Van Bangkok naar Beijing

Reisbegeleider bij Djoser: 'Mijn reïncarnatie als reisbegeleider'

Veel van onze reisbegeleiders reizen al jaren de wereld over. Allemaal hebben ze mooie herinneringen. Wim neemt je mee naar India, Tibet en China.

Het mooie van reizen is natuurlijk dat je op plaatsen komt waar je nog nooit geweest bent en waar het spannend en nieuw is. reizen is geweldig. Jullie weten het. daarbij heb ik het geluk dat ik ook nog wel eens terugkom op al die plaatsen en ze zie veranderen. of niet juist, zoals in india. in september 2010 begeleidde ik de reis Van delhi naar Beijing voor djoser, die begon op Delhi airport.

Heerlijk ik ben weer terug

pv_reisbegeleider_wim_01Je kunt in een land een nieuwe luchthaven bouwen zodat het lijkt of je meegaat in de vaart der volken. Een monument van glas en staal. Vierentwintig uur internationale IT services en nog veel meer. Alle luxe merken op een rij in de shopping mall. Modern en steriel zoals de rest van de wereld. Gedeeltelijk dan, want dit land verandert nooit. Het nieuwe is schone schijn, het oude de onveranderlijke realiteit. En ik realiseerde me waaraan je dit land herkent ook al ben je er al jaren niet meer geweest. Dit land ruikt! Je zou kunnen zeggen het stinkt, een dergelijk weeïge lucht van de warmte, de kruiden, het eten, parfums, de mensen. Het aroma van bederf en rotting. Als je van het land houdt zul je zeggen: "Ha heerlijk, ik ben weer terug!"

God van het toeristengeld

Zo ongeveer negen jaar geleden werd ik in India gereïncarneerd als reisbegeleider. Zoals iedereen was ik overdonderd door India. Te meer ook, omdat je als reisleider daar als het ware wordt aanbeden door de lokale middenstand. Ik grap wel eens dat het hindoeïsme 33 miljoen goden heeft en dat er nog plaats was voor één extra. Dat werd de reisleider. De god van het toeristengeld. In de tempels zouden wij afgebeeld worden in een beeldje in de vorm van een mannetje met twintig portemonneetjes op zijn rug. Twintig toeristen die in de ogen van de lokalen direct alles kopen als de reisleider dat zegt. Door de reisleider te vereren weet je zeker dat hij je goedgezind zal zijn en de toeristen de portemonneetjes laat trekken. En je hebt heel veel mensen die van het toerisme leven in India. Heel veel verering. Kijk maar uit dat je er niet in gaat geloven. Nu met negen jaar ervaring kijk ik er inmiddels wat beter doorheen.

Chaos en friends in Varanasi

Varanasi zal nooit vervelen, er zijn weinig steden in de wereld die zo’n indruk op je maken. Een onderdompeling in de wereld van fantasie, magie en hindoeïsme. En dan al die luchtjes! Die mensen. Iedere westerling die hier komt wordt van zijn zekerheden ontdaan en raakt verstrikt in deze andere wereld die altijd al zo is geweest en altijd zo zal blijven. Deze reis kwam ik al mijn oude ‘friends’ weer tegen zoals te verwachten viel. Allemaal weer heel leuk, allemaal weer dezelfde praatjes. Maar ook andere dingen waren nog precies hetzelfde. Die chaos op straat, die chaos op de markten. DIE CHAOS! Zo kan alleen maar India functioneren. In een minuut heb je internetverbinding met Nederland, maar als je die kabels boven de straten ziet hangen, vrees je dat je bericht niet verder komt dan de hoek van de steeg waar jij in een donker, klein winkeltje zit. Alles doet het, dat wil zeggen op zijn Indiaas. En zo niet, maakt het ook niet uit. Aan de oever van de Ganges sprak ik nog even met mijn oude wijze vriend. Zo’n Sadhu die het hele gedoe van de georganiseerde maatschappij vaarwel heeft gezegd en nu tevreden om zich heen kijkt omdat hij niks hoeft. "Money is nothing! It only makes the people jump around!" Altijd verfrissende ideeën, die man. Een soort wandelende Happinez.

pv_reisbegeleider_wim_02

Van Delhi naar Beijing

In dertig dagen van Delhi naar Beijing reizen, door Nepal en Tibet, zo staat het in de brochure. Het is een prachtreis. Lang, dat wel. Afwisselend, dat ook. Door de twee landen met de grootste bevolking van de wereld. Samen 2.500 miljoen. Wist je dat de bevolking van India per maand met een miljoen toeneemt? Je ziet mensen overal. De hele dag lang. En je begrijpt ze voor geen meter. Waar zijn ze mee bezig? Dat vragen zij zich met al hun hindoeïstische wijsheid vast ook af over ons.

Adembenemende busrit

Over de Himalaya van het zuiden naar het noorden. Van 200 meter hoogte tot passen van 5350 meter. ‘Adembenemend’, staat er dan in de boekjes, maar het is nog letterlijk waar ook. Er zit bijna geen zuurstof in de lucht. Sommige deelnemers hebben er moeite mee. Met koppijn en duizeligheid hopen ze op een snelle afdaling, terwijl anderen laten zich graag fotograferen naast het bordje met 5350 meter erop. Ineens zagen we in de verte de Mount Everest, omgeven door blauwe lucht, witte wolken en het gele land van Tibet. Dezelfde kleuren als die van de gebedsvlaggen die overal hangen om de gebeden naar de goden toe te wapperen. Ruim een week zijn we boven de 3500 meter gebleven. Ter voorbereiding op de reis las ik het boek ‘Seven years in Tibet’. De schrijver liep vanuit India naar Lhasa in drie maanden tijd. Dat was in 1944 een heldendaad. Nog bijna niemand uit Europa had die stad in het verborgen koninkrijk toen gezien. In zeven dagen zoefden wij over het asfalt naar de hoofdstad van het eens zo verre Tibet!

De hoogland-klaverjas-competitie

De afdaling naar het laagland deden we in de Hoogland trein, over de hoogste spoorlijn ter wereld, die is aangelegd over de permanent bevroren grond in Tibet. We hadden net geluk, want de laatste twee dagen had het al gesneeuwd in de nacht. De witte toppen als decor van een 36-urige treinreis zorgden voor een sprookjesachtig decor. Een groot aantal deelnemers vond dat decor wel mooi voor een authentiek Hollands kaartspel. De hoogland-klaverjas-competitie ving al snel aan. Dat deed me weer denken aan al die andere lange reizen in de trein met een spel kaarten in de hand.

‘Beste keuken’ op elke straathoek

‘Het echte China’ zoals dat wel in toeristentaal wordt genoemd, bestaat al vijftien jaar niet meer. Het beeld van de mannetjes en vrouwtjes in Mao pakjes op de fi ets is een beeld van het verleden. In Xian en Beijing gaan er twee zesbaans brede snelwegen door de stad, maar snel kun je er allang niet meer rijden. Er komen per dag 1500 nieuwe auto’s op de weg. File dus. In deze moderne steden kun je gelukkig nog steeds op bijna iedere straathoek in de oude stad in een klein lokaal zaakje eten. Binnen tien minuten komen de heerlijkste gerechten op grote schalen op tafel en is het zaak om met je stokjes uit die grote schaal een hapje te pakken. Er zijn veel ‘beste keukens’ in de wereld, maar de Chinese hoort er voor mij zeker bij. De echte bedoel ik dan, die daar in China op de straathoek.

Nieuwe dingen en oud weerzien

Op de dag van de terugreis was de lucht boven Beijing grijs zwart van de mist en smog. Het was vroeg koud en regenachtig, een mooie dag om terug te gaan. Lang genoeg, een maand. Het was heerlijk om weer in mijn China te zijn en al die oude plekjes te zien. En nu ben ik weer terug in Nederland. Maar ik ga zeker nog eens terug naar China. Die geuren en die kleuren. Prachtig. Dat leven daar! Je weet wel. Reizen. Steeds iets nieuws of het oude weerzien. In januari werk ik vast weer in Utrecht op de vakantiebeurs of op een van de Djoser informatiedagen. Wie weet zien we elkaar daar!

Wim

pv_reisbegeleider_wim_03

Terug naar boven