Peru

Van Rio de Janeiro naar Lima juli

VERSLAG/DAGBOEK VAN RIO DE JANEIRO NAAR LIMA IN 28 DAGEN
zaterdag van 7 juli t/m vrijdag 3 augustus
- - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - -

Een ieder beschreef om beurten een of twee dagen, alleen Arie en Karin deden niet mee.
(Elke tekst begint tussen haakjes met de schrijver/schrijfster van die dag/dagen.)

(Myriam) zaterdag 7 juli Een prima vlucht, verzorgd door de KLM, bracht ons naar Sǎo Paulo.
De vlucht van Sǎo Paulo naar Rio de Janeiro duurde maar 40 minuten, prima vliegtuig van GOL. In Rio stond Pauline onze reisbegeleidster op ons te wachten. In het hotel lagen de sleutels al klaar en we konden zo de kamers betrekken. Het zijn prima kamers in het Copasul Hotel. De ligging is perfect, één straat van het bekende strand Copacabana af. Na een verfrissende douche zijn we het bed ingedoken.

(Marianne) zondag 8 juli Wat is Rio de Janeiro leuk, zeg!’s Morgens was ik gewoon op tijd wakker om nog te kunnen ontbijten en bij de briefing te zijn om 10.15 uur. We hebben aan het ontbijt Pepijn en Greta ontmoet, die al een paar dagen in Rio waren. Ze zijn nl. net getrouwd en dit is hun huwelijksreis. Wij kenden elkaar verder natuurlijk allemaal al, maar met die twee leuke, jong. Na de briefing hadden we een superdag. Het klimaat hier is heerlijk en Rio is heel informeel. Iedereen loopt erbij zoals hij wil en de edele delen zijn zeer schaars bedekt, maar net genoeg. Jaap en ik hebben ’s morgens gewandeld op de Copacabana en naar het fort op de Ipanema en we hebben onze ogen uitgekeken! Ook hebben we genoten van lokale drankjes en hapjes, zeer goedkoop! ’s Middags zijn we met de anderen naar de oude stad gegaan, samen met Pauline. We gingen met de lokale bus, een avontuur op zich, want de chauffeurs beschouwen de weg als een racebaan! Werkelijk alle chauffeurs doen dat!
Het was zondagmiddag en bijna alles was gesloten en het was heer stil en rustig. Apart! In de oude stad kun je heel mooie, oude koloniale gebouwen bewonderen, helaas zijn vele behoorlijk vervallen.
Uiteraard zagen we hert imposante Christusbeeld in de verte, sinds een paar dagen uitgeroepen tot één van de wereldwonderen. We zijn ook gaan kijken naar de moderne kathedraal ‘Cathedral Metropolitano’, die prachtig weerspiegeld wordt in een glazen gebouw er schuin tegenover. Ik persoonlijk vind de kathedraal niet echt mooi, maar ik ben wel blij dat ik hem gezien heb.
Na een paar gezellige biertjes. Op een door de zondagsrust moeilijk gevonden terrasje, gingen we eten in een ‘kilo-restaurant’ vlakbij het hotel. De portie die je opschept wordt steeds gewogen en de prijs is per kilo. Grappig hè! En het eten was lekker en het belangrijkste: het was heel gezellig.

(Bep) maandag 9 juli We zijn met een groep gisteravond weer gaan eten in het ´kilo-restaurant´. Allemaal ander eten en weer heel lekker. Maar nu loop ik op de zaken vooruit. Eerst nog dit.
 
Deze maandag gingen we, weer met openbaar vervoer, naar het Christusbeeld. Met een treintje omhoog, gelukkig niet lopend. Het is een prachtig groot beeld, 30 meter spanwijdte, 28 meter tussen de handen. Maar dat het uitgeroepen is tot wereldwonder is voor ons merkwaardig. De Eifeltoren of de Deltawerken (Neeltje Jans) zijn al indrukwekkender. Het uitzicht is schitterend, Het was wat nevelig, maar we konden ver kijken. Het is trouwens ook leuk om te zien in welke standjes de mensen foto’s staan, zitten, liggen te maken. Daar boven op het terras smaakte de koffie prima. We zagen er dieren tussen de bomen. We weten wat het was, althans een paar dachten het te weten, maar op de naam konden we niet komen.Met de kabeltrein naar beneden: stukje lopen en dan de bus weer in, op naar de Suikerberg. Pauline beloofde te gaan lunchen op een terras aan het water. Nou, Pauline, je had gelijk: een fijn plekje en lekker eten.
 
We gingen daarna in de gondel in twee etappes naar boven. Een paar van ons bleef beneden. Te bang? Dit uitzocht is nog veel mooier dan bij het Christusbeeld. Tegen de tijd dat wij boven waren, was er wat bewolking gekomen. Dit maakte het alleen nog maar specialer. De wattenwolken halverwege de bergen waardoor de punten er uitsteken, schitterend. Even later zaten we zelf helemaal in een wolk, het werd fris en er was alleen maar licht grijs te zien. Als dan zo’n wolk weer weg was, kwam er een adembenemend uitzicht. Prachtig om mee te maken. We hopen dat de foto een beetje weergeeft hoe mooi het was.
 
Beneden stonden de anderen al op ons te wachten. We staan een poosje op de bus te wachten, stopt er een klein busje. Deze brengt ons naar Copacabana terug. Daar besluiten we op de boulevard op een terras wat te gaan drinken met z’n allen. Heel gezellig. Het bier, de cocosmelk met rum en caipirinha smaken uitstekend. Terwijl we daar zitten, willen allerlei mensen ons iets verkopen: bijv. horloges, omslagdoeken, petjes, T-shirts, ritstasjes, bloemen, tours, kettingen, broches van Brasil, vlaggen en pinda’s. Dit laatste is het enige dat gekocht wordt. Ze waren warm en lekker. Omdat het koud werd en donker zijn we opgestapt, maar anders hadden we daar nog uren kunnen zitten bij de zee en het strand. De jongens van het kraampje waren wel blij met ons. Oane heeft nog gezwommen in de zee. We hebben (leeg gedronken) cocosnotenwerpen in een container op afstand gedaan. Dat is heel lastig. En dan, waar ik mee begon te schrijven, gaan eten bij het ‘kilo-restaurant’.

(Bep) dinsdag 10 juli Vandaag een reisdag naar het eiland Ilha Grande. Er is afgesproken 11.30 uur vertrekken. ’s Morgens doet ieder nog z’n ding. Jaap heeft bijv. nog een korte broek nodig. Wij kopen lekkere broodjes voor de lunch. Er wordt geld gepind, enz. We vertrekken plm. 12.00 uur in een heel comfortabele bus. We zijn om 15.00 uur bij de boot met één plasstop van 10 minuten. Dag, dag, dag Rio, we zullen je waarschijnlijk nooit weer zien (maar dat zal wel voor alle plekken op deze reis gelden). Je bent ons goed bevallen: mooi, zonnig, warm, spannend, heftig en relaxed.
De busreis verloopt soepel. Vanaf de plasstop wordt het mooi, echt fraaie vergezichten. De boot is behoorlijk vol en dan niet alleen met mensen, maar ook met goederen. Ze hebben van alles bij zich, zoals groente, fruit, knoflook, wc-papier, enz. enz. Het is een tochtje van 1½ uur. En dan kom je op
een ‘bounty-eiland’.
  
We worden opgewacht door een jongen met een kar. Hier gaan de zware koffers en tassen in/op en wij lopen er achter aan. De bagage van de plaatselijke bevolking werd grotendeels via de ramen van de boot doorgegeven aan de wachtenden op de kade. Het was een drukte van belang. Alles in karren, want er is geen autoverkeer op het eiland.
Het is een aardig hotel met binnenplaats. ´s Morgens vroeg om half zes hoor je de vogels al. In het hotel spreken we af wie er mee wil eten vanavond, half zeven in de hal. We zijn met z´n 7-en. We gaan naar LUA & MAR, een restaurant op het strand. We zakken met de stoelpoten in het zand. Het ruisen van de zee, de branding komt tot een halve meter van de stoelen, sterrenhemel, kaars op tafel, aardige bediening, lekker eten en drinken. Wat wil een mens op vakantie nog meer … naar bed.

Oane) woensdag 11 juli Ilha Grande, een paradijsje. Wat een rust en stilte op dit eiland na alle hectiek van Rio. Nu alleen maat stilte en af en toe wat vogels.Door ons strakke schema hadden we maar 1 volle dag op het eiland. De receptioniste van het hotel pochte nogal over Lopes Mendes, dat het mooiste strand van Brazilië zou zijn. Wat zeg ik, van de wereld! Dit was genoeg reden om daar naar toe te willen. Nu is Ilha Grande autovrij. De enige uitzonderingen die ik heb kunnen ontdekken is de vuilnisophaaldienst en de politie. Wat de politie met een auto moet, is mij volstrekt onduidelijk. Alleen in de hoofdplaats Abraǎo is een paar begaanbare wegen voor een auto. Lopes Mendes is derhalve alleen bereikbaar per voet of per boot. De voettocht duurt ongeveer 2 uur. Ik was in m’n eentje vertrokken en had eerst een ander strandje bezocht. Daarna overgestoken van de ene kant van het eiland naar de andere kant. Aangekomen bij een strandje na toch wel een flinke klim zag ik enkele van mijn reisgenoten al zitten: koffiepauze. De rest van de reis/wandeltocht met hen meegelopen. In Abraǎo was het nog redelijk weer toen we vertrokken. Op zich niet erg want koud was het niet. Aangekomen bij Pousso, het strandje vóór Lopes Mendes, daar waar het bootje voor de terugreis vertrekt naar Abraǎo, begon de nevel zich te verdichten tot lichte regen. Dit had ook tot gevolg dat de paden glad werden. Vooral bij het dalen was het uitkijken geblazen. Zo dicht bij het einddoel werd toch besloten door te gaan. Nog 20 minuten doorlopen. We kwamen alleen maar mensen tegen, met ons mee liep nagenoeg niemand. Lopes Mendes hoor je eerst, daarna zie je het pas. Mooie grote golven en een helder wit strand. Door de weersomstandigheden hadden we het strand helemaal voor onszelf, met uitzondering van een half dozijn fregatvogels in de lucht. Uiteraard moest er gezwommen worden. Het omkleden was onder het gebladerte van een boom, enigszins beschut voor de regen. Het water was verrassend lekker. Misschien ook wel omdat het verschil tussen lucht- en watertemperatuur niet zo groot was.Na het afdrogen en aankleden weer 20 minuten terug naar het bootje. Voor 10 reais p.p. konden we mee terugvaren. Erg goed besteed geld, want de paden waren nu glijbanen met alle nattigheid. We hadden nog een kwartiertje tot de boot ging, dus die kon besteed worden bij een strandtentje met een cuba libre (het bier was op). Na een koude terugtocht heerlijk gedoucht. Daar doe je het allemaal voor! Na een half flesje wijn honger gekregen. In één van de restaurantjes die het eiland rijk is, een pizza gegeten waarna de avond werd besloten met een caipirinha aan het strand, maar wel onder een afdak want het regende nog steeds.
Na een fijne nacht (lekker koel) en een heerlijk ontbijt met alweer vers fruit de boot terug naar de ‘vaste wal’.  Ik schrijf dit nu op de boot, vandaar het handschrift. Dit heeft niets te maken met alcoholgebruik, maar komt van de deining. Excuses hiervoor.

(Pepijn) (ook) woensdag 11 juli Ilha Grande was groots. Greta en ik begonnen ’s morgens tegen tienen vol goede moed bij T1, de eerste bezienswaardigheid, om in die ene dag zo veel mogelijk nummertjes af te lopen. We zijn niet verder gekomen dan T2, en dat al slechts met hulp van een Braziliaan, Antonio. Maar het was zeer de moeite waard! Na een leuk strandje en een paar ruïnes gingen wij linksaf, de jungle in op zoek naar T2. de waterval. Eerst nog het aquaduct bekeken uit 1893, erg indrukwekkend, en toen door, een klein glad slingerpaadje de bergen. We hadden er stevig de pas in, want we wilden nog veel zien. We haalden zelfs een local in die de reis op blote voeten waagde. Na enkele kilometers moesten we, met bezwete rooi koppen, toch echt een versnelling terugschakelen. En nog steeds geen waterval. En geen mens meer te zien. En onduidelijk bordjes met iets van ‘retorne’ erop. Toen ineens uit het oerwoud een keihard geluid. Het klonk als een kikker van twee meter, of als een startende brommer. Onzeker als we waren over het paadje, en niet echt gerust op het beest in de bomen voor ons, besloten we maar te keren. En wie kwamen we tegen toen we net een paar honderd meter op de terugweg waren? Antonio, op blote voeten, heel relaxed wandelend. We vroegen waar het pad heen leidde en hij nodigde ons uit met hem mee te wandelen. We hebben prachtige plekjes langs de waterval gezien en schitterend gekleurde vogels. We zijn nog doorgelopen naar een piepklein strandje en uiteindelijk weer veilig terug in het dorp, na een wandeling van vijf uur, alwaar we onze redder en gids uit dank de nodige biertjes en hapjes gevoerd hebben voor het weer op de boot naar het vaste land moest.’s Avonds in het hotel eerst bij de buurjongens een fles rum geleegd, het was één van hun zijn verjaardag, Portugese en Nederlandse smartlappen gezongen en toen in het dorp een daghap gegeten: ik gebakken vis en Greta kaaspannenkoek. Als dessert nog een açai gehaald, wat bevroren fruitpulp met croesli, honing en banaan bleek te zijn en toen, enigszins tipsy, naar bed.
(Pepijn)

donderdag 12 juli Vandaag dan de reis naar Paraty. ’s Morgens, met pijn terug naar de boot vanaf Ilha Grande. Ik had daar best nog wat langer willen wandelen. Vervolgens een dolle rit van ruim een uur in een klein busje. Ik was blij toen we er weer uit mochten. Een heel mooi hotel hier. Het bezichtigen van de oude stad viel een beetje in het water … de halve stad stond onder water. Deze tijd van het jaar komt de vloed soms extreem hoog. Maar een paar uur later was het water al weer bijna weg.
 
Het stadje met zijn keistraatjes is wel echt een bezienswaardigheid, heel Portugees. Fotootjes maken en morgen vroeg weer weg …

(Myriam) vrijdag 13 juli Van Paraty, via vliegveld Campo Grande (Sǎo Paulo) naar Bonito.
Na een zeer goed ontbijt in El Principi te Paraty zijn we om 07.30 uur vertrokken. Het was een klein busje. Voor de smalle mensen achterin is het het beste reizen. Gelukkig hadden we een goede chauffeur. Onderweg hebben we twee maal een koffie-/plaspauze gehad. Het was een lange rit van 5 uur. Onderweg veranderde het landschap, van de kust met de prachtige baaien bogen we het binnenland in. Er kwam een bergrug van 950 meter die we heel langzaam opkropen. Er waren prachtige vergezichten met bevel, ook de begroeiing was tropisch en de temperatuur steeg langzaam. Tijdens een pauze werden er op die plek ook leren cowboyhoeden, koeienhuiden en schapenvachten verkocht. In de bus is bijna iedereen in slaap gevallen. Onderweg passeerden we oude vrachtwagens, volgeladen en met rokende, stinkende uitlaten. Op het laatste stuk richting vliegveld Sǎo Paulo, + 140 km snelweg, liepen af en toe ook mensen. Levensgevaarlijk! Toen we Sǎo Paulo naderden, waar ons vliegtuig naar Campo Grande vertrok, zagen we de smog al hangen. Tjonge, wat ’n stad, vol met wolkenkrabbers en auto’s. Dat hadden we allemaal bij aankomst in Brazilië op de eerste vakantiedag, niet gezien! Gelukkig hadden we geen, om 13.00 uur kwamen we op het vliegveld aan. Inchecken bij TAM en naar de gate. Snel nog ’n lunchje gegeten. Het is wat nevelig, de purser vertelde dat het 85 minuten vliegen is. We krijgen tijdens de vlucht 2 drankjes en een hotdog. Prima toch! Een voortreffelijke landing op Campo Grande. Even snel geld gewisseld bij de automaat en met de bus weer een tocht van 4 uur rijden. Een totaal ander gebied. Vlaktes met ontelbare koeien, af en toe een boerderij, zeer weinig verkeer, af en toe een bermbrandje. Volgens een local ‘door de sigarettenpeuken aangestoken’. De weg is lang, na + 2 uur een dinerbuffet langs de weg. Stoofvlees, bonenrijst, rauwkost. Natuurlijk een lekker biertje ‘chopp’ erbij. Tevens serveerde men nog een steak met uien en gebakken ei erbij. Koffie toe. Er waren in de gelegenheid allerlei ‘ranch spullen’ te koop, opgezette koeienkoppen, vellen, houtsnijwerk en goedbedoelde rommel. Na nog 2 uur in een verlaten gebied gereden te hebben, het was al donker, kwamen we in Hotel Bonsai te Bonito aan. Een vriendelijke ontvangst met uitleg voor de komende dagen. De kamer zijn eenvoudig maar schoon. Een elektrische douche … even opletten dus. De caipirinha aan de bar en de bevroren cerveza smolten de gevoelens. Welterusten.

(Jaap) zaterdag 14 juli We zitten in Bonito dus en na een goede nachtrust en weer een uitstekend ontbijt was een ieder gereed voor de geplande ekskursie (excursie). We zouden twee dingen doen vandaag, een boottochtje over de rivier en snorkelen in een rivier. Het zou een dag duren.
Met een busje werden wij gebracht naar de rivier -?-, onderweg zagen wij tal van vogels, ook de toekan met zijn grote snavel. Bij de afmeerplaats stond een grote rubberboot met twee roeiers klaar. Hoewel de zon niet scheen werd de druk met zonnecrème in de weer gegaan. Je weet per slot van rekening nooit! We moesten allemaal een reddingsvest om en moesten een paar keer oefenen wat te doen als we een barrage, zeg maar watervalletje, over moesten. De vraag was: fototoestel meenemen of niet? Je kon tenslotte omslaan. Enkelen hebben het gevaar getrotseerd en die hebben nu leuke foto’s. Gelukkig voor de rest ging er ook nog een mannetje mee per kano die alles op de gevoelige plaats vastlegde. We zagen veel vogels, vraag mij niet welke allemaal, veel vissen en het mooiste vond ik persoonlijk een kaaimannetje dat langs kwam zwemmen, het was echt een schatje! Sommigen hebben nog een neusbeertje gezien en de gids zelfs nog een aap. Leuk was het nemen van watervalletjes, wat ons natuurlijk nat maakte. De roeiers maakten nog een geintje door de boot zijwaarts een watervalletje te laten nemen, waardoor wij een extra lading water over ons heen kregen.
     
Na dit leuke boottochtje werden wij weer in het busje gezet om naar de rivier Sucuri te gaan om te snorkelen. Onderweg weer veel vogels, een plat gereden gordeldier en een plat gereden vosje gezien. Op de plaats van bestemming kregen wij een heerlijke lunch, konden we wat in de omgeving rondlopen, op ligstoelen een tukkie doen en sommigen zelfs in een hangmat. Dezelfde drie zwemmers op Ilha Grande gingen zelfs zwemmen en kon onder een waterval schoon spoelen. Lekker relaxen dus.
 
Voor het snorkelen werd de groep in tweeën gesplitst en ik bleek in de eerste groep te zitten. We kregen een pracht van een wetsuit aan, een reddingsgordel en een paar rubberen schoenen. Onder leiding van een gids en een fotograaf gingen wij door de natuur op pad naar de rivier Sucuri. Onderweg kregen wij her en der nog was leuke dingen van de natuur te zien. Wat ik wel aardig vond was een ficus die in een palmboom groeide en uiteindelijk de palmboom door zijn wortels de grond uit trok.
Bij de rivier kregen wij instructies hoe te snorkelen en wat wij wel en niet mochten. Je mocht bijvoorbeeld niet met je voeten op de bodem staan. Er lag kalk op de bodem en zou je er op staan, dan werd het water troebel en kon je niets meer zien. Er werd nog een leuk fotootje van ons gemaakt
 
En daar gingen we, iedereen netjes achter elkaar en de gids met boot er achter aan. Het was werkelijk prachtig, heel lekker water en veel vissen, zowel in hoeveelheid als in soort. De vissen waren heel relaxed en het scheen ze niet te storen dat wij er tussen dreven.
Het uurtje drijven vloog om, wij kwamen op de eindbestemming aan en werden op een vrachtwagen geladen en weer terug naar het resort gebracht waar wij begonnen waren. Daar kregen wij alles op video te zien en konden nog even na genieten. We namen wat te drinken, wachtten op de volgende groep en gingen met het busje weer terug naar Bonito.
’s Avonds werd er in het dorp gegeten, sommigen aten piranhasoep en kaaiman, nog ergens een drankje en toen naar bed. De volgende dag werd er weer om 7 uur ‘s ochtends vertrokken om naar een ondergronds meer te gaan. Het was een leuke dag, veel lol gehad, veel gezien tijdens de lunch, het varen en het snorkelen.

(Leo) zondag 15 juli Om 6 uur de wekker, want na het ontbijt gaan we naar een grot. Zo’n 20 minuten rijden vanaf het hotel. De ene grot is de andere niet en we hebben al menig grot en spelonk in de wereld gezien. Vanuit dat laatste geredeneerd was deze grot niet zo bijzonder, maar op zich niettemin de moeite van het bezoeken waard. Jammer is dat je na 203 treden (dit aantal volgens de gids) nog niet tot onderaan kan, of beter mag komen. Het water is 17-19°C en straalt prachtig blauw uit. En jammer is dat buiten de zon niet scheen, want dan zouden de kleuren in de grot en het water vast nog veel mooier geweest zijn.Nog twee bijzonderheden:
1. Daar waar water en schuin aflopend plafond elkaar raken is het 150 meter verder.
2. Het water is 89 meter diep.De klim omhoog ging gemakkelijker dan het afdalen, want daarbij was het echt oppassen voor wegglijden. De helm doe we allen moesten dragen leek wat overdreven, maar je zult maar uitglijden …Om 9.15 uur waren we terug in het hotel, pakten we de koffers/tassen voor het vertrek voor een pittig dagreisje. De receptionist liep zich rot, want bij elk die afrekende liep hij naar de kamer om vast te stellen wat we uit de koelkast hadden gebruikt. Kwam het daardoor dat zijn gezicht op half zes stond? Het ontlokte één van de groep bij het afrekenen met een lach te zeggen: “Obligado chagrijn’. De man knikte vriendelijke terug.De tassen in de aanhanger en om 10.15 uur vertrek. De eerste 2 uur over een onverharde weg, veelal een wasbord, maar wel een mooi landschap. De chauffeur keek met ons mee naar bijzondere vogels en dieren en maakte dan een fotostop.We lunchten in Miranda bij een wegrestaurant, waar je kon kiezen uit een uitgebreid warm lopend buffet (je moest er dus zelf langslopen, ter voorkoming van misverstanden) of diverse broodjes. Oane kaapte het laatste stukje pizza uit de vitrine! Wie geen honger had of de honger gestild had, kon in de in het restaurant aanwezige winkel van alles kopen. Maar dat lieten we toch maar voor wat het was. Echt Hollanders: “Kijke, kijke, niet kope!” Een stuk voor de lunch en een stuk na de lunch reden we over asfalt, comfortabel dus. We waren na de lunch nog niet op weg of de weg werd geblokkeerd door een kudde koeien, die door cowboys werden gedreven. Dwars door de kudde vonden we onze weg.
  
Plotseling bij een zijarm van de rivier – de Miranda – massa’s (!) kaaimannen, die langs de rand van het water lagen te zonnen. Echt een te gek gezicht. Je kon ze tot zeer dicht benaderen en menig foto van deze afzichtelijke monsters zijn gemaakt. Net als we weer weg willen rijden, zien we een hele grote zwart-witte vogel, parmantig in het water vissen eten. Het is de grootste vogel van Zuid-Amerika.Een pracht gezicht.Vervolgens op weg voor het laatste deel van de reis: op weg naar Xaraes, een farm waar vee en ecotoerisme hand in hans leven. In ‘the middle of nowhere’ligt het geheel. Onze bus kon zelfs niet verder. Bagage en wijzelf worden overgeladen in twee trucks (voor elk één) en achter ons werd het hek gesloten. Een rit van 12 km waarbij we dwars door de kudde vee moesten (de tweede keer die dag dus) en we twee prachtige blauwe ara’s zagen vliegen.
 
Xaraes ligt er prachtig bij. We werden verwelkomd door 3 jongelui (1 jongen en dus 2 meisjes) die ons, nadat we de kamer hadden opgezocht, voor een korte wandeling meenamen en veel vertelden over de farm, de vogels en de flora. Bovendien genoten we van een bijna spectaculaire zonsondergang. Wat is uniek, maar daar zat het dichtbij!

In de bar kwam iedereen die niet op zijn kamer zat, tot rust. De voetballiefhebbers ‘genoten’ van de tweede helft van de finale van de Copa Amerika tussen Brazilië en Argentinië. Brazilië won verdiend met 3-0, met PSV-er (toen nog, inmiddels Chelsea-speler) Alex als rots in de verdediging en Heerenveen-speler Alves op de reservebank.Na het diner (veel vlees, erg lekker) kregen we een cd-rompresentatie van Caraes, leuk en leerzaam. De vermoeidheid sloeg echter toe na zo’n lange dag, zodat niemand het vervolgens laat heeft gemaakt. Hoewel ‘de geruchten’ gaan dat een deel van de groep met een fles wijn op de serre van het logieshuis het nog laat gemaakt heeft. Dart kan goed zonder last te hebben van muggen e.d., want zoals ook elke kamer is er dun gaas gebruikt om je te vrijwaren van die vervelende krengen.

(Greta) maandag 16 juli Gisteren zijn we hartelijk ontvangen door onze drie gidsen bij de Fazenda op de Panthanal. Wat een leuke, enthousiaste lui zijn dat! Na een korte wandeling over de Panthanal lekker gaan slapen. Vandaag vroeg op, we zouden om half acht gaan hiken, dus om half 7 heerlijk ontbeten: ei, vers fruit enz., net als altijd prima ontbijt. Een stukje met de truck en toen gaan wandelen. Zelfs met de truck was een feest. We hebben een tapir gezien met een jong, wat erg bijzonder was, want het was zelfs voor de gidsen de eerste keer dat ze dat zagen. Ook hertjes (of reeën?), ooievaars, blauwe ara’s, caipibara’s, sprinkhanen (groot!!), reuzenmieren, knuffelbomen (die bepaalde palmbomen wurgen), kaaimannen uiteraard en verder vast nog meer wat ik ben vergeten.
Na de lunch ging Pepijn vissen aan de rivier naast de fazenda. Ik ging even mee en ving meteen de eerste vis. Wat willen die piranha’s hier goed bijten zeg. Ook een paar andere vissen gevangen, maar vooral piranha’s. Een paar aan de kaaimannen gevoerd, dat konden we niet laten, dat zijn spannende dingen! Daarna nog leguanen gezien …Voordat we op de nachtsafari gingen, kreeg Arie bij het vissen een haak in zijn vinger, waardoor hij niet mee kon. Was net iets te fanatiek geweest … Net als bij het paardrijden vlak daarvoor met 2 gidsen, Oane, Arie en ik. Super gaaf!! Heel vrij, je kon lekker je eigen pad lopen en af en toe draven/galopperen op je eigen gemak. Op het laatst nog een race met z’n drieën (gids, Arie en ik), dat ging wel erg hard in galop. Weet niet wie gewonnen heeft, Arie en ik taaiden af. Maar goed, de avondsafari was leuk. Gordeldieren, wilde zwijnen, vossen, uil en véééél muggen gezien. Straks maar weer even kijken was voor lekkers ze ons vanavond weer eens voorschotelen en morgen vroeg weer op! Panthanal is leuk, topdag gehad!!!
P.S. Zo maar eens kijken of Pepijn klaar is met vissen, hij is de hele dag doorgegaan.

(Oane) woensdag 18 juli Zo, we zitten: met 2 uur vertraging is de trein dan toch gekomen, die ons (in Bolivia) van Puerto Suarez naar Santa Cruz gaat brengen. De koffiejuffrouw is al geweest met heel erg zoete zwarte koffie.

dinsdag 17 juli Terug naar Pantanal. De laatste ochtend aldaar doorgebracht, uiteraard eerst heerlijk ontbijt. Daarna met 2 gidsen in 4 kano’s gaan varen. Vanaf het water ziet alles er toch weer anders uit en de kaaimannen blijven veel rustiger. Zij reageren op trillingen en merken veel minder dat je er bent als je langs vaart. Eén van de gidsen wist 2 jonge (+ 1 week) kaaimannetjes te pakken te krijgen en deze gingen van hand tot hand, terwijl de moeder kaaiman op 2 meter af stand met boze ogen lag te grommen in het water.
 
Na pakweg 1 uur de kano’s uit het water getrokken en te voet terug naar de pousada, onderweg nog een dood buideldier bestudeert. Omdat we de korte route terugliepen, moesten we 2x door de rivier waden. Na de tweede keer van Arie het niet nodig zijn schoenen aan te trekken. Op blote voeten zijn de stekeltjes in het gras best wel pijnlijk, Arie deed dus een leuk dansje met kleine kreetjes en bij elke stap kwamen er meer stekels in zijn voet! Deze man doet werkelijk alles om in dit dagboek vermeld te worden!
Na de toch wel warme terugreis tijd om te douchen en daarna lunch. Ik had nog net even tijd een duik in het zwembad te nemen, maar daarna was het echt tijd om afscheid te nemen van de schitterende accommodatie en de hartelijk mensen. 

Na een voorspoedige reis aangekomen in Corumba. De binnenkomst van het stadje (aan de grens van Brazilië en Bolivia) was een beetje een koude douche na de schoonheid en lieflijkheid van de Pantanal. Eerst een industrieterrein en daarna grauwe vervallen huisjes. Al met al een groot contrast met het voorgaande, maar wel goed om ook dit stuk Brazilië te zien en te voelen. Het hele stadje ademde een broeierige sfeer. Toch maar besloten met Karin het stadje te verkennen. Veel panden te huur of te koop en de algemene indruk was die van verval.Op de terugweg van het ‘winkelcentrum’ (de hoofdstraat met veel winkels waar overigens alles te koop was) bij een typisch Braziliaans restaurant een biertje gaan drinken op het terras. Het was ondertussen donker en de onweerswolk hing boven Bolivia. Gemiddeld om de 5 seconden werd de hemel verlicht en dat minutenlang. Daarna begon het boven Corumba ook te regenen. We zochten een plaatsje bij de ingang (lekker koel) en bestelden toch maar eten. We konden toch niet weg vanwege de dikke druppen. De ober wilde ons op een andere plek hebben. Na de tweede, zwaardere, bui begrepen we waarom: het dak was niet geheel waterdicht en het lekte op onze tafel. De pizza die na lang wachten arriveerde was heerlijk en veel te groot. Ondertussen was er wat commotie ontstaan vanwege een nieuwsuitzending waar ‘ao vivo’ bericht werd gedaan van een vliegtuigongeluk in Sǎo Paulo, daar waar wij een paar dagen geleden ook waren geweest! Terug in het hotel heeft iedereen het thuisfront laten weten dat wij ongedeerd waren middels sms of e-mail.

woensdag 18 juli De volgende ochtend eerst naar het politiebureau om een stempel te halen om uit te reizen naar Bolivia. Daarna naar de grens waar de formaliteiten ook best meevielen. Geld gewisseld (van reais naar bols) en gepind. In colonne naar het station van Puerto Suarez. De Bolivianen vinden het oneerlijke concurrentie als een Braziliaanse taxi in Bolivia mensen gaat vervoeren. Vandaar dat aan 3 taxi’s per stuk €4 werd betaald die met ons meereden. Files bij de benzinepompen vanwege een tekort (?) aan benzine.Door alle meevallers qua tijd 2 uur te vroeg op het station, wat later dus 4 uur bleek te zijn. Niemand schijnt zich hier echt druk over te maken, dus wij dan ook maar niet. Nu dan dus toch onderweg. De rails liggen hier niet zo strak als in Nederland, dus het boemelt nogal. Wel een mooi uitzicht vanaf de 1e klas in Pullmanstoelen.Rest mij nog te melden dat Jaap na 6 (!) dagen eindelijk weer heeft kunnen poepen. Hij was zo van slag dat hij de laatste 2 dagen zelfs geen bier meer had gehad. Hij ziet er nu zichtbaar opgelucht uit.

(Myriam) donderdag 19 juli De kaartjes zijn ‘geknipt’ en we nemen een lekker glaasje. Er gaat wijn en een honinglikeur (amarulo) rond. Heerlijk! We zitten 2½ uur in de trein en we zijn al 3x gestopt. Er wordt op de stations van alles aangeboden: veel spiesen, pasteitjes en rijst met kip en banaan De trein schommelt behoorlijk en af en toe gaat er een treinstel aan en af. We passeren vele dorpjes. Soms staan er mensen te kijken of zwaaien. Nu en dan staat hij stil. Laat op de avond, misschien al nacht hoorde ik nog de verkopertjes langskomen met té, café, limonade. Eten en drinken voldoende! Om een uur of 7 begon de frisse verkoop van thee en biscuits. Ook warme kaasbroodjes en hotdogs worden aangeboden.
Het landschap is dor/droog en af en toe passeren we zeer armoedige dorpjes. Er wordt een brug aangelegd, zo’n 60 km voor Santa Cruz, die over de Rio Grande gaat. Ook zijn er enorme opslagplaatsen (loodsen), wat ze er in bewaren is ons onduidelijk!

vrijdag 20 juli In Santa Cruz aangekomen naar een normaal toilet gegaan, waar je voor 1 bol een stukje toiletpapier krijgt. We reden met een busje naar het centrum, waar we het grote plaza bezochten, waar luiaards in de bomen zaten.
 
Vervolgens naar een best leuke dierentuin. De meeste dieren hadden we al in het wild zien lopen/vliegen. Daarna naar een heerlijk restaurant waar megasalades en vleesschotels geserveerd werden. Prima keuze.We moesten nog doorvliegen naar Sucre, de officiële hoofdstad van Bolivia. Dat was een vlucht van 20 minuten, waar je met de bus zo’n 10 uur over zou hebben gedaan! Prima service aan board met koek/cake en een drankje. Het uitzicht vanuit het vliegtuig liet al bergen zien: de Andes. Sucre ligt in een kom tussen de bergen. Een witte stad met veel Spaanse invloeden. Best mooi! Er zijn prachtige pleinen en schone straten. Aardige mensen zijn het allemaal. Vanaf het dak van het postkantoor tegenover de universiteit heb je voor 2 bol p.p. een prachtig uitzicht over de stad.
We hebben geluncht bij de ‘7 Lunes’. Heerlijke broodjes met chorizoworst, smullen! Ook naar het toilet gaan was apart. Via allerlei douchegordijnen kwam je op het toilet.De mercado is ook erg kleurrijk. De echte Bolivianen lopen er rond. Ieder probeert aan de kost te komen. Op een binnenplein hebben we nog een fruitsapje genomen, vers geperst. De gekochte broodjes hebben we aan bedelende kinderen uitgedeeld.Nu gaan we bij Joy Rider (een echt Hollands bruin café) vlakbij het grote plein even wat drinken. Om 20.30 uur gaan we naar een restaurant met local music.
We kregen net ook bericht dat we morgen konden vertrekken naar Potosi. Er was een staking van mijnwerkers die de wegen blokkeerden, maar die is even opgelost (weekend).

zaterdag 21 juli De nacht verliep tot 6 uur ’s morgens goed voor mij, maar toen werd ik wakker met bonkende hoofdpijn. Toen Jaap wakker werd, zei hij dat hij het ook een beetje had gehad, Balen! Bij het ontbijt bleek, dat Bep en Arie zich ook niet zo lekker voelden. Jaap weet het aan de wijn die we ’s avonds na het eten nog gezellig gedronken hadden op Aries en Myriams bed. Volgens mij hebben we gewoon iets verkeerds gegeten, want ik had een ijsklont in mijn maag.Gelukkig ging het steeds beter met ons tijdens de busreis, die weer wondermooi was! Pauline wist een heel mooie tussenstop, vlakbij Sucre. Eind 19e eeuw heeft een rijk Braziliaans echtpaar dat zelf geen kinderen had, een soort kindertehuis gesticht in barok- en sprookjesstijl: het Castellum Glorietta. Het bleek gerestaureerd te worden en het was een plaatje uit duizend-en-één-nacht. Jammer genoeg mochten we er nog niet haar binnen, het bleek op 6 augustus a.s. geopend te worden. N de sprookjestuin was een soort bijbelgenootschap van Bolivianen, echt met bolhoeden, vrouwen met mooie doeken met baby’s erin, leuk!We kwamen aan in Potosi. De hoogst gelegen stad ter wereld en er woei een straffe wind, het was al snel ijskoud! Wij hebben het muntenmuseum bezocht, met een grappige, Engelstalige rondleiding, en daarna voor mij voor - omgerekend - € 8,50 een heerlijke fleece-trui gekocht.  ’s Avonds lekker gegeten in een soort oude fabriek en weer over een stunt van Arie gehoord, maar die man ik niet vermelden.De hotelkamer is verwarmd: hiep hoi!

(Leo) zondag 22 juli De zondag mag dan als rustdag bekend staan, voor ons was het een pittig dagje. Ook al is het vakantie, dat mag natuurlijk best.De ochtend is besteed aan het bezoek van de rode berg van Potosi, waar de stad rijk van is geworden. Was het vroeger zilver, tegenwoordig wordt ook tin, lood en zink gewonnen. De Spanjaarden hebben bij de verovering van Zuid-Amerika hier heel erg huisgehouden, boeven waren het. Het zilver is er weggeroofd en het heeft honderdduizenden doden (Zuid-Amerikaanse indianen en negers uit Afrika) gekost! Met het weggehaalde zilver zou vanaf Potosi naar Madrid een weg van 20 meter breed kunnen worden aangelegd!Met een uiterst vriendelijke en aardige gids, Jorge, zelf mijnwerker geweest, gingen we na een bustochtje naar de berg een mijngang in, nadat we eerst allemaal een helm met mijnwerkerslamp en beschermend plastic jasje hadden opgehaald. Zo’n mijngang is in feite eigendom van een familie. Die woont boven de ingang en Myriam, die niet mee de mijn in ging, werd in afwachting van onze terugkomst goede maatjes met de familie.Jorge vertelde in de bus al over de verdiensten en de rangen en standen in de mijn. In een speciale, doodlopende gang, worden foto’s en beeldjes opgehangen en neergezet, waarmee de gelovige mijnwerkers bescherming opvragen. Aan het eind van de mijngang was een groot beeld (mensgrootte), dat werd vereerd met cocabladeren, 98% alcohol en een sigaret die in de mond werd aangestoken. De officiële naam van deze afgod: El Tio (wat zoveel als oom betekent).
 

De cocabladeren worden de hele werkdag door gekauwd, dat geeft energie. Wij zagen één mijnwerker aan het werk – voor de mijnwerkers was het toch wel een zondag, dus vrije dag -, die met zo’n pruim cocabladeren in de mond aan het werk was.Hoogtepunt van het bezoek was het afsteken van een rol buskruit. Jorge legde uit hoe dat ging, maakte ter plekke een en ander gereed. De lont kan je zo lang maken als je wilt. Hij beloofde een ontploffing na 40 seconden, te meer daar enkelen liever helemaal geen ontploffing wilden meemaken. Nadat de lont was aangestoken was het “go, go, go!”. Iedereen maakte dat hij weg kwam. De ontploffing kwam, tot groot plezier van Jorge, al na zo’n 10 seconden. Een geweldige knal met een korte luchtdrukverplaatsing. Absoluut een geweldig bezoek, aanbevelenswaardig voor ieder Djoser-reiziger die geen last heeft van claustrofobie.

Wat tot op heden niemand nog heeft geschreven, is de aanpassing die nodig is vanwege de grote hoogte. Je moet je absoluut inhouden. Toen na aankomst in het hotel de bagage naar de 1e etage werd getild, moest je boven hijgend tot rust komen. Wandelen moet je absoluut op je dooie gemakkie doen. En zelfs ’s nachts in bed, als je je omdraait, moet je even extra naar adem happen. Hoogteziekte is erg vervelend en gaat gepaard met hoofdpijn, spontane bloedneuzen, droge mond en veel moeten plassen. Veel, heel veel (water) drinken is absoluut noodzakelijk. In onze groep was Karin er het meest bevattelijk voor, maar velen hebben de lichte hoofdpijn en droge mond als lastig ervaren. (Gelukkig wen je er na enkele dagen geheel aan.)

Om half twee in de middag vertrokken we met de bus naar Uyuni aan de grote zoutvlakte. Dit verslag gaat natuurlijk over de 6 uur durende, prachtige busreis Zoals gezegd, een prachtige busreis van Potosi naar Uyuni. Het landschap door de Andes is afwisselend en soms adembenemend mooi. We zakken langzaam naar + 3700 meter, maar rijden natuurlijk op verschillende hoogtes tijdens de reis over de passen, bergen, door dalen en - letterlijk - riviertjes. Soms zijn er verre uitzichten over canyonachtige dalen. Dieren zijn er nauwelijks, alleen lama’s en zo nu en dan ezels. Als de chauffeur bereidwilliger was geweest, hadden we prachtige plaatjes kunnen schieten. Nu moest je het doen uit een rijdende bus door een open raam. Als aan het eind van de dag de zon laag komt te staan, worden de schaduwen scherp en dat geeft nog fraaiere uit- en vergezichten.Op het laatst rijden we in het donker. Als dan plotseling omstreeks 19.00 uur Uyuni volop in het licht opduikt, is dat een fraai gezicht in het verder zo kale landschap. Ook de lucht bij de ondergaande zon wordt weer prachtig.

In het hotel zijn de kamers verwarmd, maar het is ´s nachts zo koud dat het flesje water lijkt uit de koelkast te komen. Maar onder laken, 2 dekens én een dekbed is het goed slapen. De volgende dag (maandag 23 juli dus) heeft iedereen goed geslapen. We eten in het restaurant van het hotel (Minuteman) en vooral de grote pizza leidt vanwege de grootte tot enthousiasme bij Arie en Myriam. Maar ze krijgen ‘m met een beetje (proef)hulp van anderen op.

(Greta) maandag 23 juli Na het diner in de Minuteman-pizzeria is er nog een clubje blijven zitten. We hebben gebakjes geproefd en liedjes gezonden. De eigenaars van de pizzeria waren muziek aan het maken met gitaar en we gingen er gezellig bij zitten. Na het bekende repertoire Let it be, Blowin´ in the wind enz. ben ik naar bed gegaan.
De volgende ochtend zouden we pas om 10.30 uur naar de zoutvlakte, dus we hebben lekker uitgeslapen, ontbeten en tassen alvast ingepakt. Met twee jeeps reden we richting Salar, de zoutvlakte, door Uyuni heen en zoals Pauline als zei: het dorpje lijkt alsof het het laatste stukje van de wereld is, daarna is er niets mee. Verlaten straatjes en vervallen huizen, maar in de grote straten juist wel toeristische gelegenheden. Vanwege de staking van de mijnwerkers was de voorraad gasflessen voor de locals opgeraakt, dus stonden ze in een enorm lange rij met hun gasfles te wachten bij de gasvullers(?).Onderweg naar de Salar – hoogte 3.660 meter - stopten we bij het treinenkerkhof (allemaal de nodige foto’s gemaakt) en daarna bij het dorpje waar de zoutfabriek staat en het zout dus verwerkt wordt (gedroogd en in zakjes gedaan).
   

Natuurlijk was het voor de toeristen ook een plek om spullen te kopen, dus dat hebben we ook maat gedaan (muts en handschoenen, nb ‘made in China’!). Ook nog even lama’s geaaid, voordat we verder naar de echte bestemming reden. En wat was dat mooi! In de jeeps hadden we natuurlijk al prachtig uitzocht. Spierwitte oppervlakte met aan de horizon bergen en felblauwe licht, onbeschrijflijk. We stopten even bij een zoutwerker, die helemaal ingepakt was (gezicht), omdat hij anders zou verbranden. Want dat witte zout reflecteert natuurlijk wel. In een landschap van zoutpiramides met vierkante vijvertjes eromheen was hij druk aan het werk in de felle zon.
Toen door naar het zouthotel, met muren, bedden, stoelen, tafels en wat nog meer van zoutblokken gemaakt. Als een grote iglo, maar dan van zout en een andere vorm, heel apart. Djoser overnachtte daar vroeger wel met reisgroepen, maar nu niet meer i.v.m. slechte hygiëne. Maar het allermooiste (volgens mij dan) was toch wel uitzicht bij Isla Incahuasi, het eiland midden in de Salar waar we stopten. We werden door onze privé-kokkin eerst verwend met een heerlijke lunch (kip, pasta, aardappels, tomaat, uit en een koffie/thee + banaan toe). Toen ging iedereen zijn eigen weg, op ontdekking op het eiland. Ook hier weer ontzettend veelfoto’s gemaakt van het eiland met torenhoge cactussen en op de achtergrond het prachtige zoutmeer. Ook ficuňa’s gezien, een soort konijnen met een lange staart. Pepijn en ik zijn een rondje om het eiland gelopen en zijn op de top ervan geweest. We hebben de koraalboog gezien en de hoogste/oudste cactus van het eiland. Tijdens de lange, geweldige wandeling, na elk hoekje die omgaat staat er weer een prachtig, ander uitzicht, steeds weer nieuwe verrassingen, hebben Pepijn en ik wel twintig tegen elkaar gezegd ”wat is het toch mooi hier hè, fijn dat we dit saampies mogen meemaken.” Heel speciaal.
 

Om 17.00 uur reden we over de zoutvlakte terug naar het dorp, het eiland achter ons latend … alsof je over een enorme ijsschots rijdt, maar dan niet glad. Terug langs het ijshotel, de ´zoutpiramides´, de zoutfabriek, de treinenbegraafplaats.
In het hotel nog even lekker gegeten bij de Minuteman en toen de bus weer in richting La Paz. Luxe nachtbus, maar toch niet zo lekker geslagen, hoewel het laatste stuk wel erg snel ging, dus toch in slaag gevallen. Even moeten we in La Paz wachten op de taxi naar het hotel, hostel Colonial, en de kamers, maar nu zijn we lekker opgefrist en gaan we de stad La Paz eens even verkennen.

(Pepijn) dinsdag 24 juli Vandaag de eerste dag in La Paz. Een hele grote, indrukwekkende stad. Vooral de kleden en poncho’s hier zien er heel mooi en origineel uit, beter dan de vele souvenirs die we onderweg tegen kwamen. We hebben eerst even de was weggebracht, paspoort gekopieerd en mijn jas naar een kleermaker gebracht. Toen heerlijk geluncht bij het hostel Colonial restaurant, daarna de heksenmarkt over. Een beetje luguber, al die dode beesten, vellen, koppen en andere onderdelen. Toen de 4 musea in één gedaan en onderweg de grote markt bezocht. Mooi die musea! Oude kunst, nieuwe kunst, geschiedenistaferelen, cultuurplaatjes. De nodige religieuze schilderijen en … goud- en zilverschatten! Langs een dikke sluisdeur met bewaking kom je in het goudmuseum, waar oude relikwieën bewaard liggen.’s Avonds lekker gegeten in Soletlona, Hollandse/westerse kaart, maar er goed eten. Er kwam zelfs nog live muziek. Daarna vroeg te bed, bijslapen …

(Jaap) woensdag 25 juli Een mooie rit, eerst door de stad, daarna de buitenwijken, een prachtig landschap met een meer en meertjes en tenslotte de (voormalige?) skipiste met een restaurant.
 
Wij zaten al boven de 5.000 meter en ik moet zeggen: ik had geen last van de ijle lucht. Sommige van ons begonnen tegelijk zonder iets te nuttigen aan de klim naar de top. Ieder op zijn eigen manier, maar allemaal rustig. Dacht ik eindelijk op de top te zijn, was het niet waar, ging er nog een pad omhoog.
De jonge garde ging verder en ik wilde mij niet laten kennen en ging ook verder. Op de top aangekomen, verwelkomt door een fluit die El Condor Pasa speelde, genoten wij van prachtige vergezichten. Er werden foto’s gemaakt, een Boliviaan had op een steen geschreven hoe hoog wij zaten, namelijk 5440 meter. In eens zagen wij Leo uit het niets omhoog komen. Z’n grijs hoofdje met een rustige pas, achter een Braziliaan aan, alsof hij een zondagmiddagwandeling maakte in het park. Wij allemaal verbaasd, want hij was veel later dan wij begonnen. Een taaie rakker, die Leo!
De weg terug met het busje was anders dan de heenweg en de behoefte voor de stadsrondrit was daarna ook niet groot meer. Bij het hotel aangekomen zijn wij met Oane, Myriam en Arie gaan lunchen. Wij kregen heel iets anders dan wat wij besteld hadden en wij kregen het dan ook niet op. Na de lunch ging ieder zijn weegs. Marianne kocht voor een mooie prijs een dubbel-cd van de Beatles. Later kreeg ik spijt dat ik niet meer had gekocht. Wij liepen nog door de drukke stad naar de zwarte markt, maar wij zijn al te veel verwend en vonden het wel goed zo.
 
In het hotel nog 2 uurtjes geslapen en daarna moest ik wat eten van Marianne. Ik heb helemaal geen trek in eten, het is mij allemaal te veel geweest. Elke dag ontbijten, lunchen en dineren is mij tegen gaan staan. En het ergste van alles is dat alcohol mij tegen is gaan staan. Ik, die zo graag een biertje lust! Het is m.i. de hoogte, want ik had er in Brazilië al last van. Nu moet Arie alleen zijn biertjes drinken!Ik vind La Paz beslist niet gevaarlijk, altijd die overdreven waarschuwingen. Er lopen hier genoeg politieagenten rond en ik zie weinig tuig. Het is vandaag een feestelijke dag, het is namelijk 25 juli, dus hier in Bolivia  St. Jacobus-dag en omdat ik ook een Jacobus ben is het ook mijn feest. Vanavond toch maar gegeten, een maaltijd voor z’n tweeën voor omgerekend 1 euro (met drank), je houdt het niet voor mogelijk! Daarna in het hotel een kop[je koffie en slapen
P.S. Mijn minnares is niet van de blauwe knoop! In Nederland ga ik wel naar de dokter vanwege het bier.

(Myriam) donderdag 26 juli Vandaag van La Paz via Copacabana naar Isla del Sol.
Het heeft gesneeuwd! Na een vroeg ontbijt werden we door een bus opgehaald en reden een prachtige route naar het schiereiland Copacabana. Het is aan het Titicacameer het enige strand van Bolivia en de naam aan het dorpje is door een zeeman gegeven toen hij na het Braziliaanse Copacabana beloofde het eerstvolgende strand dat hij zou zien, ook zou zo noemen. Hoge besneeuwde bergtoppen op de achtergrond, echt fantastische mooi. Het landschap verandert, de rode bergen werden bruin én meer begroeid. Het deed wat op Noordwest-Spanje lijken. Aan de linkerkant doemt al snel het Titicacameer op: helderblauw met hier en daar een steiger met bootjes. We moesten op een gegeven moment met een pontje overvaren. De bus ging op een platte schuit en de passagiers op een eng rokend en stinkend bootje. De overtocht was + 10 minuten.De route werd vervolgd, ook weer prachtig en nog steeds de besneeuwde bergtoppen. De zon scheen volop. In de zon is het trouwens altijd heerlijk. In de schaduw is het fris of echt koud. We kwamen bij Copacabana aan en brachten de bagage in depot. Ieder ging nog even lunchen. Wij aten lekker vis op het zanderige boulevardje.Daarna vertrok de boot (privé) naar Isla del Sol. (Volgens de legende: hier is de zon geboren.) Een tochtje over het mooie Titicacameer van ongeveer 1½ uur. Buiten op het dek was her fris, binnen zat je lekker beschut. Bij het eiland Isla del Sol aangekomen voelde en zag je de ontspannen sfeer. Autovrij maar wel elektra!! Het is een hoog uit het meer uitstekende bult. We wisten dat het ongeveer 45 minuten klimmen was. Je stelt je er op in en zorgt dat je genoeg water hebt. De eerste 100 meter waren de zwaarste … traptreden en dan op 3800 meter. Rustig aan doen en regelmatig ademhalen. Niet te diep, dat lukt toch niet vanwege de ijle lucht. Er werd allerlei aangeboden: kussens, kleden, popjes enz. Ons hotel lag boven op het eiland (Hostal Puerta del Sol) en had een fantastisch uitzicht. Het lag 300 à 400 meter boven het meer, hemelsbreed dan!! De zon scheen en er was een klein windje.
 
Op het eenvoudige terras werd er bier en wijn gedronken. Pepijn had nog zin om te gaan vissen en liep met 2 Belgen nog ‘even’ omlaag naar het water. Het vissen viel tegen, het teruglopen van Pepijn ging prima (jonge vent), maar de 2 Belgen kwamen er bijna boven achter dat hun kamersleutel nog aan de waterrand lag, die moesten weer naar beneden. En wel op 3800 Meter, vergis je niet!
Het hotel was veel beter dan verwacht. Je kon zelfs voor 8US$ bijbetalen voor een privé kamer met doucheruimte. En er was elektra. Iedereen at ’s avonds mee met het diner. Keuze uit forel of kipfilet. De soep was quinua (een soort mais/graan soep). Dessert een banaan met chocoladesaus. Er werd het nodige bij gedronken en gelachen.Overigens, voordat we aan het diner begonnen werden er door Pepijn, Jaap en Leo nog héél veel toastjes gesmeerd met tonijnsalade en paté. Iedereen deelde mee in de hapjes. Gezellig! Ik had zelf nog waxinelichtjes meegenomen … het zou immers zonder elektra zijn!Na afloop van het diner gingen de Belgen nog een drankspelletje doen. Leo was de enige geïnteresseerde, later bleek dat hij alleen maar toekeek. Wat wel was … als je verloor moest je natuurlijk ‘drinken’. Dat zag hij verstandig genoeg niet zitten.Om 22.00 uur ging iedereen naar bed, moe en voldaan. Het was fris. ’s Nachts vroor het 3°C, maar goed te doen!Vannacht moest Arie naar de WC, maar toen bleek dat de deur in het slot was gevallen. Vanaf de buitenkant was hij niet te openen. Dus aankleden en naar de receptie (5 trappen af en op). Met een reservesleutel kwamen ze ‘m openen en kon er van het toilet gebruik gemaakt worden. Trouwens, het was al bijna tijd om op te staan: 05.10 uur!

(Oane) vrijdag 27 juli De terugweg van Hostal Puerta del Sol naar de haven was een stuk eenvoudiger dan de heenweg. Toch duurde het nog een half uur voor we allemaal beneden waren. Bij de haven aangekomen kreeg Pauline het voor elkaar een halve fles cola leeg te laten spuiten over 2 Bolivianen. Erg vermakelijk, applaus van meerdere omstanders. De terugtocht met de boot naar Copacabana was iets warmer dan de heenweg. Bovendeks was het goed uitte houden. In Copacabana nog wat rondgelopen en geluncht. Rond half 2 in een mooie luxe bus richting grens. De bus mocht door, de inzittenden moesten eerst de grensformaliteiten meemaken. Alweer een formulier invullen, alweer een stempel. Na een kwartiertje kon iedereen weer in de bus na 500 meter te voet over de grens te zijn gegaan. We zijn nu in Peru!Vervolgens nog ca. 2 uur met de bus, een mooie tocht qua landschap. Opvallend waren de grote aantallen glimmende golfplaten op de huisjes en het grote aantal onafgebouwde huizen (veel omhoogstekend betonijzer). Aangekomen in Puno had Pauline direct een tocht geregeld met een boot naar de drijvende rieteilanden, de Uroseilanden. Wel erg toeristisch, maar zeker de moeite waard. Ook door de goed Engels sprekende gids.
 

Na 2 eilandjes bezocht te hebben naar het hotel waar de bagage al was afgeleverd. Puno in de avond doet denken aan een Spaanse badplaats; marmer op de straten, veel restaurantjes met proppers enz.

(Oane) zondag 28 juli De volgende ochtend vroeg uit de veren om de trein naar Cusco te halen. Het slapen op hoogte begon voor verschillende personen lastig te worden: zwaar ademen, hoofdpijn en veel wakker … De trein van Puno naar Cusco was een keurige. Bankjes tegenover elkaar met een tafeltje ertussen met kleedje. Ook het toilet was zeer keurig! Ondanks de fikse reistijd van 10 uur viel de reis mee. Erg veel te zien, een langzaam veranderend landschap. Onderweg ook een stop, waar we een en ander (vooral water) konden kopen. We hadden het geluk dat onze coupé halfvol was, zodat we wat ‘breeduit’ konden zitten en eens van plek konden veranderen.
 
Aangekomen in Cusco konden we direct in een busje stappen naar Hotel Oblitas. Later werd de bagage ‘nageleverd’. Erg prettig! Hotel Oblitas was een ander hotel dan in eerste instantie was aangegeven, maar wederom een fijn hotel. ’s Avondslekker gegeten in restaurant Kusikey, een aanrader! Na het eten nog naar een leuke tent met live muziek. De band begon wat later dan gepland, maar was erg grappig en leuk. Uiteindelijk veel te laat het hotel weer opgezocht.

(Bep) zondag 29 juli Na het ontbijt gaan we met taxi’s naar het busstation. Vandaar met de plaatselijke bus (+ 1 uur rijden) naar Pisac. Onderweg - het wordt bijna saai om het weer te schrijven - zijn er weer prachtige panorama’s. Pisac is een leuk plaatsje met een grote lokale markt. Er is van alles te koop. Wij (toeristen) kopen voornamelijk textiel e.d.
 

We nemen op een zonnig balkon een lunch en kijken daarbij over de markt met al z’n bedrijvigheid. Karin blijft als enige tot 16.00 uur op de markt en vermaakt zich prima. De rest van de groep gaat met de bus terug richting Cusco. De bus is propvol en dan worden er nog meer mensen in gepropt. Ongeveer 8 km voor Cusco stappen we uit. Pauline, Greta, Pepijn en Oane gaan ruïnes bezoeken. Deze liggen langs de weg naar beneden. Het blijkt de moeite van het bezoeken waard te zijn.
De andere zes van de groep wandelen meer rechtstreeks naar beneden met af en toe een ruïne op afstand bekijkend. En foto’s makend bij het beeld Cristo Blanco, enigszins een kopie van het wereldwonder in Rio de Janeiro.
Even later zien we trappen naar beneden. Deze nemen we. Het zijn er heel veel, jammer genoeg hebben we ze (de treden) niet geteld. Nog twee straatjes en we zijn op het plaza. We zoeken een balkon met zon en gaan was drinken. Het is happy hour. We genieten en krijgen ook nog bakken popcorn van de zaak. Dan weer actief: de een gaat zijn was ophalen, de ander internetten enz.
’s Avonds gaan we met z’n zessen eten. Myriam neemt cuy en deze keer staat de gebakken cavia op z’n pootjes op de schaal, met tomatenhoedje met peterselie als pluim en een stuk wortel in z’n bek. Hij smaakt heerlijk.We gaan allemaal op tijd naar bed, want

maandag 30 juli moeten we vroeg op. Om 06.30 uur vertrekken we met een bus, we gaan richting Machupicchu.. We hebben allemaal een dag/nacht rugzak bij ons, want morgen komen wij weer terug in dit hotel. Onze grote bagage mag op de kamer blijven. Dat is fijn. We rijden 68 km naar de trein en het was erg stil in het busje. Het was ook zo vroeg. Aangekomen in het plaatsje Ollantaytambo blijkt dit een echt authentiek dorp. De weg is hier op zijn eind. Stop busreis. Er zijn ook enkele Inca-ruïnes, maar die hebben we niet gezien. Het is ook uitvalbasis van enkele Incatrails. We hebben nog een uur voor de trein vertrekt. De tijd wordt gedood met koffiedrinken, broodje eten, wat kopen voor onderweg en souvenirs kopen. Want ook hier is weer van alles te koop. Vervelen doe je je dan ook niet. De zon schijnt en de temperatuur is aangenaam.Ja, en dan de treinreis. Geweldig! De bergen worden steeds hoger, maar ook groener, ruiger. Af en toe lijkt het of je door de rimboe rijdt. De trein rijdt langs een krachtig stromende rivier, er liggen giga grote rotsen in. Deze zijn soms helemaal vlak afgesleten door het water. De trein stopt een paar keer. Pepijn koopt, door het raampje, een bosje bloemen voor Greta. Ze zijn tenslotte nog steeds op huwelijksreis. Aan het eind van de spoorlijn is de berg het stootblok. Stop treinreis.In het plaatsje Aguas Calientes blijkt het heel toeristisch te zijn. De plaatselijke bevolking verkoopt ook hier weer van alles wat we elders ook al zagen. De straatjes zijn smal en we moeten behoorlijk (lopend) stijgen naar ons hotel. We zien het ene na het andere restaurantje. We behoeven niet om te komen van de honger.’s Middags gaat een aantal van de groep naar de warmwaterbronnen. Het ene bad warmer dan het ander en ook met meer zwavel. Iedereen zit heel rustig (je mag niet zwemmen) en er is een achtergrondmuziekje. Wij vonden het heel relaxed. Alleen als je er uit kwam, was het koud, want de baden liggen ’s middags in de schaduw.
 
Vanavond in één van de vele restaurants eten. Morgen weer vroeg op, want we gaan de Machupicchu bezoeken! Maar daar gaat een ander over schrijven.

(Marianne) dinsdag 31 juli Aan mij dus die eer, Marianne. Nou, dat is een gemakkelijke taak, want Machupicchu is één van de hoogtepunten van deze reis, en terecht! Machupicchu hoort bij de 7 wereldwonderen, dus onze verwachting was hooggespannen.Wat je voelt als je, boven op de berg, voor het eerst Machupicchu in al zijn glorie ziet, is niet te beschrijven! En dat doe ik dus ook niet, want ik denk dat het bij iedereen in zijn hart en geheugen is gegrift! Mooier bestaat bijna niet! Pauline heeft geregeld dat we net de eerste bus naar boven zouden gaan en we moesten om + 4.30 uur opstaan. Dat leek belachelijk vroeg, maar toen we later tegen de middag gingen lunchen bij de ingang van Machupicchu, snapten we waarom. Het was druk! Bovendien konden we ’s morgens zo vroeg genieten van de zonsopgang boven Machupicchu. We hadden een leuke gids, die aardig Engels sprak en een persoonlijke visie op de vroegere functie van Machupicchu had. In zal verder niet uitweiden over alle gebouwen en straten in Machupicchu, want daar hebben we onze reisgidsen voor.
 
Na de lunch ben ik met Arie naar de Zonnepoort gelopen over de Incatrail. Zo kon ik dus toch zeggen dat ik daar een stukje over gelopen heb! Jaap en Myriam gingen ieder hun eigen weg vanwege zere knieën. Het was gezellig lopen met Arie. We hebben wat afgekletst. Het was trouwens best zwaar, verhit kwamen we boven en daar zaten Pauline en Oane al! Later kwamen ook nog Greta en Pepijn en Bep en Leo. Natuurlijk hebben we foto’s gemaakt van onze glorie.

We zijn ’s middags met de bus naar beneden gegaan, wij ruim op tijd, omdat ik de hele dag bang was dat ik het dagboek de vorige avond in het restaurant had laten liggen. Bibberdebibber! Wat was ik opgelucht dat het gewoon in mijn tas zat!Na een rumoerige treinrit, waar Argentijnen vrolijk en vals zongen, kwamen we weer met de bus in ons hotel in Cusco. We waren doodmoe, maar toch zijn Jaap en ik met Myriam en Arie nog wat gaan eten. Nu is het woensdagachtend, de laatste echte vakantiedag! Morgen gaan we op weg naar huis. Dear tourists en dear Pauline, bedankt voor deze heerlijke reis! Pauline, je bent een kanjer!

(Myriam) woensdag 1 augustus Na een nacht lekker lang geslapen te hebben en genieten van het ontbijt met gebakken ei zijn we (Arie en Myriam) omhoog gelopen richting de wijk San Blas. Dat is een oude wijk met smalle straatjes en zeer mooi plaveisel van steentjes. Af en toe zijn er trappen om de hoogte te overwinnen. Het eerste stuk is niet toeristisch. Een prachtig uitzicht over de stad was de beloning na al het klimmen. We arriveerden op het Plaza San Bras waar een gezellige sfeer hing. Hier was het wel toeristisch. Arie liet voor de laatste maal in Peru zijn schoenen poetsen. Zelfs de veters werden er ditmaal uitgehaald! Dan hoef ik ze zelf niet te poetsen als ik thuis ben.Het is vaak zo dat als je de prijs afspreekt van 1 sol er achteraf 2 soles betaald moet worden, prijs per schoen dus 1 sol. We zijn er ondertussen aan gewend.We dronken koffie bij een aardig tentje, leuke jonge uitbater. We liepen terug via Calla Sanblas en arriveerden al snel op de Plaza d’Armas, het grote plein van Cusco. Even een andere broek aangetrokken, het was een warme dag. Het hotel was echt in het centrum.
De middag was aangebroken, tijd voor een lunch. We vonden een plekje op Plaza de San Francisco, lekker in de zon. Een alpaca-carpaccio … mmm lekker, maar helaas te dik gesneden. De spaghetti en de nachos met quacamde waren prima (we zijn nu beide winderig). Ondertussen nog mooie schilderwerkjes gekocht als ansichtkaart. In Nederland ben je veel meer kwijt.Na de lunch zijn we naar de mercado gelopen in de buurt van het St Pedro station. Een leuke overdekte markt, niette toeristisch. In het midden was het één eetfestijn, een soort gaarkeuken. Heel leuk om te zien. Ook werd er losse melk uit lekbussen verkocht en natuurlijk lagen er weer de nodige ‘koppen’ van dieren.
We zijn rustig aan teruggelopen en wilden meegaan naar het Niňas Hostel. We waren te laar, vergist in de tijd. Even de tassen re-organiseren en nu drinken we in Café Trottamundo een biertje en pisco saur, het drankje van Peru. Mmmm…!We gaan zo voor de laatste maal met elkaar eten, vieren tegelijkertijd Leo’s verjaardag. Hij wordt 64 jaar en doet zeker niet onder ten opzichte van de rest van de groep. Loopt zeer vlot op grote hoogte!!We hebben heerlijk gegeten in een door Pauline gereserveerd restaurant. De porties waren erg groot! Een gratis pisco saur van het huis en de door Leo aangeboden fles wijn smaakten prima. Leo ontving van Djoser een mooi poloshirt van Macchupichu en van ons nog een flesje drank ‘51’ en 3 limoenen om zijn eigen caipirinha nog eens thuis te maken. Het was gezellig met elkaar. Na afloop zijn we met een groepje nog wat gaan drinken in de Trottamundabar. Om een uur of 12 ’s nachts naar bed. De laatste nacht in Peru!

(Myriam) donderdag 2 augustus Om 9 uur zou de taxibus voorrijden. Er was een misverstand qua tijd. Gelukkig waren we voor het vliegtuig naar Lima al ingecheckt, dus was het latere vertrek niet zo erg. De tassen werden allemaal los boven op de taxibus gezet. Bij de eerste keer remmen vloog Greta’s rugzaak al door de lucht en duikelde via de motorkap op de grond voor de bus. Hopelijk is er niks kapot gegaan.We zitten nu op het vliegveld van Cusco met een drankje, Bij de tassencontrole bleek dat Pauline haar mooie zakmes nog in de handbagage had. Oei … Een slimme oplossing: haar rugtas ook inchecken. We hebben nu al 2 uur vertraging …
(Pauline) Al met al helemaal niet zo erg, omdat de vluchten nu lekker strak op elkaar aansluiten. Lima is dik bewolkt en grijs. Trekt niet echt voor een bezoek. Als laatste wil ook ik nog even iets toevoegen aan dit leuke groepsdagboek.Dag groep, dag Djoser, dag Grupo Paulina, wat hebben we een mooie reis gemaakt samen. Bedankt voor het boeken bij Djoser, want daardoor mocht ik ook lekker mee. Ik heb kunnen meegenieten van al het moois dat we hebben gezien. Veelgenoemde hoogtepunten: Macchupichu, de Panthanal en het vissen tussen de kaaimannen, naar adem happend op grote hoogte op de Chacaltaya met adembenemend uitzicht. De mijn in Potosi, Ilha Grande (volgende keer mooi weer). Eigenlijk te veel om op te noemen. Graag wil ik jullie nog even wat handige tips + adviezen meegeven om het acclimatiseren in Nederland soepel te laten verlopen.
* geld Na dollars, raïes, bollen en sollen weer lekker gewoon de euro. Voor sommigen nog steeds wat wennen maar ondertussen alweer redelijk vertrouwd.
* klimaat Ze zeggen dat het zomer is in Nederland, maar ik geloof er niets van, heb alleen maar verhalen gehoord en beelden gezien van regen en overstromingen. Haal de zuidwester dus maar uit de kast en stay cool (met een caipirinha of pisco saur).
* toilet Niet het wc-papier in de hoek gooien, het mag weer gewoon door het toilet!
* douches Grote kans op waterdruk en zelfs warm water. Als er elektrische draden naar de douche lopen … bel de loodgieter/elektricien.
* afdingen Is niet gebruikelijk, zeker niet bij de supermarkten, maar ook op de markt zul je vreemde reacties krijgen.
* vervoer In Nederland stopt de bus gewoon bij haltes. Keihard brullen dat je er uit wilt, heeft dus geen zin.
* hoogteziekte Na de opbouw van de nodige rode bloedcellen, waar menig sporter jaloers op zou zijn, wordt het weer even afkicken onder de zeespiegel. Hyperactiviteit of spontaan zin in een marathon te lopen zou een bijwerking kunnen zijn. Over het algemeen hebben maar slechts enkele mensen hier last van. Ongebruikte epo zal automatisch door het lichaam afgevoerd worden.
* tijdverschil De klok gaat weer 7 uur vooruit, want we vliegen naar de oost. Maak je borst maar nat want het is voorlopig even afgelopen met lekker op tijd naar bed eb vroeg weer op!! De komende dagen kom je er ‘s avonds niet in en er ‘s morgens niet uit. Gelukkig is deze bioritmische verstoring van tijdelijke aard.

Al met al, de afritsbroeken, deet, zonnecrème en lippenbalsem kunnen weer in de kast. De krant is weer leesbaar en het journaal weer te volgen. Ik hoop dat jullie een berg aan goede herinneringen mee naar huis nemen en over de (hopelijk) prachtige foto’s gebogen weer met plezier terugdenken aan deze prachtige en boeiende reis.
Dag Grupo Paulina, het was leuk om jullie allen ontmoet te hebben. Wie weet komen we elkaar nog eens tegen, ergens op deze wereld. Nog vele reizen, het ga jullie goed.
P.S. Bestel geen cavia van de grill in Nederland!

- - - - - - - - - -

Klantwaardering

8,9

Prachtige reis beleefd! Alles tip top geregeld door Djoser....
Prachtige reis beleefd! Alles tip top geregeld door Djoser. Je kan in 2 weken écht wel de hoogtepunten van Peru zien en ten volle genieten van dit mooie land. Ik raad deze reis 100% zeker aan. Een pluim voor Djoser!

Krystina - 10,0
Terug naar boven