klantwaardering

8,8

15 dgn Marokko, wat een fantastisch reis, zo veel gezien en...
15 dgn Marokko, wat een fantastisch reis, zo veel gezien en beleefd, een absoluut aanrader! De reisleider Sjoerd is een ongelooflijk verteller: geschiedenis, feiten, weetjes...Sjoerd heeft zijn passie met ons gedeeld en heeft voor gezorgd dat ik zal kijken naar een nieuwe Djoser reis met hem!

Claudia N. - 10,0
Terug naar boven