Peru

Peru

Het is zover! Vandaag beginnen we aan onze rondeis door Peru. Maar voor het zover is, maken we nog een ‘rondreis’ door Nederland. We vertrekken om zes uur uit Sneek en rijden naar Almere. Daar laden we de auto uit en een andere in. Jerry brengt ons naar Schiphol en gaat dan door naar z’n werk.

Inchecken, koffie drinken, rondlopen. Tot het tijd is om naar de gate te gaan. Door de controle, weer wachten.

In het vliegtuig hebben we geen plaatsen naast elkaar. Gelukkig treffen we iemand die alleen reist. Ze blijkt ook met Djoser te reizen: Nienke. Ruilen vindt ze geen probleem.

Na 7800 km en diverse maaltijden maken we een tussenstop in Bonaire. In de wachtkamer maken we verder kennis met een deel van de Djosergroep.

Dan nog 2857 km. We landen om 18.00 uur in Lima. Het duurt een uur voor we door de douane zijn en dan nog een uur voor we in het hotel zijn. Dan hebben we alle namen al een keer gehoord, maar we zullen nog wel even moeten oefenen.

Even de bagage naar boven, dan de welkomstborrel met Pisco sour. Lekker fris. Informatie, een voorstelrondje en dan houdt iedereen het zo’n beetje voor gezien. Wij drinken nog een biertje bij Toon aan de bar met Nienke, Mischa, Fred en onze reisleidster Evelyn. Carola

’s Ochtends om 05.00 al wakker. En niet meer in slaap kunnen komen. Om 06.30 opgestaan en maar een wasje gedaan. Om 07.30 naar het ontbijt. Coca-thee met broodjes kaas en jam. Administratie invullen voor hotel.

Vertrek 8.30 in de bus. De tour kon beginnen. De rit ging eerst naar Minaflores. We stopten bij de Tuin der liefde. Volgens de gids kwamen hier de stellen om samen te zijn. Daarna verder naar de ruines die in het midden van de stad waren. Deze waren opgebouwd uit kleine baksteentjes.

Daarna via het park met de olijfbomen naar de Plaza d’Armes. Het plein zelf was afgezet vanwege een demonstratie. Na een rondje te hebben gelopen wilden we verder gaan. Toen we net de hoek omgegaan waren, hoorden we een fanfare. Dit was het wisselen van de wacht. Wij terug naar het plein. Na 15 min. Hadden we het wel bekeken en gingen we richting San Franciscoklooster. De rondleiding bracht ons via de bibliotheek en de kerk zelf naar de catacomben waar van ongeveer 25.000 personen de botten lagen. Volledig gesorteerd op soort en maat.

Daarna terug naar het plein waar we hebben geluncht. Lekker eten voor weinig geld. Daarna in een nieuwe bus op naar het archeologisch museum. Hier kregen we de geschiedenis van alle volkeren die zich in Peru bevonden. Aan het eind was iedereen kapot en gingen we naar het hotel terug. Tussendoor nog even pinnen in Miraflores.

’s Avonds met de 36- ers naar een restaurant, gerund door nonnen. In een serene rust genoten van een heerlijke maaltijd en het Ave Maria. De heen- en de terugreis konden zo in een film gezet worden. Met z’n vieren in een kleine taxi overal tussendoor. Rijdend als een gek.

Om 23.00 naar bed, de eerste hele dag in Peru zit erop. Jelte

Na het ontbijt vertrokken we voor een reis van 234 km richting Pisco.

Onderweg hebben we een tussenstop gemaakt voor een kop koffie. Aangezien de Senseo nog niet is doorgedrongen tot Peru moesten we het met een soort aanmaakkoffie doen! Ach, alles went, dus ook deze koffie!

Het hotel in Pisco waar we sliepen droeg de naam “San Jorge”, een erg leuk hotel.

’s Middags zijn we naar het Reserva Nacional de Paracas (een natuurreservaat waar men gebruik mag maken van de mogelijkheden die het reservaat heeft) geweest. In het reservaat hebben we geluncht in de baai, genaamd “Lagunillas”. Hier is door het grootste deel van de groep voor vis gekozen, wat erg lekker was.

Na de lunch zijn we naar het museum vertrokken. Hier vertelde onze gids Brenda over het reservaat en de dieren die hier leven. Vervolgens zijn we naar de uitkijktoren gelopen, waar vandaan de flamingo’s waren te zien. Na het museum zijn we vertrokken naar een grote rotspartij. De boogvormige rots in de zee heeft de naam La Catedral, een indrukwekkend verschijnsel. Hierna zijn we afgedaald naar het strand, waar we geconfronteerd werden met de overblijfselen van een zeeleeuw.

Na het ontwijken van de zeeleeuw kwamen we bij de volgende hindernis: droog om de rotpartij naar het strandje, om vervolgens door een gat in de rots te kunnen. Een aantal personen, waaronder ondergetekende, kwam met natte schoenen over.

Na de nodige foto’s geschoten te hebben zijn we naar het hotel teruggekeerd.

’s Avonds is het grootste gedeelte van de groep samen wezen eten bij een restaurant in het stadje. Het eten werd opgeluisterd met een optreden van de band die normaal gesproken in iedere Nederlandse stad voor de V&D staat.

Na het eten is een klein deel van de groep een afzakkertje gaan halen in de plaatselijke kroeg, hierbij bijgestaan door Victor en Johnny, onze buschauffeurs. Fred

Vrijdag – bootjesdag

Om half 6 begint het. De eerste haan zet de toon, direct daarop volgen de anderen. Een orkest van hanengekraai, afgewisseld met het geluid van een Peruaanse panfluitpostduif. En dan als je wakker wordt, weet je het: ik ben in Zuid-Amerika. Om 8 uur precies, ja deze groep houdt van stipt, op naar de Ballestas eilanden.

De boot voer weg na enkele minuten wachten. Ik kan beter zeggen, de boot spoot weg. De eerste golf tikte de boot een meter de lucht in, waarna hij keihard op de tweede golf neerklapte.

Maar het was de moeite waard. Daar midden op zee rezen de kalksteen rotsen op. De zee beukte de golven stuk tegen de rotsen. En daar lagen ze. De zeeleeuwen. Moeders met kinderen, heerlijk zonnebaaiend op de rand van de rots. Op het strandje lagen hele families te rollen en te dollen. Werden dan weer mee genomen met de golven en dan weer terug gespoeld. Daartussen vlogen duizenden vogels. Noem ze maar op, Jan van Genten, allerlei soorten meeuwen, sternen en zelfs heuse gieren zagen we.

Als klap op de vuurpijl, de pinguïns. Die malle jongens hipten van rots naar rots. Het was wonderschoon dit stukje natuur.

Maar diep in mijn hart dacht ik hier mag ik eigenlijk niet zijn. Dit is het gebied van de dieren en niet van ons.Maar ja, ik ben toch gegaan en het was heel mooi.

Na de koffie, thee, chocolade etc. weer on the road.

Op weg naar de oase. Hoe leg je mensen uit wat een oase is? Als je er niet geweest bent, gaat dat haast niet. Het is zo’n natuurwonder, een oase: Huacachina.

Zomaar tussen de zandduinen daar waar niets groeit, alleen maar zand, zand en nog een zand. Daar tussen ligt dan opeens verscholen, een meertje met palmbomen, riet en wat huisjes. Alles groen en fris en vrolijk. Daar, zomaar tussen al dat zand. Dat is zo mooi om te zien, net een film, zo voelt dat.

De groep splitste zich ’s middags. Het is trouwens een hele gezellige positieve groep altijd in voor iets nieuws. Dit alles onder leiding van onze lieve Evelyn, die ons geruisloos doch adequaat begeleidt van het ene naar het andere avontuur. De “oudjes” bleven thuis aan de rand van het zwembad liggen, wat zoals Jan zei:”Ook niet verkeerd!” was.

De jonkies gingen als dolle honden met buggy omhoog de zandduinen op om zich daarna op een plank naar beneden te laten glijden. Het was spectaculair, vertelden ze na afloop. En dat wil ik zeker geloven.

Weer een prachtdag, deze vrijdag! Ellen

Rond half 9 ’s morgens was iedereen klaar om te vertrekken. Kortom, op weg naar Nazca!

Na ongeveer twee uur rijden maakten we onze eerste stop in een klein plaatsje. Daar konden we heerlijke verse jus d’orange kopen bij een stalletje. Het sanitair werd weer volop benut, en het was daar erg ‘Peruaans’. Enkelen onder ons hebben nog even rondgekeken in het dorpje en bij een Peruaans gezin thuis binnen kunnen kijken. Ook nog een Peruaanse vrucht gekocht, de chirimoya, die we na een dag of 4 kunnen opeten. Even afwachten nog.

Na deze pauze weer op weg richting Nazca. Al snel kwamen we aan bij het museum van Maria Reiche. Deze Duitse dame heeft veel jaren van haar leven gewijd aan onderzoek naar de Nazcalijnen. In het museum kregen we in gebrekkig Engels een rondleiding. Uitleg over de verschillende figuren, de theorie en de werkwijze van Maria Reiche aan de hand van kaarten en foto’s. In de ruimte ernaast was haar leefruimte nagemaakt met haar persoonlijke eigendommen. Zelf zat ze als een soort goedbewaarde mummie nog achter haar bureau.

In de tuin bevond zich naast haar graf (waar haar zus Renate ook ligt) nog een aantal mooie bougainvillebomen, volop in bloei en een heuse lama!

De gids vroeg zonder blikken of blozen om een fooi. Een goede reden voor Evelyn om de eerder gegeven $5 weer terug te vragen. Jaaa, wie het onderste uit de kan wil hebben, krijgt het lid op zijn neus!!!!

Weer een stukje wijzer vervolgden wij onze reis naar de uitkijktoren over twee Nazcalijnen: de boom en de handjes. Redelijk goed te zien, maar het wachten is natuurlijk op de rondvlucht die we nog zullen maken.

De souvenirboer onderaan de toren deed weer goede zaken met de kooplustige Hollanders.

Rond een uur of half één kwamen we dan eindelijk aan in hotel Don Agucho in Nazca. Een sfeervol hotel met prachtige kamers, zwembad en grote cactussen. De vrije middag was een welkome afwisseling. Een aantal gingen heerlijk relaxen rond het zwembad en anderen gingen vast het centrum in om te shoppen en te struinen. ’s Avonds ging het merendeel van de groep uit eten bij El Porton om vervolgens een kijkje te nemen in het planetarium waar de theorie van Maria Reiche nog een goed uitgelegd werd. Naar horen zeggen vielen een aantal even in slaap, maar al met al een interessant bezoek.

En zo is er weer een eind gekomen aan de vijfde dag van onze rondreis door Peru. Allemaal weer eens stukje wijzer en nog nieuwsgieriger naar de volgende dagen van ons wel en wee in dit mooie land. Nienke

Op tijd wakker en heerlijk ontbijten. Als dat lukt, mag je mee naar de ‘Cementerio de Chanchilla’.

De pre-Inca’s hebben in het verleden hun doden niet op maar lukraak begraven, maar kozen daar specifieke plekken voor uit. Er zijn in de omgeving van Nazca vele, vele (meer dan 2500) mummies gevonden.

Als je een beetje belangstelling hebt voor de historische en culturele achtergronden van dit land, dan hoort een bezoek aan deze begraafplaats er zeker bij.

Ik was zeer onder de indruk, zowel van de begraafplaats als van de utleg en de betrokkenheid van onze gids. De informatie die overigens ook in verschillende reisgidsen duidelijk beschreven is) ga ik natuurlijk niet kopiëren. Maar een paar details wil ik eventuele volgende reizigers niet onthouden.

*De mensen in deze streek hadden het niet breed. Vissers en boeren die erg hard moesten werken voor hun dagelijkse kost. En dat in een gebied dat ongelooflijk droog is. In sommige delen van de woestijn valt ongeveer 2 mm regen per jaar. De rivierbeddingen zijn nu (het is bij ons zomer, dus hier is het winter), in de droge periode ook echt volledig uitgedroogd. De pre-Inca’s vestigden zich langs de oever van de rivier de Nazca (onder andere) om toch verzekerd te zijn van minimale mogelijkheden om gewassen te verbouwen en te overleven.

*‘Na Nazca’ betekent geen regen.

‘Nazca’ betekent pijn.

Ergo: Het zal een zwaar leven zijn geweest dat deze mensen leidden. En voor velen geldt dat nog steeds.

*Helaas zijn door plunderingen niet alleen grafmonumenten, mummies, kostbaarheden verloren gegaan, maar doormee ook veel informatie over het verleden van deze volken

*We zijn onderweg langs cactusvelden gekomen. Deze cactussen worden ‘verbouwd’ vanwege de luizen die daarop leven: de cochemilla’s. Rode kevertjes die gebruikt worden vanwege hun rode kleurstof. In de graven zijn kledingstukken gevonden, honderden jaren oud met de kleur van de cochemilla’s nog volledig intact.

*Als je in de Peruaanse zomer deze reis maakt, heb je de pech dat het in de woestijn zo’n 45 graden wordt, dat het zand nog eens 10 graden warmer wordt, waardoor je alleen al daarom je benen verbrandt en je gympen smelten.

Hebben wij dus geen last van. Verstandige keus van ons.

Na een relaxte lunch bij en tussen de locale bevolking met Pauline, liep de spanning duidelijk op. Op dat moment lieten we maar even in het midden of dat lag aan de aanstaande rondvlucht boven de Nazcalijnen of andere spannende ervaringen.

Duidelijk was in elk geval dat een aantal groeps-/reisgenoten enerzijds de vlucht niet wilde missen, anderzijds er vreselijk tegenop zag. Met andere woorden: door eer een flinke stoere … over heen te gooien werd de aanstaande rondvlucht een spookverhaal van achtbanen, loopings, overgeven, over de kop rollen enz.  de een jut de ander wat op, enz. enz.

En hoe was het nou echt?

Iedereen vond het geweldig!

De piloten zijn nauwkeurig en zorgvuldig. De figuren waren prachtig goed te zien, mede vanwege het mooie namiddaglicht.

Er zijn veel foto’s gemaakt. Gaan we die ff doormailen?

Mijn rolletje was op na drie luchtfoto’s. De ervaring was werkelijk overweldigend. Ik denk dat iedereen die avond zeer opgelucht heeft gegeten en gedronken.

Wij, Nienke, Carola, Jelte, Pauline en ik dus wel. Wederom in een achterafstraatje bij een autochtone bevolking. Uitstekend en gezellig.

Welterusten! Marion

Dag 7: Nazca – Arequipa

Om half vijf ’s ochtends in het donker lig ik al wakker door het geblaf van een hond die duidelijk in de war is. Vandaag gaan we vroeg weg, zonder eten of drinken stommelen we in onze kippenbus en terwijl het stadje ontwaakt, rijden we stipt om 6 uur weg. Op naar nieuwe avonturen.

Kijkend uit het raam zie ik een man zijn troosteloze tuintje water geven; twee hondjes draaien snuffelend om elkaar heen. Onze reisdag is begonnen.

We razen over de kustweg, die soms voor de helft met zand bedekt is. Tegen half negen komen we aan bij het hotel Turistico in Puenta Chala dat alleen voor ons in bedrijf is. Ontbijten en tafeltennissen en iedereen is weer kipfit voor vertrek.

We rijden door een leeg land achter een wilde groene zee. In de verte bergen in de ochtendmist. Na diverse plas-, zeehonden-, en telefoonstops komen we ongeveer twee uur aan in Camana.

Evelyn heeft eerst de hele menukaart met ons doorgenomen in de bus en belde zo onze keuzes door. We lossen haar hele handel vingerpoppetjes, condors en papegaaien. Ze zwaait als we weggaan. We lopen door het stadje, dat net zo goed een decor uit een B-cowboyfilm zou kunnen zijn, om de benen te strekken. We jumpen weer in de bus en nestelen ons op onze plekjes.

Nu gaan we stijgen naar Arequipa.

Later, als het licht goud over de heuvels legt, zien we in de verte de majestueuze toppen, besneeuwd, van het Andesgebergte.

Als ik, na weggedommeld te zijn, mijn oogjes weer open doe, denk ik dat ik hallucineer of dat de hoogteziekte mij al te pakken heeft: ik zie overal groene weilanden en Hollandse zwart-witkoeien aan mij voorbijgaan.

Na dit vlakke stuk klimmen we naar Arequipa, dat we even later (na nog een pindastop) voor ons zien liggen. Duizenden lichtjes wijzen ons de weg.

We zijn er.

Arequipa – rustdag!

Als we ’s ochtends voor het ontbijt beneden komen, is er al een buitengewone bedrijvigheid in en om het hotel.

De youngsters lopen hyper rond na een nacht disco en salsadansen en op straat staan er duizenden stoeltjes klaar en wordt alles afgezet met gele linten voor de grote optocht ter ere van het 466 jarig bestaan van de stad. Nu we losgelaten zijn, fladdert de groep door de stad en ondanks de drukte komt iedereen elkaar wel weer tegen.

We drinken koffie op het balkon en kijken uit over het prachtige Plaza.

Een heldere, blauwe lucht, een uitbundige zon en een frisse wind en je begrijpt waarom ze dit hier de eeuwige lente noemen.

Overal staan en zitten al mensen klaar, sommigen in de zon, onder parasol om het begin, om één uur, af te wachten en wij nog denken dat het zo’n vaart niet zal lopen!

We brengen een bezoek aan Juanita, die er maar koud en verdrietig bij ligt, nu ze hier tentoongesteld is, nadat ze bij toeval ontdekt is, vijfhonderd jaar na haar onvrijwillige offerdood op de vulkaan Amtep.

Daarna bijna verdwaald in het Santa Catalinaklooster waar mij vooral de prachtige kleuren opvallen. Terug naar het hotel Crismar, lijkt, als we weer terug op straat zijn, een onmogelijke opgave. De horde mensen die staat te kijken naar de optocht blijkt dan ook alleen genomen te kunnen worden met behulp van een politieagent die Ellen heeft gecharterd.

De mensen wijken joelend uiteen, we klimmen over stoeltjes naar de straat, waar we onderweg naar het hotel luid toegejuicht worden. Wij lachen en zwaaien.

De verdere middag zitten we in feite opgesloten tot na ver in de avond. We volgen de gebeurtenissen met een biertje erbij vanuit het raam van Fred en Mischa.

Een mooie rustdag. Paul

Dit belooft een dag met hoogtepunten te worden. We zullen een stuk of 10 vulkanen gaan zien van ieder 6.00 m en we reizen over een pas van 4920 m.

Heel comfortabel starten we om 08.30. We ontmoeten een nieuwe chauffeur, Victor, aangekondigd als de beste mountain driver, en worden de volgende dagen gegidst door de meer dan spraakzame Jorge, alias Coco. Of dit alles nog niet genoeg is, reizen we ook met een nieuwe bus.

Coco laat er geen gras over groeien en begroet ons ieder persoonlijk. Jammer genoeg spreken we geen Spaans, maar Coco maakt er een sport van ons alles in het Spaans of Cechua te benoemen voordat hij het in Engels uitlegt. Hij zit ook vol goede raad. Eerste advies is: zorg dat je goed drinkt. Waarom dat voor ons van toepassing moest zijn, begreep ik eerst niet. De meeste van ons zijn immers opperbeste drinkers. Wie is er nu zo gestoord om 2 liter water per dag te drinken? Maar goede raad is duur en we slaan dus met z’n allen een voorraad water in waar we normaal een week mee vooruit zouden kunnen.

Niet lang daarna kondigen zich net buiten Arequipa de eerste drie hoogtepunten aan, de Chachani, de Misti en de Picchu Picchu. Als je gedacht had dat de Misti iets met mist of mysterie te maken heeft, dan vergis je je. Door de onvolprezen uitleg van Coco weten we dat Misti ‘de Heer’ betekent. Overigens betekent Picchu Picchu zoveel als ‘berg berg’.

Dan gaat het de bergen in. De Andes op. Die Peruanen hebben dat ook weer slim bekeken. Van alle grote wegen hebben ze tolwegen gemaakt. En je ziet dat zo’n tolsysteem werkt. Niet al te veel verkeer. Maar het verkeer dat overblijft, kan of niet rijden, of zijn onder gemotoriseerd. Ze halen bij voorkeur op onoverzichtelijke punten in en er zit totaal geen power in de bus waar mee we rijden.

Jammer genoeg heb ik geen aantekeningen gemaakt van de vijf stops die we maakten op weg naar de pashoogte van 4920 m. In plaats daarvan heb ik een aantal plaatjes en praatjes op video opgenomen. Voor liefhebbers is die altijd na afloop beschikbaar.

Als ik het me goed herinner, zagen we achtereenvolgens;

-          de vulkaan van Juanita

-          het reservaat van de vecunas

-          lama’s bij een coca-thee-stop

-          nog eens lama’s met een rode halsband/hoofddoek

-          de broertjes van de chinchilla’s

Bij iedere stop werd de run op de deur, om als eerste je plas te kunnen plegen, groter. Bij stijgende hoogte moet je steeds meer drinken, maar nagenoeg ook steeds meer kwijt.

Welnu, zou graag nog wat meer kwijt hebben gewild over vandaag, want ben met deze dagbeschrijving nog pas tot 14.00 uur, maar helaas, de Andes is naar mijn hoofd gestegen. Bij aankomst in Chivay explodeerde mijn hoofd. Of het er aan lag dat ik te weinig gedronken had, ik niet goed tegen de cocablaadjes kon of gewoon mijn dag niet had, wie zal het zeggen. Volgens Evelyn was het hoogteziekte.

Kan wel zeggen dat dit een heel bijzondere ervaring is, die ik graag voor de nieuwe gids van Djoser verder uit de doeken wil doen. Om de hoogtepunten van deze reis te completeren.

Han

(Namens Marian, die door diaree geveld, deze dag heeft moeten doorstaan)

Op het moment dat ik dit schrijf (=19/8), zit ik in het zonnetje op een balkonnetje na een smakelijke en originele maaltijd bij een ons onbekende familie op het eiland Amantani, midden in het Titicacameer. Bijna 4000 m. hoog, zicht op zee, weelderige bomen en planten (!!) en ommuurde tuintjes eiland inwaarts.

Echter, de plicht roept: ik moet schrijven over eergisteren. Over onze tocht naar de Cruz del Condor en langs de Colca Canon.

Het hotel waar we overnachten in Chivay was prachtig. Maar welk koud! Als we eindelijk tegen de ochtend lekker warm in slaap zijn, bonst de ‘klopdienst’ons om 5 u.30 uit bed… Ontbijt om 6 uur en vlug de bus in op weg naar de condors. Iedereen raakt maar met moeite op gang door alle variaties op de verschijnselen van hoogteziekte. We wisselen belangstellend malaisesymptomen uit. Gelukkig kan iedereen mee!

De ochtend begint met een panische poging om grote hoeveelheden water te scoren. Het winkeltje is snel uitverkocht, de rest van ons moet zuinig zijn op wat er nog is.

We gaan op weg naar de condors. Over een hoofdzakelijk onverhard wegdek, langs eeuwenoude dorpjes met koloniale kerkjes uit 1780 (van de Spanjaarden), langs eeuwenoude Incaterrassen en langs ravijnen! Ik voel mijn maag draaien. We komen langs Dia Tomito, een zeebodem van kalkrotsen, vroeger was dit zee, nu bijna 4 km. hoger… onderweg zien we de gevolgen van de laatste aardbeving daar: grote diepe kloven in de rotsen en de chauffeur moet er manoeuvreren over een smal zandpad wat nog over is en met links en rechts afgrond. Mijn maag…enz.

Bij het uitkijkpunt ‘Cruz del Condor’ tonen de eerste condors al meteen hun indrukwekkende charme. Relaxed vliegen ze door de canon en buitelen boven onze hoofden over elkaar heen. Boven de bussen realiseren we ons pas hun gigantische afmetingen. Met hun spanwijdte van 3 meter zijn ze even breed als het dak van de bus! En dan ook nog 40 kg., dat zich laat drijven op de thermiek in de canon…! Wat een belevenis.

Ook de canon zelf is heel indrukwekkend: 1200m breed, 3000 m diep 170 km lang. Een eind verderop maken we een lange wandeling langs de afgrond. Met wat ondersteunende handen (dank je wel Liane) en bemoedigende woorden lukt het uiteindelijk iedereen dit traject te volbrengen. Aan het eind spreken we nog met een oude boerin, die daar woont in ‘the middle of nowhere’. De gids legt nog de symbolen op haar klederdracht uit.

Op de weg terug stoppen we nog op wat uitkijkpunten voor foto’s en stoppen we in Maca zelfs nog om een lokaal schooltje te bezoeken. Het dorpje is zeer arm, maar de kinderen zien er heel goed verzorgd uit en het schooltje is een ‘schoolvoorbeeld’: gezellig aangekleed klasje en de kinderen m.i. op een heel goed niveau! Leuke leraar en vrolijke kinderen: fijn om te zien.

Middageten doen we in hetzelfde restaurantje als gisteren: buffet met soepen en pasta’s/rijst in grote aardewerk potten met houten lepels. Het ondefinieerbare dessertje nemen we voor lief.

Terug naar het hotel en, hoewel nog wel een beetje zwak, ziek en misselijk, besluit ik mee te gaan naar thermische baden buiten Chivay. Heerlijk! Warm en relaxerend  voor de liefhebbers een drankje op de rand van het bad. Voor de douche kon je zelfs kiezen uit kokend heet of ijskoud…

’s Avonds eten we in kleine divisies en om 21 uur gaan wij PLAT. Elly

De nachttemperatuur was iets minder koud dan de vorige nacht. Jammer dat de andere toeristen al zo vroeg met hun bagage begonnen te sleuren… dus werden we al vroeg wakker gemaakt.

Na het ontbijt namen we afscheid van Coco, die met een plaatselijke bus weer naar Arequipa ging. We vertrokken om half 9 richting Puno, namen nog enkele foto’s van de omgeving van Chivay. Enkelen van de groep voelen zich niet echt goed, o.a. Mischa en Margriet. Blijkbaar hebben ze veel last van de hoogte. Wij ervaren er eigenlijk niet zo veel van . Cocablaadjes kwamen weer te voorschijn, want we moeten weer de pas over. Onderweg ligt een ijslaagje op de plassen. Er werden een heleboel foto’s getrokken bovenop de pas en enkelen van ons maakten ook een ‘steenmannetje’ om de goden gunstig te stemmen.

Rond kwart voor 11 waren we terug bij het restaurantje (waar we enkele dagen geleden coca-thee gedronken hadden). We hadden chance! Albert is jarig en Evelyn had taart gekocht als verrassing: met kaarsjes! Ondertussen hadden we met enkele wat ballonnen opgeblazen.

Toen de taart en de thee op was, ging onze reis verder, over een iets minder hobbelige weg. Rond kwart voor 1 hielden we een picknickstop met een prachtig uitzicht over een meer! Het tafelkleed werd uitgehaald, broodjes, tomaten, kaas, tonijn en avocado’s werden erop gezet. (Evelyn had namelijk de vorige dag inkopen gedaan op de plaatselijke markt.) En of het smaakte! Iedereen werd er stil van, het werd enorm gewaardeerd. We zaten op zo’n 4500 m.

Om half 2 weer verder en kwam Evelyn langs voor een tussentijdse evaluatie. We werden op de rooster gelegd en iedereen kon zijn eventuele opmerkingen kwijt.

Het landschap veranderde heel erg: van gebergte met alpaca’s naar een immens plateau met wijdse zichten met koeien, van bruine tinten naar gele, beige kleuren. Mensen rijden hier met de fiets en zo gaan de kinderen ook naar school.

We kregen ook politiecontrole, de chauffeur moest even de bus uit… en nadien ging het weer verder. We reden door Juliaca, niet echt een toeristische plaats, waar veel fietstaxi’s reden. In de buurt stonden veel baksteenovens, waar op een heel primitieve wijze bakstenen werden gemaakt. Alles is handwerk.

Evelyn probeerde haar hoteluitleg te doen door de micro, ze ergerde zich enorm daar het ding regelmatig liet afweten!! Toch kreeg ze het programma verteld.

Rond kwart over 4 kwamen we aan in ons hotel ‘El Buho’ in Puno, een stad met + 120.000 inwoners aan het Titicacameer.

Iedereen ging nog even de stad in om wat aankopen te doen voor op het eiland. ’s Avonds gingen we met een klein groepje eten bij een Brit. Het smaakte heerlijk en de ‘zieken’ voelden zich wat beter.

Rond half 10 tussen de wol in een warme kamer na een warme douche!

’t Was een lange, mooie, maar toch wat vermoeiende dag! Freddy


Vandaag vertrekken we naar het eiland Amantani. Daarom moesten we wat kleren, een lakenzak en wat toiletgerief in een rugzak steken. Vandaag is Paul jarig. Na het ontbijt gaan we (als verrassing) met fietstaxi’s naar de haven. De eerste taxi was mooi versierd met serpentines en ballonnen, speciaal voor Paul en Ellen.

In de haven werden nog wat inkopen gedaan en dan ging het de boot op. Onze gids voor de 2 dagen heet Siveria, maar we mogen Silver zeggen. Naast de schipper hadden we nog een extra passagier: Laetitia. Toen iedereen aan boord was, de bagage weggezet, vertrokken we voor onze tocht op het Titicacameer.

Onze eerste stop was een rieteiland, waar afstammelingen van de Uros-indianen wonen. Silver gaf ons de uitleg hoe deze eilanden gemaakt werden. Wortels van het riet worden bijeen gebonden en daar bovenop komt een rietlaag. Deze laatste wordt alle 3 weken vernieuwd, de huizen worden dan met enkele mannen opgetild, zodat ook daar het riet vernieuwd kan worden.

Alles werd heel didactisch voorgesteld, we mochten riet proven, dit bezit veel jodium en fluor. De bevolking at dit vroeger wel, maar nu niet meer. Er zijn ongeveer 45 eilanden met in het totaal zo’n 2000 mensen. Op het eiland wonen 5 tot 7 families (soms wel 10). De huizen hebben elektriciteit, tv, … door zonnepanelen. Er is zelfs een crèche, een school, een ziekenhuis en een kerk voor de plaatselijke bevolking. De middelbare school is in Puno.

De mensen leven vooral van toeristen en visvangst. De vissen worden verkocht op de markt in Puno en met het verdiende geld kopen ze die dingen die ze nodig hebben.

Na de uitleg door Silver ging iedereen wat rondlopen, werden er foto’s getrokken en souveniertjes gekocht. Toen kregen we de kans om met een rietboot een stuk te varen, dat was een leuke ervaring. Freddy en ik lagen heel rustig vanvoor… echt om in slaap te vallen. Voor mij mocht dit nog wat langer duren, je kwam echt tot rust.

De boot pikte ons weer op, op een ander eilandje.

En toen kwam de tweede verjaardagsfuif. Evelyn kent blijkbaar de betere bakkers, deze keer waren het koffiekoeken en als toetje mocht Paul de boot besturen: hij werd kapitein, zijn dag kon niet meer stuk.!

Daarna zocht iedereen zijn plekje (binnen, buiten of boven met reddingsvest) om nog zo’n 3 uur te varen naar Amantani. Rond half 2 waren we ter plekke en werd iedereen ontvangen door zijn of haar familie. Wij logeerden bij mama Esperanza, de moeder van Silver. Vanop ons balkon konden we iedereen zien lopen langs de verschillende paadjes, een heel leuk zicht.

Na een heerlijke lunch (soep, rijst met omelet en mate de muna) hadden we wat siësta-time. We zochten een plekje in de zon en genoten van een babbeltje en een boekje.

Rond half 4 kwam Betsy ons ophalen om naar een centraal punt te gaan. Van alle kanten kwam iedereen weer samen. We liepen met z’n allen naar de Plaza, van daar klommen we omhoog naar de top van Pachatata, volgens Silver 30 min, wij deden er toch iets meer dan een uur oer! Daarboven hadden we een magnifieke zonsondergang. (PS: als je 3x rond de ‘tempel’ liep, mocht de een wens doen, heb ik dan ook gedaan en sommige anderen ook). De afdaling ging iets vlotter in het schemerdonker ent oen we gans beneden waren, zagen we geen steek! De tocht tot bij de families was voor sommigen een ware beproeving! Eenmaal weer bij het gastgezin begon het te regenen en kregen we ons diner in de keuken. Lekker warm.


En toen was het tijd om ons te verkleden.

De mannen kregen een poncho en een muts en alle dames werden stevig ingesnoerd: een mooie geborduurde bloes en een wijde rok met ceintuur en een omslagdoek op ons hoofd. De mijne zakte steeds af… hoe die vrouwen dat kunnen ophouden?!

En toen was het fiësta-time. Er werd gedanst, genoten van een biertje, cola of watertje en de 5-koppige band speelde super! Iedereen amuseerde zich toch wat! Ondanks de eerder wat afwachtende houding op de verkleedpartij… rond kwart voor 10 was het afgelopen en ging iedereen weer naar zijn eigen ‘mama’.!

Het einde van een schitterend geslaagde dag! Liane

De zon is bezig aan zijn opkomst. Moeder en dochter des huizes staan op. Wij ook.

Po geleegd, kattenwas met een Wettie en de dag kan beginnen. Het ontbijt (broodjes, jam, pannenkoek en thee) wordt door onze gastvrouw in onze kamer bezorgd. Dochter Juanita komt ons halen om naar de boot te lopen. Vamos. Een gedenkwaardig verblijf (zie hiervoor) loopt af. Bij de boot worden we uitgezwaaid door de gastvrouwen/meisjes. In hun kleurige kleding steken ze prachtig af tegen de bruingele kleur van het eiland.

Oversteek naar het eiland Taquile. Lekker in het zonnetje op het achterdek. Boven ons de blauwe lucht, om ons heen het blauwe water, achter ons het eiland dat we net verlaten hebben en voor ons Taquile, dat maar niet dichterbij wil komen en toch zo dichtbij lijkt. (Voor de liefhebber: het is 24 km).

Na een klein uurtje varen legt de boot dan toch aan. Silver belooft ons een mooie wandeling omhoog, niet te steil, naar de Plaza Principal en dan aan de andere kant omlaag. Op vier afvallers na gaan we op weg. De boot vertrekt, er is geen weg meer terug. Hoewel er vrij steile stukken bij zitten, zijn er voldoende zwak glooiende stukken om op adem te komen. Er is een soort geplaveid pad. Maar alles bijeen genomen, wordt er toch een forse inspanning van ons verwacht, hetgeen echter ruimschoots wordt goedgemaakt door het schitterende uitzicht. Langs terrassen (pré-Inca) met hier en daar een huisje/hutje. Omlaag kijkend zie je het meer, met op de achtergrond de bergen. De stukjes grond zijn gescheiden door muurtjes van gestapelde stenen, de meeste zijn erg klein. Met maar één oogst per jaar levert dat een schamel bestaan.

Silver maant ons door te lopen, zodat we voor de andere toeristen op de Plaza zijn. Dat lukt en we worden beloond voor onze inspanning. Via een beroemde stenen toegangspoort (fotomoment) komen we op het plein. Het ademt rust uit. Wat oude huisjes, gemeentehuis, restaurant (coca-thee en bano), een kerkje met een oude toren ernaast en een gebouw waar handwerk uit de omgeving wordt verkocht. Een meisje in een kleurige rok, mannen in Catalaanse klederdracht. In het verleden is het eiland gekocht door een Spanjaard uit die streek. Hij heeft zijn stempel op het eiland gedrukt. De mannen dragen mutsen waaraan je kunt zien of ze getrouwd zijn of vrijgezel. Maar aangezien het maken van een muts voor een getrouwde man 2 maanden duurt, dragen velen nog hun oude muts. Wat ze wel onderscheidt is het dragen van een soort tasje, waarin cocabladeren zitten. Bij een begroeting bieden ze elkaar een paar blaadjes aan. Bij de vrouwen kun je aan hun haar zien of ze getrouwd zijn. Dat dragen ze dan heel kort geknipt. Van het afgeknipte haar maken ze een gordel voor hun man.

Op de weg naar beneden komen we langs een huis waar een huwelijksfeest wordt gevierd. Zo’n feest duurt een hele week. Daar kruist ook een oud echtpaar onze weg. Prachtig uitgedost. Vooral de man. Hij is een soort stamoudste, een onbetaalde erefunctie. Op verzoek van Silver willen ze wel poseren. Zij vormen een prachtig paatje onder een stenen toegangspoort (fotomoment). En verder maar weer naar beneden. Het pad gaat via trappen, zo’n 500 en nog wat, groter en kleinere treden, schots en scheve. Dat valt nog niet mee.


Beneden ligt de boot te wachten. Er ligt nog een tocht van een kleine 3 uur naar Puno voor ons. Beetje kletsen, beetje zitten kijken, slapen, broodje eten (dank je wel Evelyn). Via de drijvende rieteilanden verlaten we het Titicacameer.

Bij de haven staan taxi’s klaar om ons naar het hotel te brengen. De organisatie loopt weer gesmeerd.

Over de middag en avond kan ik kort zijn: douche, biertje, even door het stadje lopen (incl. bezoek aan kathedraal en internetcafé), dagboek schrijven.

’s Avonds weer heerlijk gegeten. Marian

Na weer een nacht in het hotel in Puno staat iedereen weer fris en fruitig klaar om de bus in te stappen. Deze laatste busrit zal ons naar Cuzco brengen. Een lange, maar erg mooie rit.

Goed, al voor achten kon de bus vertrekken. Na ongeveer 2 uur rijden hadden we een bano-stop in Pucara.

Vervolgens zijn we doorgereden naar het hoogste punt op deze route. Deze ligt op de grens van de regio’s Puno en Cuzco. De hoogte is hier 4335 m! Uiteraard waren er weer genoeg stalletjes met souvenirs en was het weer onderhandelen geblazen. De laatste deal werd in de bus gesloten: 3 truien voor 1000 sol!

Toen snel door naar onze lunchplek. Deze was na 5 minuten al bereikt, dus om 12.45 uur zat iedereen te genieten van het buffet bij ‘Restaurant Turistico Feliphon’. Nog even allemaal langs de bano en toen hup, de bus weer in.

We hadden nog een tussenstop te gaan, namelijk Raqchi. Dit is een gemeenschap waar nog steeds zo’n 80 families wonen. Het is vooral bekend van de Inca ruïnes en voor z’n keramiek (aardewerk) handwerk. Gelegen in de Vilcanota vallei op 3480 m. hoogte kun je de overblijfselen zien van het voormalig Inca dorp. Om te beginnen was er de Wiracocha tempel. Het enige Incagebouw met ronde pilaren. De qolqas waar graan in bewaard werd, 7 stuks zijn weer gerenoveerd/herbouwd. De plaats waar het badhuis ooit heeft gestaan en ga zo maar door. Kortom, het gaf een idee over hoe destijds een Incagemeenschap eruit heeft gezien. Uiteraard hebben de Spanjaarden en de aardbevingen weer een hoop verwoest.

Uiteraard werden er nog weer wat souvenirs ingeslagen om vervolgens weer met de bus verder te gaan. Rond 17 uur waren we dan in Cuzco. Na 3 rondjes over het Plaza del Armas gereden te hebben, wisten we alles te vinden in het centrum.

’s Avonds ging iedereen weer lekker de stad in om te shoppen en te eten. Dat was dan onze eerste kennismaking met Cuzco, onze laatste stek voor de terugreis naar Lima.  Nienke.

Marion en ik zitten op een balkonnetje aan het Plaza del Armas in Cuzco. Straks komt onze lunch, nu eerst een terugblik op vandaag.

Vanochtend begon de dag met het ontbijt.

Om 9 uur vetrokken we lopend naar de grote weg, de Avenida del Sol, waar we groepsgewijs in taxi’s stapten. De taxi’s brachten ons een berg buiten Cuzco op, bij de ruïne van Tambomachay. Dit was een rustplaats voor hoge Incapriesters.

Vanaf deze plek zijn we na drie ruínes naar Cuzco teruggewandeld. Eerst was er Puca-Pucara: een uitkijkpost hier vandaan werd de hele vallei in de gaten gehouden. En de bedienden van de Incapriesters die naar Tambomachay gingen, moesten hier wachten op hen.

Na deze ruïne hebben we + een uur gewandeld naar de volgende, Kenko. Prachtige wandeling door open gebied. In Kenko was een offerplaats, waar lama’s werden geofferd en kinderen. Voor zover begrepen, werden de kinderen levend geofferd. Of werden ze toch eerst verdoofd door de drank…het wordt niet geheel duidelijk.

Verwarrend is dat een andere gids naast de onze iets anders staat te vertellen dan onze Juan-José.

De laatste ruïne was die van Sacsahnaman. Vanaf de top van deze ruïne is er een adembenemend uitzicht over Cuzco. In de muren zitten enorme blokken steen. Het is nog altijd een raadsel hoe de Inca’s die stenen hebben kunnen opbouwen. Er waren de resten van de basis van 3 torens te zien. Helaas hebben ook hier de Conquestadors de behoefte gehad de torens te vernietigen… de stenen hiervan zijn overigens gebruikt om huizen in Cuzco te bouwen.

Na deze ruïne nog een ½ uur naar beneden gewandeld. Rond 14.00 uur waren we allemaal op het Plaza del Armas. Iedereen waaierde uit, de rest van de dag is vrij…

Marion en ik hebben na de lunch de kathedraal en andere kerken rondom de Plaza bezocht. We kwamen een processie tegen: het Mariabeeld werd vandaag, 8 dagen na 15 aug., teruggebracht naar de kathedraal.

De vrije middag en avond waren snel om: we hebben wat rondgelopen, winkels bekeken, in het hotel gerust (en even internetten met ‘thuis’) en redelijk op tijd naar bed, want morgen een lange excursiedag naar de heilige vallei. Pauline

Vandaag gaan we de heilige vallei bezoeken, we moesten om 7.15 opstaan zodat we om 8.30 in de bus konden stappen. Nadat er nog iets geregeld moest worden door Evelyn, vertrokken we uiteindelijk om 09.00,

De gids die deze keer mee was, heette Elkin. De rit zou volgens hem 1½ uur duren voordat we in Ollantaytambo aan zouden komen. Uiteindelijk duurde dit 2½ uur, aangezien we stopten op een ‘viewpoint’ waar eigenlijk alleen maar verkopers te zien waren. We als tweede een uitzicht over het dorpje Urubamba hadden, waar o.a. ook op de berg het nummer 711 stond geschreven wat inhield welke school hier stond. De derde stop kregen we allemaal chicha te drinken. Dit zogenaamde bier, gemaakt uit maïs was niet te zuipen. Het enige leuke van deze stop waren de cavia’s en het kikkerspel. Uiteindelijk kwamen we aan in Ollantaytambo. Hier was een Incaruïne. Via het eerste terras klommen we naar boven. Elkin liet ons een gezicht in de berg zien en legde ons een aantal dingen uit over de tempel. De tempel is nooit afgebouwd door de invasie van de Spanjaarden.

Via een smal bergpaadje zijn we via het tweede terras weer naar beneden gegaan.

Weer de bus in, onderweg naar Pisac, alwaar we onder het genot van een regenbui hebben geluncht.

Na de lunch nog snel over de markt en daarna door naar de top van de berg. Hier gingen we een wandeling maken naar de tempel van de zon (Intihuatawa). De wandeling beston uit trappen, smalle paadjes, een grot en hele mooie uitzichten. Voor de mensen met hoogtevrees was er een alternatieve route. Na een uur te hebben gelopen waren we bij de ruïne. Hier mochten we 10 minuten los rondlopen en daarna wilde de gids weer terug naar de bus.

Om 17.00 reden we weg en om 18.00 waren we in Cuzco terug. Om 18.30 afgesproken met Nienke om samen te gaan shoppen in het souvenirs-mega-centrum. Na hier een uur rond te hebben gelopen, hadden we het wel bekeken. Hoofdzakelijk meer van hetzelfde.

Daarna in een lokaal tentje wat gegeten met muziek erbij. Om 23.00 ons bed in, want we moesten de volgende dag vroeg op.  Jelte

Cuzco - Aguas Calientes

Vroeg op vandaag. Na ontbijt vertrek 6.30 met de bus naar Ollantaytambo. Dezelfde route als gisteren.

Onderweg hingen de mistvlagen rond de bergtoppen en de zon scheen erdoor, daardoor was er ’n prachtig lichtspel rond de besneeuwde bergtoppen.

Vanuit Ollantaytambo gaan we verder met de trein naar Aguas Calientes. Op het perron was het druk van de toeristen en kraampjes/barretjes met een/drankjes en souvenirs.

Het perronnetje deed mij denken aan “Once upon a time in the West”. Er was ’n uitgebreide ticketcontrole voordat we in mochten stappen. Het was ’n boemeltreintje op smal spoor.

We reden door een dal en volgden de Urubambarivier. Het dal was prachtig met enorme rotsblokken in de rivier, die door het water helemaal glad- en uitgeslepen waren. Onderweg zagen we ruïnes uit de Inca-tijd, Inca-trailers en de begeleiders/dragers van de Inca-lopers die het kampement af aan het breken ware.

Verder zagen we het boerenland met de huizen (deze mensen leven eenvoudig en sober).

De vegetatie veranderde tijdens de heenreis van droog en verdord naar groen en naar overweldigend groen. Met de kleuren wit/geel/paars/rood van de bloemen en bloesem. Het klimaat veranderde ook van droog/koel naar vochtig/klam.

Bij aankomst in Aguas Calientes, + 11.00 uur, was de stroom uitgevallen door hevige regenval. Bij aankomst in het hotel kregen we koffie/thee. Het dorp Aguas Calientes is nadrukkelijk toeristisch. Allemaal hotels, restaurants e souvenirwinkeltjes /-kraampjes. Het dorp is gebouwd tegen hellingen en heeft daardoor steile straatjes. Er rijden geen auto’s (verademing), alleen rijden er continue bussen van Aguas Calientes naar Machu Picchu. Het dorp vertoont een expansieve bouwactiviteit. Er zijn hoofdzakelijk toeristen in het dorp. (En de toeristenstroom is nog lang niet afgelopen.)

's Middags konden we de dag invullen zoals we zelf wilden. We konden o.a. wandelen, naar de warmwaterbronnen gaan, een berg beklimmen (maar dit werd afgeraden door de hevige regenval.

’s Middags hebben we na de lunch gerelaxt, ’t dorpje bekeken, souvenirs gekocht. Er was ’s middags nog een flinke regenbui en het bleef de gehele dag bewolkt. Het was kouder dan dat ik verwacht had.

’s Avonds nog een kleinigheidje gegeten en vroeg naar bed. Morgen staat Machu Picchu op het programma en we vertrekken dan om 5.45 uur. Ik ben erg benieuwd, verwachtingsvol en gespannen. Nelly

Vandaag heel vroeg opgestaan, vijf uur ontbijt. De ochtend is kil en grijs en de hemels is bedekt met een wolkendeken. De bus naar Machu Picchu voert ons door een prachtig dal, de wolken plakken als donsplukken aan de bergtoppen.

Een vreemd gevoel neemt bezit van je. Kriebels in de buik, want wij zijn onderweg naar een unieke plek op aarde, zulke plaatsen zijn er een aantal op aarde en dit is eer één van.

Bij binnenkomst is de eerste blik op Machu Picchu overweldigend, niet te beschrijven, dit moet je met eigen ogen aanschouwen, beleven, emoties komen los.

De zon bindt de strijd aan met het wolkendek en twee stralen vallen als ogen op de berg Huayna Picchu, die noordelijk van Machu Picchu ligt en zeer dominant aanwezig is. Met deze twee lichtplekken lijkt het alsof de oude Inca nog even een blik in de tegenwoordige tijd wil werpen. Het beperkte zonlicht in combinatie met het wolkendek levert een fraai schouwspel op rond de bergtoppen.

Na een eerste kennismaking begint de rondleiding met de gids, die een diepgaande utleg geeft over de functie van de van de afzonderlijke gebouwen. Het voert te ver om ook maar een poging te wagen dit te beschrijven. De literatuur over Machu Picchu is een beter naslagwerk.

In de loop van de ochtend wint de zon de strijd met de wolken en kunnen we genieten van een zonovergoten Machu Picchu. Na de rondleiding met de gids die circa 2 uur duurt, is er nog veel tijd beschikbaar om op eigen initiatief de opgraving te ontdekken. Om een totaaloverzicht van Machu Picchu te krijgen zijn er twee mogelijkheden: het pad naar de Zonnepoort of de berg Huayna Picchu beklimmen die circa 2700 m hoog is en driehonderd meter boven de opgraving uitsteekt.

Persoonlijk heb ik voor de laatste gekozen, dus het onderstaande is een persoonlijke beleving. De klim naar de top is technisch niet moeilijk, grotendeels ruw geformeerde trappen, maar zeer steil. Het is dus regelmatig rusten om weer op adem te komen, maar mensen met een goede conditie kunnen deze klus binnen een uur klaren. De beloning is enorm. Het is een verheven gevoel om op het puntje van de rots te staan met niets dan ruimte om je heen en een overweldigend uitzicht op Machu Picchu. Ik pink een traan weg, dit zijn van die momenten waarvoor je dit soort reizen maakt. Het voelt als “being on top off the world”. Maar daarvoor moet je nog ruim 6000 meter hoger klimmen, hoe dan ook, dit is emotie, heerlijk.

Na zo een inspannend programma is het aangenaam om in het dorp te genieten van een bord spaghetti en een biertje. In de namiddag vertrekt de trein naar Ollantaytambo en voert ons door de prachtige vallei van de Urubambarivier. De late middag en avondstond valt, de vallei met een oranje licht, wat het landschap nog betoverender maakt.

Met het vallen van de duisternis bereiken we Ollantaytambo. De parkeerplaats waar de bussen staan opgesteld die ons naar Cuzco vervoeren, blijkt een uitdaging voor de buschauffeur, maar met een zuidelijk temperament en een behoorlijk portie stuurmanskunst wordt ook deze klus geklaard. Na een rit van circa twee uur in de duisternis bereiken we om acht uur Cuzco.

Vermoeit, maar uiterst voldaan na een prachtige dag. Jan

Na ons met een deel van de groep verdiept te hebben in het nachtleven van Cuzco en het dansen van de salsa, zijn we rond 9.30 opgestaan. Zaterdag was onze laatste dag in Cuzco, die wij volledig vrij konden besteden.

Cuzco is een geweldige, leuke en gezellige stad waar veel te zien en te doen is.

Na het ontbijt hebben we een bezoek gebracht aan de kathedraal, die er ook van binnen mooier uitzag dan dat we hadden verwacht. Vervolgens hebben wij het Inca-museum bezocht. Dit museum laat de geschiedenis, de manier van leven en de gevonden opgravingen van aardewerk zien.

Vervolgens hebben we het museum van de pre-Colombiaanse kunst bezocht. Ook hier weer veel aardewerk uit de verschillende periodes. In dit museum was ook een zaal ingericht voor houten voorwerpen en een zaal voor goud en zilver.

Na deze culturele ochtend hebben we genoten van een heerlijke lunch aan de Plaza des Armas. Na de lunch zijn we richting Plaza de San Blas gelopen en hebben nog een aantal foto’s gemaakt van het mooie Cuzco. Richting Plaza de San Blas veranderden de souvenirwinkels in winkeltjes met schilderijen en aardewerkkunst.

Hierna zijn we weer richting Plaza des Armas gelopen en hebben nog wat laatste souvenirs ingeslagen en nog wat foto’s gemaakt van de Plaza des Armas in het donker met de mooie verlichting. Hierna terug naar ons hotel ter voorbereiding van ons afscheidsetentje.

Om 19.15 verzamelen in het hotel voor het etentje. Ons afscheidsetentje was in het bijzondere restaurantje “Fallen Angel”. Hier namen we plaats aan de badkuip met goudvissen. We hebben heerlijk gegeten, ‘gelounched’ en ‘gechilled’ en nog een aantal leuke foto’s van de groep gemaakt. Vervolgens hebben we onder leiding van Liane nog het ‘lief, klein konijntje’-lied gezongen. Na dit lied zijn we weer teruggegaan richting hotel, om de bagage weer in te pakken voor onze reis richting Lima en Amsterdam. Mischa

Zes uur vertrek met de bus.

Half zeven inchecken. We wegen maar één kg meer dan op de heenweg. Tja, wel iets meer handbagage…

Luchthavenbelasting betalen en dan wachten. We vliegen een uur later.

Tien over half acht door de gate, wachten.

Half negen vertrekt het vliegtuig. We hebben een mooi laatste uitzicht op besneeuwde bergtoppen. De terugreis is begonnen.

We krijgen zelfs op deze korte reis (één uur) nog een broodje met cake en koffie.

Deze keer hebben we onze bagage zo en rijden we in drie busjes naar ons eigen ‘Toon’. Daar stallen we onze bagage, drinken we thee en koffie en nemen we als groep ‘officieel’ afscheid van Evelyn.

Eén van de busje is blijven wachten. Die brengt een deel van ons naar het centrum en een deel van ons naar het Museo d’oro. Wij (Nienke, Jelte en ik) zijn vandaag informatiemoe. Wij struinen door de winkelstraat op zoek naar een lunchplek. Vandaag is het druk, er is een folklore festival. En voor we het weten zien we (weer) een optocht met kleurrijke dansgroepen in prachtige kostuums. Enthousiast huppelen ze allemaal richting de Plaza.

Verderop vinden we een lunchplek en daarna lopen we verder richting de kathedraal Daarna belanden we achter het paleis op een bazaar, waar we de enige toeristen zijn. Dus worden we door één van de cabaretiers flink op de hak genomen (denken we, gezien de lachende Peruanen).

We zijn op tijd terug op de Plaza, zodat we weer met het hele stel in het busje terug kunnen. Deze middag heeft Lima toch wat ‘menselijker’ gemaakt. Bij Toon verfrist iedereen zich wat en kletsen we op de plaats waar het allemaal begon. Er wordt heel wat meer gepraat dan drie weken geleden.

Weer vertrekken we in drie busjes. Onderweg halen we de ‘Josti-band’ in. In de aankomsthal staat een enorme rij. Wij sluiten aan. Met veel zoenen en goede wensen nemen we afscheid van Evelyn. Zij vliegt morgen pas.

Na rij 1 zijn we de bagage kwijt. Rij 2 is de luchthavenbelasting, rij 3 immigratie, rij 4 douane. Het uurtje ‘vrije tijd’ is dan al bijna om Onze laatste soles gaan op aan lekker t.g.v. de straatkinderen. Na rij 5 zitten we eindelijk in het vliegtuig.

Ook deze reis komen we geen eten en drinken tekort.

Wij nemen op Bonaire afscheid van Margriet en Albert en van Han en Marian. Zij rusten van de reis nog even uit in tropische temperaturen.

Van de rest nemen we op Schiphol afscheid. We hadden trouwens aardig wat controles voor we bij onze bagage konden komen.  Carola

Klantwaardering

8,9

Prachtige reis beleefd! Alles tip top geregeld door Djoser....
Prachtige reis beleefd! Alles tip top geregeld door Djoser. Je kan in 2 weken écht wel de hoogtepunten van Peru zien en ten volle genieten van dit mooie land. Ik raad deze reis 100% zeker aan. Een pluim voor Djoser!

Krystina - 10,0
Terug naar boven