Rusland

Reisverslag Rusland reis april/mei

Reis ondernomen door Lidy en Pieter Jelle, Kees en Marijke in een groep van in totaal 18 mensen georganiseerd door DJOSER. 

Dag 1, zondag 26 april
 
AMSTERDAM- MOSKOU

Vroeg op hoor, maar de trein was precies op tijd en om 07.00 uur konden we ons melden bij de incheckbalie.
Hoe handig is het toch tegenwoordig dat je thuis al kunt inchecken en op Schiphol alleen nog even de koffers hoeft te laten labelen.
Met de kleurrijke Djoser plakkers kon de douane zich niet tevreden stellen.

Na het nuttigen van koffie en een broodje vertrokken we om 9.30 uur met de KLM naar Moskou. Drie uur later landden we veilig en na controle van de visa en een paar prachtige stempels rijker van een uiteraard zeer belangrijke geüniformeerde dame maakten we kennis met de overige reislustigen in de groep, die bestaat uit 18 mensen en uiteraard met onze reisleidster Tamara Smirnova.

Nadat we de klok twee uur naar voren hadden gezet bracht de bus ons in anderhalf uur naar het hotel. Ook op zondag is de drukte in het verkeer groot. De moskovieten komen in de namiddag terug uit hun datscha’s. Neemt niet weg dat we om 18.15 uur collectief aan tafel konden, handig geregeld door Tamara voor zo’n eerste avond. We snakten naar wat eten en vooral drinken. Intussen had ik me al verbaasd over het immense hotel; vier torens, alpha, bêta, vega, gamma, van ieder 28 etages. De eetzaal was een ruime oase van lichte kleuren, diffuse verlichting en gedempte stemmen. We mochten aanvallen op het uitgebreide buffet.

Alles verliep volgens planning en zodoende konden we met de groep onder leiding van Tamara nog voor donker met de metro op weg (rails eigenlijk) naar het markantste punt van Moskou, het Rode Plein. En ja hoor, na zo vaak foto’s of televisiebeelden ervan te hebben gezien konden we dan met eigen ogen de Basilius kathedraal aanschouwen. Een bouwwerk van karakteristieke vorm en grote veelkleurigheid. Pompeus maar vriendelijk met haar uivormige dakkoepeltjes en goudgeverfde koepelpunten.

Aan de ene lange zijde van het langwerpige plein staat het warenhuis Gum. Een neo classisistische facade van onwaarschijnlijk grote omvang. Aan de andere lange zijde het monumentale Lenin mausoleum van donkerrood marmer. Is er groter contrast denkbaar tussen soberheid en uitbundigheid? De schemering trad reeds in en hopelijk heeft de ondergaande zon de foto’s niet al te rood gekleurd, want rood zijn ook al de muren van het Kremlin.

Niet zo rood zijn meer de mensen. Zij hebben het planmatige collectivistische productiemodel verdrongen en streven naar een grotere welstand. Om je heen kijkend lijkt dat flinke groepen mensen prima te lukken. Naast de toeristen zag ik veel Moskovieten op straat. Jong en oud, veel verliefde stelletjes, naar moderne maatstaven gekleed. De dames liefst op hoge hakken, hun vrouwelijke schoonheden vrijmoedig etalerend. En flink consumerend. Wel zag ik op strategische plekken altijd een wakend oog van een uniform met een iets te grote pet, een kennelijke gezagsdrager, maar niet hinderlijk of opvallend.

Tenminste als je maar niet met je onbeschofte derrière op de gedenksteen van Lenin gaat zitten, zoals ik een al te naïeve jongeman zag doen, dan moet je toch wel even mee met oom agent.
Toch denk ik niet dat je dan in Lubjanka terecht komt. Dat gebouw staat er overigens nog wel en uiteraard moet je dan al gauw denken aan de bittere tijd na de tweede wereldoorlog, aan de goelag, aan Solszjenitsjin en vele andere intellectuelen die er ooit hardhandig werden verhoord. Ook denk ik aan mijn militaire diensttijd (1965) waarin ik werd voorbereid ooit het Rode Gevaar te kunnen weerstaan. Dat rood is verbleekt en we weten nu wat perestroika is.
De kapitalistische ontwikkeling is voor sommige snel gegaan. Hoeveel dikke luxe auto’s heb ik gezien. Er is niet alleen een goed verdienende middenklasse maar ook een rijke spilzuchtige, bovenklasse.
Ik hoop maar dat het centrum van Moskou niet representatief zal zijn voor geheel Rusland.

Dag 2, maandag 27 april 2009

MOSKOU

Dat was even wennen aan het bed en meer nog het nimmer aflatende geroezemoes van het verkeer, maar na een goede nacht slaap en een stevig Russisch ontbijt (wat een keus) gingen we vroeg op pad naar het hart van de stad. Misschien mag ik wel zeggen het epicentrum van Rusland, wat inmiddels een stuk kleiner is dan de vroegere USSR.
De toegangsbiljetten voor het Kremlin, waarmee ik letterlijk het door een muur omheinde gedeelte bedoel, waren flink aan de prijs. Met dit biljet mochten we dan alle in die besloten omheining liggende gebouwen en kerken betreden, inclusief de niet te missen wapenkamer.

Verbaasd waren we over het grote aantal kerken op dat beperkte wat hoger gelegen deel van de stad. Allen rijk versierd met fresco’s en vol met iconen, zoals de Maria kerk en de Archangel kerk. Hier viel ons spontaan een klein optreden van een a kapelaan koor ten deel. Wat een vakmanschap van vier mannen. De akoestiek leek mij voortreffelijk. Wij voelden de devotie in ons groeien.

Dan op naar het Patriarchen Paleis, voornamelijk gevuld met antieke meubels, voorwerpen van verfijnd huisvlijt, schilderijen e.d. We bezochten ook nog een toevallige juwelenexpositie uit India. In de bewerking van sabels messen krissen e.d. zijn de Russen gewaagd aan de Indiers.

We genoten van het schitterende weer, van de lieflijke en rijk versierde kerken met zijn goudkleurige uivormige koepeldaken. 
Ook de regeringsgebouwen zagen er tip-top uit. Voorwaar het visitekaartje van de stad, bovendien geheel autovrij, een ideale plek om rondslenterend je te vergapen aan al die historische rijkdommen. 
En dan de wapenkamer, Tamara had ons te verstaan gegeven dat niet te missen. Talloze schatten uit de lange geschiedenis. Veel goud en zilverwerk, kazuivels, Fabergé eieren, wel twintig koetsen en karossen, zelfs nog uit de 16e eeuw. Zowel staats- als kerkelijke schatten mochten wij in gedempt licht bewonderen.

Onze reisleidster had ons van te voren geadviseerd wat eten en drinken mee te nemen want eenmaal binnen de muren is er niets te verhapstukken. Veel moeite hadden we met het verdringen van dat Hollandse gevoel van een bakkie doen om half elf. Ronduit teleurstellend, maar eigenlijk wel begrijpelijk, was het overigens dat we de in ons piepkleine rugzakje meegezeulde proviand voor het begin van het bezoek aan het Kremlin af moesten geven bij de garderobe. (tegen betaling van een bedragje dat de aanschaf van een fles water overschreed). De hele morgen spendeerden we aan alle bezienswaardigheden tussen die veilige rode bakstenen muren. Natuurlijk sloegen we het reuzen kanon en de nog reusachtiger bronzen klok niet over.

Met een als maar warmer wordende zon stevenden we af op de Arbat boulevard. Het vermeende “Montmartre”gehalte vond ik nou niet zo groot op deze langgerekte winkelboulevard maar gezeten op een terras aan een pivo (biertje zo begon ik al te leren) lieten wij ons de tekenkunsten van een doorgewinterde Moskoviet met Franse alpinopet rustig welgevallen. Ik vond zijn prestatie naar behoren en hoewel wij geen opdracht hadden gegeven voor het werkstuk (kunststuk zou ik het niet willen noemen) gaven we hem een bedrag voor zijn houtskoolprestatie waarmee hij kennelijk goed uit de voeten kon.

Ook wij gingen te voet verder via een aangename groene zone tussen het drukke verkeer door naar de Christus Verlosser kathedraal. Alsof we nog niet genoeg iconen en fresco’s hadden gezien. De kathedraal verkeerde in uitzonderlijk goede staat. En naar later bleek is deze dan ook geheel herbouwd in 1992 na eerder platgegooid te zijn om plaats te maken voor een zwembad. Geheel wit van buiten en bijzonder imposant door de ligging op een omheind terrein, bovendien fraai gedecoreerd tot glimmend aan toe van binnen, werd deze kerk door veel gelovigen en toeristen bezocht. Ongemerkt was het vijf uur geworden en werden we verzocht het heiligdom te verlaten.

De volgende afspraak luidde om 19.00 uur op het Revolutieplein naast de Doema, de Russische tweede kamer. Voor het vervoer over de niet al te grote afstand kozen we voor de metro maar doordat we aanvankelijk de tegengestelde kant op reden kostte de weg terug uiteindelijk vermoedelijk meer tijd dan we te voet nodig gehad zouden hebben. Onze honger stilden we bij Sbarro, een zelfbedieningsrestaurant met Italiaanse gerechten. In de zaak was het net zo druk als op de trappen van de metrostations. Het mooie weer, zonovergoten en warm genoeg voor korte rokjes en uitdagende decolletés trok veel (jonge) mensen naar de weinige en dus overvolle terrassen.

Iedereen meldde zich op tijd. Tamara stond ons al op te wachten. Zij gaf onze groep over aan Elina, een goed Engels sprekende Russische gids die ons de schoonheden van een aantal metrostations liet zien.
Elina wees ons op glas in lood, beschilderde ramen, mozaïeken, gestucte rozetten, barok vormgegeven smeedwerk, marmer, graniet of edelstaal bij recenter gebouwde stations. Met grote zorg is elk station op kostbare wijze vorm gegeven. Het ondergrondse netwerk is zeer uitgebreid en prima onderhouden. Het stelsel bestaat uit 160 stations, die voor het transport zorgen van 12 miljoen inwoners.

De meest vrouwelijke beambten zien toe op een ordelijk verloop. Geen graffiti te zien, geen rommel op de perrons, versteld sta je van de mensenmassa die elke twee minuten in of uit stapt. Niet eerder stond ik op een roltrap die zo diep de grond in ging. De verlichting is waar dan ook zeer fraai, veelal in art deco stijl en geen lampje dat niet brandt.

Na de ondergrondse ontdekkingstocht stapten we allen in de gereedstaande bus voor een bovengrondse tour door Moskou “by night”. Imposant was het de stad te kunnen zien liggen vanaf het hoogste punt nadat we de rivier de Moskva waren overgestoken.
Na al dat geloop was het trouwens ook een comfortabel gevoel even te kunnen zitten in de bus op een stoel met een hoge rug.
Wat een torens en koepels kenmerken de horizon van deze stad. Een goede indruk kregen we tijdens het rijden ook van de meer uit het centrum gelegen woonwijken en niet minder van het verkeer trouwens. Ontstellend veel auto’s, ouwe vervuilende brikkies maar ook een categorie van groot tot heel groot, of is dat een onvermijdelijkheid in verband met de forse gestalte van de Russische macho? De kleur van het glanzende staal is dan bij voorkeur zwart.

Tijdens een tussenstop werden we getrakteerd op Russische champagne die wij staande in een kring hebben opgedronken.
De dag was warm, (24 graden) lang en leerzaam. Ik was blij dat we om 23.00 uur het hotel bereikten zodat we dan eindelijk naar bed konden, al of niet na de consumptie van een koel drankje.


Dag 3, dinsdag 28 april 2009

MOSKOU

Wij volgden het advies van Tamara en na vijf haltes met de metro uitgekomen bij het Rode Plein bezocht de een het Lenin mausoleum en betrad de ander het daartegenover gelegen walhalla van de luxe detailhandel, Gum. Gezien mijn verwantschap tijdens mijn werkzame met de luxe detailhandel koos ik voor dat laatste.
Niet was het mijn bedoeling een kostuum van Boss te kopen noch schoenen van Rosetti, laat staan een nieuwe geur van Yves Saint Laurent, maar een bijzondere belevenis is het wel dit paleis van binnen te zien. Eigenlijk dekt het woord warenhuis de lading niet. Het is meer een eenzijdig op mode gerichte aaneenschakeling van kleine luxe merkwinkels. Overigens op dit tijdstip van 11.00 uur zag ik meer stevig geschouderde mannen met oortjes dan klanten, maar gaande weg dienden zich meer doelgroep prospects aan.

We bereikten te voet de andere oever van de Moskwa rivier.
Achteromkijkend konden we foto’s nemen van de door de zon beschenen goudglanzende boven de kremlinmuur uittorenende kerkkoepels. Ons doel was het Tretjakov staatsmuseum. Even zoeken, maar de stroom jongelui volgend, bracht ons in de goede richting. We genoten van de 18e en 19e eeuwse Russische meesters.
De collectie iconen, veelal her en der uit Rusland verzameld en allemaal in uitstekend geconserveerde conditie was bijna te veel.
Weer viel het mij op dat menige groep autochtone jeugd het museum bezocht, onder leiding van en uitleg door een gids. Het café in het souterrain, overigens fraai betegeld met marmer en natuursteen, gaf ons de gelegenheid even te gaan zitten met een hapje en een drankje.

Een oase van rust was het beeldenpark dat we na een kleine wandeling langs de Moskwa rivier wisten te bereiken. Het was ons natuurlijk te doen om de reusachtige beelden van Lenin en Stalin die na de perestroika en glasnost hier een plaatsje hadden gekregen. Keurig hoor, net niet verstopt, maar zonder enige grandeur. De door de tijd achterhaalde communistische levensbeschouwing heeft afgedaan en daarin past niet meer de verering van de oude iconen.

Wel konden we vanuit deze positie op een daartoe aangelegd eilandje in de Moskwa het reusachtige beeld van Peter de Grote zien. Fier uitkijkend vanaf zijn schip lijkt hij wel de wereld(zeeën) te kunnen overzien. Aansluitend op dit tegen betaling te betreden park ligt de Tretjakov galerij. Lidy, Kees en Marijke verkozen zittend op een bank in het park te blijven. Mijn interesse ging uit naar de impressionisten. En daarin werd ik niet teleurgesteld. Rusland zelf heeft wat die stroming betreft zijn eigen meesters maar ik kon een groot aantal meesterstukken bewonderen van Renoir, Degas, Sisley en Pisarro. In een volgende zaal hing een enkele Chagall en Picasso.
Het gebouw zelf is een toonbeeld van de communistische massieve zwaarwichtige fantasieloze bouwstijl uit de jaren vijftig. Gewoon een betonnen rechthoekige doos. Het aantal bezoekers was zeer gering en evenaarde het aantal zorgvuldig kaartjes controlerende suppoosten.

Na al deze indrukken zat de dag er wel op en zo langzamerhand vertrouwd met de loop van de metrolijnen en enigszins het cyrillische schrift herkennend vonden we spoorslags de weg naar huis, d.w.z. ons hotel Vega dat trouwens zeer gunstig ook vlakbij een metrostation ligt.
Onderweg zagen we kans een degelijk bord patat met kebab en een flinke bel pils te scoren. Een glaasje wodka deed ons spoedig in bed belanden.


Dag 4, woensdag 29 april 2009

Gouden Ring

MOSKOU-VLADIMIR-SOEZDAL

Het weer blijft onveranderlijk mooi en om 9 uur vertrokken we met de bus in noordelijke richting op weg naar de “gouden ring”. Nadat we ons ontworsteld hadden aan het intensieve moskouse verkeer dronken we eerst koffie.

Het landschap werd lieflijker (niet de rotzooi in de berm trouwens). Onderweg zijn we kort gestopt bij de 11e eeuwse stadspoort van ……..Tamara had voor ons allen een warme lunch georganiseerd in een allerliefste authentiek geheel uit hout opgetrokken restaurant.
Even later in Vladimir, maakten we een tussenstop bij een 12e eeuws klooster waarin 100 nonnen in zwart habijt geheel zelfvoorzienend het huishouden regelden. Voor het zware werk in de tuin hadden de dames wel tijdelijk enkele flink uit de kluiten gewassen jongemannen als vrijwilligers aangetrokken. Op het complex bevond zich een kerkje, gebouwd op zeer oude fundamenten, die we staande op een glasplaat onder ons mochten bekijken. Indrukwekkend was de ongecompliceerde eenvoud en originaliteit van de bouw. Vanaf de fresco’s op de binnenmuren werden we goedkeurend aangestaard door menige heilige of discipel. De ooit aanwezige iconen zijn jaren geleden al geconfisqueerd door Moskou. Verder lopend langs weer een andere (niet toegankelijke) kerk vielen ons aan de buitenkant de mooie reliëfs op.

In het dorp overigens had de tijd niet stilgestaan, er waren behoorlijk wat industriële- en handelsactiviteiten waarneembaar. Vervolgens kwam een wat avontuurlijker dagdeel. Te voet moesten we behoedzaam een spoorcomplex oversteken, je moet het maar weten, teneinde in de verte een geïsoleerd gelegen wit kerkje (Pokrova na Nerli) in het landschap te kunnen ontwaren. Anderhalve kilometer door een idyllisch groen vlak landschap te gaan en we stonden met onze neus er bovenop. Gelegen aan de zijtak van een riviertje kon men zich geen verhevener plek voorstellen. Tamara wees ons op de bekende bouwstijl van 3 bogen, een middenschip en twee zijbeuken, maar dit keer van verschillende breedte, wat een subtiel royaal effect suggereerde.

Na de terugtocht en nadat we enkele bankzitters opgepikt hadden, die om redenen van lichamelijke ongemakken zich tevreden hadden gesteld met een blik en of foto vanuit de verte, bracht de bus ons naar Soezdal. Deze plaats staat op de Unesco werelderfgoederen lijst.
Ten behoud van het originele karakter vinden er geen industriële ontwikkelingen plaats. Alle naaiateliers moeten zelfs in oude staat blijven. Hier lijkt de tijd wel te hebben stilgestaan voor de elf duizend inwoners en de veertig kerken. De huizen zijn veelal van hout en altijd zijn de ramen omzoomd met het prachtigste houtsnijwerk.
Het wegdek is zeer slecht en van een trottoir is nauwelijks sprake.
Maar juist die eigenschappen maken het dorp juist uniek.

Ons hotel bood meer luxe dan het gemiddelde uit zijn omgeving. Het was volledig gerenoveerd en van alle gemakken voorzien.
Paradoxaal is dat wel een beetje want enerzijds ga je juist voor dat originele en nog primitieve maar anderzijds verlang je wel het moderne comfort. Djoser heeft in deze een goede oplossing gevonden.
Met de taxi lieten we ons naar het centrum rijden. Op advies van de reisleiding aten we in een restaurant dat gelegen was binnen de muren van het kremlin. Zelf zouden we dat niet snel gevonden hebben. Het was een grote uitspanning onder een oud stenen gewelf en tussen muren van twee meter dik, die veel luxer bleek te zijn dan verwacht, vooral ook ten opzichte van de uitstraling van zijn omgeving.
In de gang naar de garderobe ontdekte ik talloze diploma’s van culinaire instituten en foto’s van Poetin met zijn gevolg die het etablissement kennelijk een keer hebben bezocht.
De prijzen waren dan ook dienovereenkomstig.

Aangezien de hele groep in hetzelfde restaurant was geweest konden wij later ’s avonds onze slow food ervaringen uitwisselen in het veel minder ambitieuze bar gedeelte van ons eigen hotel.
De lokaal bekende drank kostte ons niet de kop.


Dag 5, donderdag 30 april 2009

SOEZDAL

Wat een leuke ambiance in Kuchkov’s guesthouse, met zijn gemoedelijke huiselijke verzorgde uitstraling en ruime kamers met een comfortabel zitgedeelte. De badkamers waren uitgesproken groot, wat mij in de gelegenheid stelde een klein wasje te doen. Hulpvaardig daarbij was de nog in werking zijnde verwarming.
Het ontbijt is een verrassing, pannenkoeken met honing. 
Dan te voet naar het centrum, een wandeling van twintig minuten. Maar eerst nog even een jas aan, want de temperatuur was danig gezakt naar 10 graden, echt wel even wennen na die vier zonovergoten dagen.

Tamara nam ons de rivier over en de heuvel op een stukje mee naar de eerste bezienswaardigheid. Het stevig ommuurde klooster Spaso Efimiev. Niet van binnen te bezichtigen vandaag, maar wel was de koepel van de toren te zien met als bijzonderheid dat de gebruikte dakpannen volledig uit houtsnijwerk bestonden. Vanaf de heuvel zagen we de talloze koepeltjes van de kloosters en kerken om ons heen. Verbijsterend dat in een dorp van zo weinig inwoners nog zo veel kerken staan, een grote historische schat. Tamara wees ons op de verschillende bouwstijlen van de koepels, plat is oud byzantijns of uivormig uit de baroktijd. Witte muren is typisch Russisch, rode baksteen is byzantijns.
 
Lopend naar het dorp bracht een pinautomaat uitkomst in de al te zeer aangesproken reisportemonnaie. Tot groot genoegen van onze echtgenotes zagen wij in de verte een marktje. Niet deden wij zaken met de verkopers van augurken, uien of bonen, maar een paar van die babuchka poppetjes (hoeveel steeds kleinere modelletjes zaten in die buitenste grote?) moesten we toch echt wel mee naar huis nemen.
Tamara had ons voordien al gewezen op de diverse varianten in kleur en motief, dus we wisten precies welke aankoop we met een gerust hart konden doen. 

Ons volgende aandachtspunt was het houten museum. Op een open terrein konden we zien hoe volledig van hout gemaakt, een huis, een boerderij, een kerk of een molen er uitziet. De vaardigheid in het bewerken van hout, per saldo het dichtst bij te vinden materiaal in deze streek, maakte veel indruk op ons. In elke ruimte die we bekeken werden we zuinig begroet terwijl telkens veel aandacht door de in klederdracht gestoken dames werd besteed aan een grondige inspectie van de toegangskaartjes. We waren overigens zowat de enige bezoekers op dat tijdstip.

Na de lunch, de warme kom soep in het weldadig verwarmde café had ons goed gedaan op deze koude dag, togen we naar het Kremlin, het onmiskenbare hoogtepunt van onze dagexcursie. Zo’n eenvoudig ogende in rechte lijnen opgetrokken zandstenen gebouw, traditioneel byzantijns gevormd door een middenschip en twee zijbeuken, van buiten geheel wit geschilderd, maar van binnen zo rijkelijk versierd.
Er is geen plekje op de muur onbenut; (dat zou de duivel verzoeken zijn) alle wanden zijn volledig bedekt met fresco’s. Helemaal niet zo groot dus, wel intiem en warm, terwijl de altaarwand volledig is versierd met iconen. Het is een groot contrast met wat je ziet buiten de muren. Daar is het leven eenvoudig en voor grote groepen mensen hardvochtig, vrees ik. Het onderhoud van de huizen laat te wensen over, de openbare ruimte wordt nauwelijks onderhouden. Een paradox, enerzijds bezoek je het stadje voor haar historische rijkdommen, anderzijds ontbeert het dorp juist de middelen zich te kunnen verheffen in de vaart der volkeren.

In datzelfde kremlin is een bezoek aan het museum ook zeer de moeite waard. Inzicht wordt gegeven in de oude leefwijzen, de stammenoorlogen, strijdmiddelen, landbouwwerktuigen, brieven, teksten, religieuze voorwerpen etc. Het klapstuk is het zogenaamde ijsaltaar of canapé. Jaarlijks op 19 januari spreekt de pope zijn zegen uit over de mannen die een duik nemen in een uit het ijs gehakt gat waarover dan dat altaar wordt geplaatst. Dat ritueel wordt ter plaatse mooi uitgebeeld op tekening en schilderij.

Aangezien we het verschil in temperatuur tussen de royaal verwarmde ruimtes binnen en de straat buiten als groot ervoeren dachten we ons een taxi te kunnen permitteren. De oude trouwe Lada bracht ons in korte tijd (voor 60 roebel) naar het hotel.
Naar binnen gingen we echter pas nadat we het tegenoverliggende Pokrovsky klooster hadden bezocht. Daarna was het tijd voor een klein werelds genoegen, een alcoholische versnapering.

Tamara had voor de hele groep in ons hotel een gezamenlijk diner geregeld. Vlot werd dat uitgeserveerd en geheel volgens schema werden we getrakteerd op een muzikaal toetje. Een goedmoedige accordeonist, een vrolijke in prachtige klederdracht gestoken zangeres en een guitige strapatsenmaker boden ons een scala van Russische liedjes. De herkenning van de melodieën liep bij ons op en al gauw neurieden we actief mee. De muzikanten zagen dat professioneel in en ja hoor op het laatst stonden we allemaal te blazen, te trommelen, te toeteren, te raspen, te bellen, te triangelen, te kloppen en inderdaad mee te zingen.

De uitbundigheid sloeg toe in het souterrain. Zelfs gedanst werd er door diegenen die geen instrument in de handen gedrukt hadden gekregen. De bediening bleef onverstoorbaar. Hadden zij dit misschien al vaker meegemaakt?


Dag 6, vrijdag 1 mei 2009,

SOEZDAL-KOSTROMA-JAROSLAVL

De eerste mei is juist voor Rusland een bijzondere dag, wij kennen ‘m als de dag van de arbeid, maar hier ligt meer de nadruk op de solidariteit. Na de omelet en ons afscheid van de nors uitziende maar vriendelijke baas vertrokken we met de bus uit Soezdal. Tussen de gaten in het wegdek door zocht de chauffeur het meest ideale spoor op weg naar Kostroma. Een tussenstop voor een kop koffie was er vandaag niet bij, hoogstens een niet uit te stellen pauze voor een plekje in het bos. Door de pas gesmolten sneeuw, die hier en daar nog te zien was, viel de afwijkende kleur achter de berkenbomen niet op.

Dan op weg naar één van die goed bewaarde religieuze monumenten, het Ipatjevski klooster. Rijdende over de reusachtige brug over de breed stromende Wolga zagen we vanuit de verte al de goudkleurige dakkoepels glimmen, die we rond het middaguur bereikten. Na een kleine vergoeding mochten we de gewijde grond betreden. Tussen de imposante witte kloostermuren waren we onder de indruk van de drie eenheidskathedraal, met fresco’s en een 17e eeuwse iconastase.
Ook het huis van de Romanov’s, met zijn kleine lage deurtjes trok onze interesse.

In een speciale ruimte mochten we genieten van een door onze reisleidster gearrangeerde zanguitvoering. Een kwintet van kerels zong de sterren van de hemel, die zich door deze vocale prestatie aangesproken moet hebben gevoeld. Ik wil mijn vrouw niet tekort doen; van het koor waarvan zij al twintig jaar deel uitmaakt hoorde ik menige uitvoering, maar van deze a capella voorstelling werd ik heel stil en nederig, om niet te zeggen dat het kippenvel mij over de rug liep. Lidy, ook zeer onder de indruk, kocht spontaan een c.d.

Inmiddels was de tijd zover gevorderd dat een lunchpauze noodzakelijk werd geacht. In het zelfbedieningsrestaurant zocht ieder van ons een passende oplossing voor de gemiste koffiestop en het reeds ver overschreden middaguur. De gelegenheid onderscheidde zich door de fel rood groen en geel gekleurde tafeltjes en stoeltjes, de uiterst vriendelijke prijzen en vooral ook door de ruime keus aan taartjes, waaronder een creatie die de Weense sachertorte kwaliteit benaderde, ondanks het feit dat de Habsburgers nooit zo ver oostwaarts in Rusland zijn opgetrokken.

Eindelijk inwendig versterkt, voerde de bus ons naar Jarislavl.
We werden ondergebracht in een Intourist hotel. Hoewel aan de buitenkant fraai gemoderniseerd en in vrolijk pastelgeel gekleurd gaf de binnenkant toch de indruk van een kazerneachtig sovjetgeïnspireerd strak vormgegeven bouwwerk. Chique was de kamer en suite met een zitbank, fauteuils en een dressoir met enig servies. De uitgestalde kristallen glaasjes nodigden welhaast uit tot het nuttigen van een drankje. Handig dat je dat dan weer bij de etagecontroleuse kon kopen. Zij waakte over de gasten en de drankkast.

Tegen de avond namen we vlak voor de deur tramlijn 3 naar het centrum. Wij sliertten door de straten en dronken een pilsje langs de oever van de Wolga. Het was druk en gezellig op die 1e mei, er waren veel mensen op de been. In zowat het enige restaurant wat we konden vinden konden we ternauwernood een plaatsje krijgen. Thuis gekomen vulden we voor het slapen gaan zo’n eerder omschreven glas uit de prominent aanwezige glazenkast.


Dag 7, zaterdag 2 mei 2009

JAROSLAVL—ROSTOV VELIKI—PERESLAVL—SERGIJEV POSAD— MOSKOU

Het weer was overigens weer schitterend. Helder en zonnig en 14 C.
Na een uurtje rijden bezochten we in Rostov het kremlin. Een groot kerkencomplex omheind met een zeer oude witte muur. Het leuke was dat deze muur als galerij diende waarover je een volledig rondje kon lopen waarbij je dan automatisch door twee kerken kwam met prachtige fresco’s. (toegang 165, foto maken 100 roebel).
Al doende kregen we een goede indruk van het omvangrijke klooster.

Op een uur verder rijden in Preslavl werden we in de gelegenheid gesteld het museum van Peter de Grote te bezoeken.
Dit was zeer bescheiden van omvang, slechts een houten boot een paar bustes en dat was het. Het lag wel op een schitterende plek tegen de heuvel op van waaruit we uitzicht hadden op het nog bevroren water van de Wolga.

Hier vlak bij hadden we een late lunch, voordat we de sprong waagden naar Sergijev Posad, waar zich een van de mooiste kloosters van Rusland bevindt. Onwaarschijnlijk veel mensen hadden de weg gevonden naar deze heilige plaats, het Drievuldigheidsklooster, het middelpunt van de orthodoxe kerk in Rusland.

Zelden zag ik zo’n mooi beschilderd interieur. Fresco’s in duidelijke kleuren. Een brede en hoge wand met iconen, die voor de gelovigen gelden als voorwerpen met magische kracht.  Hoeveel mensen, hoeveel materiaal, hoeveel werkuren zijn nodig geweest voor de rijke aankleding van deze drukbezochte kerk. Het aantal bezoekers groeide en groeide en om 16.45 uur, het afgesproken tijdstip, gingen de rijk versierde deuren naar het altaar open en kwamen de priesters te voorschijn. De gewijde plaats werd met wierrook gevuld. Ter weerszijden van de indrukwekkende iconastase zongen twee mannenkoren in perfecte harmonie de sterren van de hemel, die zij in hun tekst ook juist weer veelvuldig aanriepen. Dan weer sprak de priester veelvuldig het woord hallelujah uit waarop de kerkgangers, waaronder opvallend veel dames, plechtig telkens drie keer een kruisje sloegen. Drommen gelovigen en toeristen probeerden reikhalzend een glimp van het ritueel op te vangen. Wij zochten ons na enige tijd een baan naar buiten waar het trouwens bijna net zo druk was.

Een lange rij mensen stond voor de bron die naar men zegt het zuiverste water van Rusland geeft. Om de waterplaats stond natuurlijk een klein kapelletje met een rijk versierd interieur. Ook wij laafden ons aan het gezegende water. Daarna bracht de bus ons terug naar Moskou. Een eenvoudig doch pittig bordje kebab bij het al eerder bezochte eetcafé om de winderge hoek van het hotel loste zo om 20.30 uur het lichte hongergevoel op.


Dag 8, zondag 3 mei 2009

MOSKOU-TVER

Ook vanmorgen weer was de groep stipt op tijd. Tamara was daar zeer over te spreken. Tot nog toe heb ik het nog niet over onze reisleidster gehad maar zoals zij alles voor ons regelt en verzorgt kan ik me geen betere voorstellen. Het in- en uitchecken loopt op rolletjes. De excursies heeft zij van te voren gepland. Een kleine individuele vrijheid is gepermitteerd zonder het groepsproces afbreuk te doen. Ideaal natuurlijk dat zij van Roessische komaf is en tevens goed Nederlands spreekt. Waar nodig regelt zij de financiën en zelfs voor een niet zo alledaags medisch product kan zij putten uit haar draagbare reisapotheek.

Op haar best is zij als ze vertelt over de typisch Russische geschiedenis, over de eetgewoonten, religie, familieleven, tradities, bouwkunst, oorlogen, volksaard of over de inborst en de ziel van dit volk dat zo langzamerhand een mix is geworden van de blanke Europese rus en de ooit met bloedig geweld optrekkende Tataren uit het verre oosten. Heerlijk om naar te luisteren als ze tijdens de bustocht ons meer bijbrengt dan de louter visuele indrukken die wij opdoen. Het spontane applaus dat zij vanmorgen kreeg in de bus was een terechte hulde voor haar tomeloze inzet met de bedoeling het een ieder naar de zin te maken, maar bovenal voor het uitgebreide exposé dat ze voor de vuist weg hield over de Russische maatschappij en instituties.

Na twee uur rijden stopten we voor een bezoek aan het Tsaikovski museum. De oude meester, die stierf in 1893, woonde zijn laatste levensjaren in deze royale villa. Wij zagen zijn piano, veel foto’s aan de muur en enkele pagina’s van zijn partituren.

Wij vervolgden de reis en juist nadat Tamara gesproken had over de krijgshaftigheid van de Russische soldaat, passeerden wij bij toeval een plechtigheid waarbij oorlogsveteranen eer werd bewezen.
Uiteraard stopten wij direct en tegen het decor van een reusachtig militaristisch monument zagen we nog een flink op leeftijd zijnde en uiteraard ruim gedecoreerde veteraan een korte toespraak houden. Dit tafereel spelde zich af op de plek waar het Russische leger in WO II de Duitsers heeft weten tegen te houden in haar poging Moskou, dat op 100 km ligt, te bereiken.

Even verder onderweg stopten we bij een begraafplaats.
Het leek ons een behoorlijk uitgestorven boel en dat klopte ook want er zijn geen familieleden meer van de gestorvenen die nog enig onderhoud plegen aan de graven. De enkele overgebleven dorpsbewoners achten het wel hun plicht op Pasen verse bloemen neer te zetten en daar konden we mooi getuige van zijn. Tamara wist ons over de rituelen van leven en dood weer een aantal zeer opvallende memorabele wetenswaardigheden te vertellen. De plek was bovendien zeer fraai op een verhoging gelegen aan de Wolga. Na een paar foto’s gemaakt te hebben, ook van het lieflijke kerkje reed de bus ons naar Tver.

In het grote buffetrestaurant naast het hotel vielen we aan op de late lunch. Te voet naar de “volksmarkt”. Behalve de gewone markttaferelen zagen we ook een aantal Russen en Russinnen die probeerden wat privé spulletjes of eigen gemaakte producten te verkopen. Zolas kleedjes, borduurwerk, oude boeken, mutsen, sieraden, lenteuitjes of ingemaakte veenbessen. Ik voelde een hoog Koninginnedag gehalte.
Na een klein individueel rondje bleek dat Lidy een paar op pantoffels gelijkende schoenen had gekocht zodat ze haar blaren iets meer zou kunnen ontzien.

Tamara nam ons mee naar het volksmuseum.
Een knus, intiem klein museum waar we een uitgebreide uitleg kregen over de drank thee. Hoe maak je die als beste? Natuurlijk in een Samovar, gestookt op hete kooltjes, de originele Russische wijze. Heel wat modellen kregen we te zien en we begrepen dat zo’n theepot belangrijke historische waarde kan hebben. Het is een pronkstuk in je huis, vaak een erfstuk of huwelijksgeschenk.
Nooit geweten dat die Russen van die fervente theedrinkers zijn.

En dan nog die koekjes met hun speciale gebruiken. Hap niet zo maar wat af, nee, zorg er eerst voor dat je die in het juiste (even) aantal brokjes hebt verkleind. Enfin van die dingen.
Ik kreeg bijna een brok in mijn keel en moest onwillekeurig denken aan mijn oma die ook altijd een pot heet water op de kolenkachel had staan. Zij kon heerlijke kletskoppen bakken. Ook heeft ze me als kind goed geleerd eerst de klontjes uit de Blookers cacao te roeren voordat je de warme melk mocht opgieten en je de eigen chocolademelk kon opdrinken. Meer associaties volgen misschien nog later in dit verhaal.

De allervriendelijkste dame gehuld in traditioneel kostuum die ons dit allemaal vertelde glom van plezier, wij trouwens ook, zowel van de warme drank als van de bovenmatige warmte. Regel is regel, de centrale verwarming gaat uit op 15 mei en niet op 4 mei ook al is het dan al een warme zomerdag.

Intussen was het een uur of vijf geworden en hadden we nog een bootreisje voor de boeg. Lopend langs de breedstromende Wolga viel ons het grote aantal jongelui op dat zich verpoosde aan de oever in het overvloedige zonlicht. Vermoedelijk was dit de eerste mooie zondag die veel mensen, vooral verliefde stelletjes, op de been bracht.
Vanaf de boot onderscheidden wij gemakkelijk de beide oevers waarbij de ene opviel door de volledig gerestaureerde huizen.

Na de boottocht flaneerden wij langs de oever van de Wolga waar het een feestelijke drukte was. Kermis, biertent, sateh, circus, ballonnen en reuzenrad. Een plezierige boel die alvast alles te maken had met de 9e mei, de dag waarop de Russen de bevrijding vieren. De feestelijkheden speelden zich af in een parkachtige omgeving in de schaduw van het inmiddels vervallen paleis van Catharina, die het eertijds gebruikte als tussenstop als zij op weg was van Moskou naar Petersburg. In het al eerder bezocht zelfbedieningsrestaurant met zijn volledig uit stoere balken opgetrokken interieur aten wij een goed gevuld bord.

Ter afsluiting van deze welbestede dag zakten we, al nippend aan ons glaasje wodka, onderuit in de riante stoelen op onze hotelkamer.


Dag 9, maandag 4 mei 2009

TVER- NOVGOROD

Vandaag is en reisdag, d.w.z. dat we in de bus zullen zitten tot 15.00 uur voordat we in Novgorod aankomen. Zonder oponthoud en met af en toe een flink zwiepende bus teneinde de al te grote kuilen te ontwijken bereikten we hotel Intourist in de “Nieuwe Stad”.

Tijdens de reis zag Tamara haar kans schoon ons veel over het ontstaan van het huidige Rusland te vertellen. Van steppen met Scythen, van grafheuvels met goud, van Vladimir die met een byzantijnse prinses trouwde, van de uiteindelijke keuze voor de orthodoxie, van Kiev met al zijn koepels. Van Tartaren en het geweld van Djenghis Khan, van de vereniging van vorstendommen voor een beter georganiseerde verdediging, , van de val van Byzantium in het belangrijke jaar 1523. Van Ivan de verschrikkelijke die paranoide werd, van het bloedvergieten op het Rode Plein, van de bouw van de Basilius kathedraal, donker van binnen en uitbundig van buiten als de ziel van de Rus, van tsaar Peter de Grote en zo stap voor stap naar het heden.

De middag was nog lang genoeg om het Kremlin te kunnen bezoeken.
Lopend langs de ontzagwekende bakstenen muur vonden we de hoofdpoort. Enige teleurstelling maakte zich van ons meester. Het merendeel van de kerken en klokkentorens stond in de steigers. Ook het plaveisel werd grondig gerenoveerd. Anderzijds hadden we natuurlijk veel respect voor de Russische doortastendheid en het bijeen brengen van de financiële middelen die zo’n kolossale renovatie mogelijk maakten.

De Sophiakerk, een van de oudste kerken uit Rusland uit de 11e eeuw konden we wel betreden. Wij genoten van de eeuwen oude prachtige fresco’s. Uiteraard weer een hoge iconostase. Vervolgens liepen we op advies van Tamara naar het iconenmuseum. Hoewel geheel ingepakt in plastic zeil en volledig aan het zicht onttrokken door steigers vonden we toch nog de geïmproviseerde toegang. Mochten we hier eigenlijk wel naar binnen? Ja hoor, eerst maar naar het zaaltje met verfijnd houtsnijwerk. Knap bewerkte houten kruizen en minutieus met de hand bearbeide altaardeuren konden we bewonderen onder het wakend oog van een zeer vriendelijke oudere dame.

In de volgende zaal liepen we langs de collectie historische voorwerpen die in chronologische volgorde gerangschikt waren. Van stenen pijlpunt tot zilveren munt en van vlas tot weefgetouw en van landbouw hulpmiddel tot krijgstuig. Dan naar de iconen, de grootste afdeling. In serene stilte, fraai opgesteld en adequaat verlicht kwam er eigenlijk geen eind aan de hoeveelheid iconen. We schuifelden over het parket en stonden perplex van de uitgebreide collectie en in gedachten betoonden wij eer aan de toegewijde makers van die typisch Russische orthodoxe symboliek.

Verzadigd van indrukken kwamen we met een koele dronk bij op een zowaar gevonden terras. Het weer was nog steeds zonovergoten en onwaarschijnlijk warm voor de tijd van het jaar. Onze letterlijke honger was daarmee nog niet gestild. Op weg naar huis kwamen we langs een restaurant waar volgens de eenvoudige tekening op de deur gegrilde kip de specialiteit was. Hierin gingen we volledig mee en wachtend op onze bestelling werd ons door twee mannen van het belendende tafeltje een fles champagne aangeboden. Dit maakte ons een beetje verlegen; het door ons zelf bestelde biertje was immers onderweg. Na een gezamenlijke toast, het leek wel of we al jaren vrienden waren, en de eerste slok, gaf een andere tafel ook al blijk van vrijgevigheid. Waar een paar vriendelijk hoofdknikjes al niet toe kunnen leiden.

Het werk van Dick Advokaat en Guus Hiddink heeft Nederland veel goodwill opgeleverd. Nog een paar namen noemen van sportmannen en voetbalclubs, of het uitspreken van Amsterdam en Leidseplein doet wonderen. Weer een ander riep toen Waterlooplein. Op afstand zaten twee dames, die ik uiteraard al vriendelijk had toegeknikt, het hele tafereel gniffelend aan te kijken. “ja je hebt wel wat aangehaald” sprak hun gezichtsuitdrukking. Intussen wisten we niet welk glas we nu als eerste zouden leegdrinken. Zouden de kip en de patat straks een voldoende basis leggen voor het tot een goed einde brengen van dit op een bacchanaal gaan lijkend eenvoudig etentje. Een glas wodka van weer een andere tafel kon er ook nog wel bij.

En natuurlijk hadden onze twee dames, die niet al te verlegen zijn, mooie ogen en was AZ kampioen geworden. Proost nog maar eens!
Het werd een gedenkwaardige avond met heel veel vrolijkheid, gelach, armen in elkaar en veelvuldig proosten. Na onzerzijds een rondje wodka voor de halve tent was het moment gekomen huiswaarts te gaan. Dat wilden we toch nog lopend kunnen doen. En zo gebeurde ook.


Dag 10, dinsdag 5 mei 2009

NOVGOROD

Ik sprak al over de wegen waarop heel wat schokbrekers zich stuk hebben gebeten maar als voetganger moet je ook voortdurend op je hoede zijn voor kuilen, stangen, afgebrokkeld beton, randjes, richeltjes, en dergelijke. Maar lopend zie je natuurlijk het meest en dat gold ook voor deze ochtend waarop we eerst de brede brug overstaken en de wijk gingen verkennen waar heel veel oude kerken monumentaal bij elkaar gegroepeerd staan. Ook op dit uitgebreide terrein werd met man en macht gewerkt om het culturele erfgoed te behoeden voor verval. Novgorod was eertijds de belangrijkste stad van Rusland. 
Duidelijk is dat er een inhaalslag gemaakt moet worden na decennia van onmacht.

Voor de middag stond een excursie gepland naar een expositieterrein van louter uit hout opgetrokken gebouwtjes. Iets dergelijks hadden we eigenlijk al eerder gezien maar de opzet hier had een parkachtige structuur. Je kon heerlijk wandelend tussen het frisse groen je indrukken opdoen van de grote vakbekwaamheid van de houtbewerkers.

Tegenover het parkje lag een ook uit grotendeels hout opgetrokken restaurant. Het was nieuw geconstrueerd en beschikte over een mooi terras en dito eetzaal. Gezamenlijk zaten we aan tafel waarbij we er goed opletten dat het midden van de zaal vrij bleef omdat juist daar later ons een professionele muziekuitvoering zou worden gepresenteerd. Hoewel de rode wijn gekoeld was en de witte juist niet en ook de prijs niet kinderachtig mocht dat de pret toch niet drukken.

Daar kwamen de muzikanten al aan. Zes man trokken flink van leer. De leider, een flink op leeftijd zijn besnorde zanger trok het hele register open ondertussen ook zijn instrumentalisten uitdagend tot een vurige speelwijze. Met zang en danspasjes werden we vermaakt en natuurlijk gebeurde ook weer het onvermijdelijke, we werden uitgenodigd mee te zingen. Eerst neuriënd later zelfs uit volle borst. Al met al is dat weer een bijzonder succesvolle en leerzame dag geweest. Met taxi’s werden we van deze heerlijke buitenplaats terug gebracht naar het hotel.


Dag 11, woensdag 6 mei 2009

NOVGOROD - SINT PETERSBURG

We vertrokken in een andere bus van iets groter formaat. Na de koffie doemen al gauw de contouren op van een grote stad. Het intensieve vrachtverkeer wees daar trouwens ook al op. Tien miljoen mensen brengt heel wat verplaatsingen met zich mee. Reeds om 12.15 uur bereikten we hotel Obuhoff.

Na een hartelijk welkomstdrankje, uiteraard een  wodka met jus, spoedden wij ons onder begeleiding van Tamara te voet (een tochtje van zo’n dikke twintig minuten) naar het dichtstbijzijnde  metrostation, Malaskaya, met de bedoeling daar nog voor 14.00 uur het evenementen ticket office te kunnen bereiken. 

Zij wist voor ons beslag te leggen op kaartjes voor twee avonden in het Majinski theater. Een klassieke muziek uitvoering en een kooroptreden. Een balletuitvoering van het zwanenmeer lieten we aan ons voorbijgaan. De vanaf prijs voor een kaartje was acht keer zoveel, bovendien zouden we daarmee al onze avonden al volboeken.

Dan met lijn 3 van de metro twee haltes naar de Nevski prospekt, de belangrijkste allee van de stad, zowel wat betreft het aanbod van winkels wandelaars en restaurants als ook van verkeer, uitlaatgas en geroezemoes. Niet alle tien miljoen liepen of reden daar, maar een boel waren het er wel inclusief al die toeristen.

Ons oog viel gelijk op de Kazanskaya kathedraal.
Bernini zou trots geweest zijn op de halfronde zuilengalerij die de kathedraal zijn monumentale uitstraling gaf. Tonnen Fins marmer zitten er in verwerkt. Binnenin bekroop mij een “dejà vu”gevoel, de ontwerper is te rade gegaan bij de Sint Pieter in Rome.

Dan verder door wandelend richting de rivier de Neva naar het kolossale admiraliteitsgebouw. Verder met onze verkenning, links zagen we de glanzende koepel van de St.Iaacs kathedraal. Een rondje er omheen en nu naar het plein voor de Hermitage. Morgen zullen we daar naar binnen gaan. Eerst nog wel even het reusachtige plein met de Alexanderzuil oversteken. Wat een gigantische plak asfalt zeg.

Nu weer ons gezicht afwendend van de Hermitage, en het winterpaleis van de tsaren, liepen we af op de dubbele boog met daarbovenop geplaatst het zesvoudige paardenspan. Terwijl we omhoog keken liepen we er met ontzag onderdoor. Zo kwamen we weer uit op de Nevski en liepen we (nog steeds in het zonnetje) naar de kerk van de verlosser. De torens uivormig, lijkend op de Basilius in Moskou, maar overigens niet, want de bouw vond pas rond 1860 plaats en het gebouw is opgetrokken uit baksteen en aan alle zijden kleurrijk versierd. 

Zo langzamerhand toch maar wat eten en met de bus en weer een bus naar huis. Na een geestrijk drankje en een klein wasje waartoe de grote badkamer uitnodigde sliepen we snel.


Dag 12, donderdag 7 mei 2009

PETERSBURG

Met zijn allen naar de Hermitage. Twintig minuten lopen naar de metro, waarin we twee haltes afleggen en weer een stuk lopen, maar om 10.15 sluiten we aan in de rij en om 10.40 zijn we binnen.
Toevalligerwijs is de toegang vandaag gratis omdat het de eerste donderdag van de maand is. Na kleine ergernisjes over de logistieke afhandeling bij het betreden van het gebouw blinkt de overdaad ons tegemoet.

Tamara neemt ons het eerste uur mee naar de highlights, maakt ons wegwijs, geeft uitleg en verder mogen we ons eigen plan trekken.
We kijken onze ogen uit naar de omvangrijke collectie. Van Mesopotamie, Egypte, Griekenland, Rome, Middeleeuwen, Gouden eeuw, tot midden twintigste eeuw. Beschrijven wat we gezien hebben zou geen recht doen aan wat er allemaal ten toon wordt gesteld. De beelden uit de baroktijd, van marmer, goud, kristal of ingelegd hout zullen mij nog lang voor de ogen staan.

Wie kan zich nu voorstellen dat dit museum een verzameling Rembrandt  werken heeft van 26 stuks. (ik las onlangs dat de vrienden van de Amsterdamse Hermitage een donatie hebben gedaan aan Petersburg zodat het dak boven de Rembrandt collectie een renovatiebeurt kon ondergaan). Verder Rubens, enkele stuks, net als Gerard Dou of Ferdinand Bol. Allemaal frank en vrij te bekijken.

Mijn speciale belangstelling ging uit naar Picasso. Jawel hoor 40 stuks, die ik nooit eerder aanschouwde, behalve dan in reproducties.
Maar eerst moest ik nog langs een aanzienlijke collectie van Monet, Manet, Renoir, Sisley, Pisarro en vele anderen zoals Matisse en Cezanne. Enfin ik zou geen opsomming geven. Pas om 16.00 uur gingen we eruit, verbijsterd, onder de indruk, nagenietend en napratend.

Op het paleisplein vervolgens vielen ons ook smakelijke beelden ten deel. Er werd alvast geoefend voor de parade van zaterdag 9 mei, Bevrijdingsdag. Achttien regimenten van 144 man werden opgesteld. We stonden er met onze neus bovenop. Vermakelijke taferelen, vooral toen enkele soldaten, voordat ze op moesten marcheren een ijsje gingen halen op het terras waar wij juist zaten. Tussen bierdrinkers en vrolijk spelende kindertjes waren ze niet te beroerd hun geweer even af te draaien. De losse discipline verbaasde me als voormalige tweede luitenant.
 
We konden niet langer treuzelen want om 19.00 uur zou de voorstelling in het Marinsky theater beginnen. Eerst daar maar heen en in de buurt wat eten. Zo gezegd zo gedaan. Vervolgens gingen we bijna de boot in. Ons meldend bij de portier van het uiterst bezienswaardige theater bleek dat onze kaartjes slechts geldig waren voor een dependance 600 meter verderop. Moesten we nog flink de pas inzetten. Hijgend konden we net op tijd in onze stoel op rij drie ploffen.

Overigens was het ook een mooi theater maar niks barokke versiering. Aluminium, glas en hout waren de materialen waarmee de voormalige kerk een jaar of tien geleden was omgetoverd in een schouwburg.

Een a capella koor van 21 mannen en even zovele vrouwen zong liederen van Strawinsky. De strak gelijnde prettig omhoog lopende zaal met al die verspringende blokjes hout aan de zijkanten had een prettige akoestiek. De klanken van het professionele koor brachten ons in een muzikale roes.


Dag 13, vrijdag 8 mei 2009

SINT PETERSBURG

Een frisse wind blies ons tegemoet toen we op weg gingen naar het eiland ten noorden van de Neva voor een bezoek aan de Peter en Paul vesting. Ons afgesproken vervoersplan pakte niet goed uit. Nadat we de dubbeldekker juist weg hadden zien rijden kwamen we er veel te laat achter dat de frequentie van de  “Hop on/ hop off ”  bus in dit voorseizoen slechts eenmaal per uur bleek te zijn.

Nadat ook de metro nog een station had overgeslagen in verband met reparatiewerkzaamheden bereikten we ons doel veel later dan voorgenomen. Daarentegen begon wel de zon schuchter door te komen, zodat de gevoelstemperatuur steeg van 10 naar 20.
Bovendien ontving ik bij het naar bovenkomen uit de metro een bevrijdingslintje in het bekende oranje zwart gestreepte motief.
De achterliggende gedachte heel goed begrijpend speldde ik dit op mijn jack en droeg het vol trots.

Eenmaal aangekomen in de P+P vesting, dus nadat we onder de barok versierde boog met de Rijksadelaar waren doorgelopen, konden we na de aanschaf van een kaartje overal in.
Dat deden we ook trouw.

Nadat we eerst het indrukwekkende standbeeld van Peter de eerste aanschouwd hadden (groot lijf, klein hoofd) liepen we recht af op de Peter en Paulus kerk. Hierin liggen alle keizers en grootvorsten begraven, dus ook de laatste tsaar Nicolas II met zijn gezin. De kerk met zijn langgerekte vergulde spits met engel meet 122 meter.
Dit moest het hoogst gebouw zijn zodat de keizer vanaf de balustrade over de hele stad kon kijken.

Met beide voeten op de aardse grond konden wij vanaf de vestingwallen in het heldere weer uitkijkend over de Neva aan de overkant de Hermitage zien schitteren. Na de (warme) lunch in het plaatselijke restaurant bezochten we het ruimtevaart museum.
Eigenlijk verrassend zo’n instituut aan te treffen in deze enclave.
Er was genoeg te zien over de geschiedenis, over de technische ontwikkeling van de motoren, over de brandstofbehandeling in al die ruimtevaartprojecten. Ik stond heel wijs te kijken naar al die buisjes, draadjes, compressoren, meters, branders en dergelijke. Het maakte indruk maar hoe het eventueel zou kunnen werken ging mij natuurlijk boven de pet. De naam van Yuri Gagarin kon ik mij nog herinneren uit mijn schooltijd. Ik had toch een keer van een wc rol en marsepein een Spoetnik gemaakt als Sinterklaas surprise.

De rivier de Neva is behoorlijk breed, bovendien hadden we al heel wat moeten lopen deze dag dus brachten de bus en de metro ons een heel eind op streek naar wederom de Nevski Pospekt. Van daar af was het een klein eindje lopen naar de Verlosserskerk. Die hadden we tot nu toe slechts van buiten gezien. We konden nu mooi de tijd ervoor nemen. We hadden begrepen dat je de mozaïeken in het interieur niet mag overslaan. Het toegangsbedrag hadden we er voor over. Binnen konden we genieten van het volledig met mozaiek ingelegde interieur.

Verzadigd van indrukken aten we vlot wat in een van de drukbezochte zelfbedieningsrestaurants. Daarna gingen we wederom op weg naar de dependance van het Marjinski theater. De weg erheen legden we te voet af want op de route naar de concertzaal zouden we enkele bijzondere plekken tegenkomen. Hier en daar, vooral op een aantal bruggen stonden prachtige beelden van o.a. leeuwen en paarden. Hoeveel monumenten zou deze stad nog voor ons geheim houden?

In de ons inmiddels vertrouwde zaal speelde een blazersensemble muziek van Mozart, Ligeti, Brahms en Poulenc. Ook deze uitvoering door jonge conservatoriumstudenten klonk als een klok. Na deze waardevolle dag vonden we het mooi geweest, het bereiken van het hotel zou toch nog zeker drie kwartier duren, dus linea recta naar huis. Een glaasje kon nog wel en in ons rustig aan een parkje gelegen hotel konden we vermoeid ons bed op zoeken.

Dag 14, zaterdag 9 mei

SINT PETERSBURG

Vandaag is het Bevrijdingsdag voor de Russen.
Veel mensen zullen er op de been zijn en de grote parade willen bijwonen op het plein van de Hermitage met in het midden de uit één stuk gehouwen marmeren Alexander zuil. Het openbaar vervoer zal ontwricht zijn en sommige straten afgesloten. Tamara had met het oog hierop ons geadviseerd in de buurt te blijven. Per slot van rekening is dit onze laatste dag en wilde zij graag dat we om 15.00 uur in de bus zouden zitten naar het vliegveld.

Een heel goed voorstel was het derhalve met zijn allen naar het redelijk dichtbij gelegen Alexander Newski klooster te gaan, niet zozeer voor dat klooster als wel voor de op dat terrein gelegen begraafplaats.
We konden de afstand op ons gemak te voet afleggen.
Daar juist liggen vele beroemdheden begraven. Componisten, schrijvers, natuurkundigen, musici, schilders en noem maar op.
Vooral de gedenkstenen kunnen boekdelen spreken en Tamara wist onze scherpe aandacht te vangen met het wijzen op de diverse symbolieken die opgeslagen lagen in de vorm en of de bewerking van de grafsteen. Een ogenschijnlijk dooie materie maar met veel verhulde wetenswaardigheden. De Russen zijn trots op hun gewezen helden. Zoveel was wel duidelijk.

Hiermede waren de uitstapjes in Piter (zoals de Russen hun Petersburg wel Noemen) ten einde. Ons restte nog de taak terug te gaan naar het hotel. Daar wachtend op de bus konden wij op de televisie nog fraaie heldhaftige beelden zien van parades in o.a. Moskou, Kiev en ons eigen Petersburg. Met af en toe een terugblijk naar de jaren van WO II waarin de Russen een belangrijke krijgshaftige rol hebben gespeeld.

In vele opzichten was dit een gedenkwaardige dag. In het vliegtuig zittend overdacht ik dat deze twee weken grote indruk op me gemaakt hebben en dat ik er reusachtig van genoten en geleerd heb. Van een tot nu toe onbekende wereld in het oosten mocht ik met eigen ogen een glimp opvangen.
 
Naast de reisleidster aan wie ik al enkele woorden wijdde, wil ik ook mijn medereizigers bedanken voor hun bijdragen in het algehele prettige verloop van de reis. Hun aanwezigheid bracht met zich mee humor, organisatievermogen, fexibiliteit, hulpvaardigheid, sociaal contact, stiptheid, kennis van de Russische taal, kennis van de geschiedenis. Geen enkele wanklank of pechgeval heeft zich voorgedaan.

Kortom een fantastische reis.


Pieter Jelle Heidstra 

Klantwaardering

8,7

Fantastische reis. Zoveel steden, verschillende landschappen...
Fantastische reis. Zoveel steden, verschillende landschappen en culturen. Grandioze reisleider. Een reis om nooit meer te vergeten.

Helma B. - 9,0
Terug naar boven