Van Bangkok naar Beijing

Yunnan, de mooiste provincie van China

mag_32_p36

  Tekst | Martijn den Heijer



De Chinese muur is indrukwekkend, het terracottaleger adembenemend, de Verboden Stad in Beijing is mysterieus en Shanghai het Parijs van het Oosten; maar Yunnan is niet met één groots woord te beschrijven. Nee, Yunnan moet je zien, ruiken en vooral ervaren.


In het zuidwesten van China, aan de voet van het hoogste gebergte ter wereld, ligt de provincie Yunnan. Nog een beetje slaperig kijk ik door het raam naar buiten wanneer de bus ‘ochtends vroeg hoofdstad Kunming achter ons laat. Al gauw wordt duidelijk dat we op weg zijn naar ‘het andere China’. De wolkenkrabbers van het snel moderniserende China in de grote stad maken plaats voor een schitterend bergachtig landschap met veel groen. De Kreeftskeerkring loopt door Yunnan en daarmee ligt deze provincie op dezelfde breedtegraad als bijvoorbeeld Mexico, Egypte en het noorden van India. In de zuidelijke regio Xishuangbanna kun je zelfs subtropische bossen en parken bezoeken. Maar eerst een lange dag in de bus naar het schilderachtige dorpje Lijiang. 


IN YUNNAN IS DE WERELD PERFECT

Na een opmerkelijk goede nachtrust besluit ik om eerst maar eens het oude centrum te verkennen. Als je nog nooit in China geweest bent (en je de Olympische openingsceremonie alweer bent vergeten) is dit hoe je je China voorstelt. Prachtige traditionele huisjes, nauwe straatjes waar het onmogelijk is om niet in te verdwalen, en zijstraatjes waar je in klederdracht gehulde vrouwtjes tegenkomt. Tegen het einde van de ochtend wordt het duidelijk dat Lijiang naast ontelbaar veel souvenirwinkeltjes ook ontelbaar veel toeristen rijk is en dat is ook niet zo gek als je bedenkt dat Lijiang op de Werelderfgoedlijst van Unesco staat. Die toeristen zijn overigens voor het overgrote deel Chinees, dus valt het niet erg op. Op een pleintje -ik ben nog steeds heerlijk verdwaald- word ik in redelijk goed Engels aangesproken door een vriendelijk Chinees echtpaar dat aanbiedt om me mee te nemen langs een paar bergdorpjes. Dit lijkt me een prima plan; zo’n lekkere spontane actie. In een van de lokale markten net buiten Lijiang kijk ik mijn ogen uit. Ik word vriendelijk toegelachen door een lokale marktkraamhoudster die als enige koopwaar een complete varkenskop voor zich heeft liggen en even verder kom op ik een tafel tussen allerlei onbestemde kruiden een gedroogde apenkop tegen. Mijn gidsen vertellen me dat dit de plek is waar de mensen uit de bergdorpen hun inkopen doen en ze hebben geregeld dat we voor het middageten bij een lokale familie mee kunnen eten. Alles  tegen een bescheiden vergoeding uiteraard, maar dit is een ervaring die ik niet kan laten lopen. Na een werkelijk fantastische thuis bereidde soep bij een Naxi familie maken we nog een lekkere wandeling. De frisse berglucht doet me goed en wanneer laat in de middag de zon de berghellingen raakt, lijken de kleuren tot leven te komen. Heel even daar in de bergen van Yunnan is de wereld perfect. 


OPENLUCHTMUSEUM’ LIJIANG 

Het is vroeg en ik ben nog maar half wakker wanneer Wen Xin, m’n Chinese buurvrouw in het guesthouse, op m’n deur klopt om te vragen of ik zin heb om vandaag met ze op stap te gaan. Ik sla beleefd af want ik wil vandaag de omgeving op de fiets verkennen. Ik heb al gezien dat het landschap prachtig is en heb gehoord dat er nog een aantal andere historische dorpjes in de omgeving liggen. Het blijkt dat ik m’n fietsplan nog maar eens moet proberen in de volgende stad, want in Lijiang is geen enkele fiets ‘maat-Nederlander’ te vinden. Geen nood, want het oude centrum van Lijiang is geweldig om te voet te verkennen. Prachtige historische huizen, kleine grachtjes, bruggetjes... je raakt hier niet snel uitgekeken; het lijkt wel een openluchtmuseum. Met de kaart die ik inmiddels bemachtigd heb in de hand vind ik mijn weg naar de Shizi berg die het oude centrum en de nieuwe stad Lijiang scheidt. Vanaf daar heb ik een schitterend uitzicht over de daken van Lijiang. Op mijn weg terug naar beneden word ik door een uithangbord het winkeltje van een lokale kunstenaar binnen gelokt. ‘Much Madmen’ heet zijn winkeltje en dat moet ik van binnen zien. Als ik naar een handbeschilderd t-shirt wijs en vraag of hij die ook een maatje groter heeft, stelt hij voor om er speciaal voor mij één te maken. Wachtend in het zonnetje droom ik lekker weg over hoe het moet zijn om hier te leven en wat ik vanavond eens zal doen. Lijiang wordt al 1400 jaar bewoond door de Naxi en een bezoek aan het Naxi orkest mag zeker niet ontbreken. In de Naxi concerthal, een schitterend oud gebouw midden in het centrum, luister ik naar de Taoistische tempelmuziek van het ‘Naxi grandfathers orchestra’. 

mag_32_p36_2
RUST EN KALMTE IN DALI 

“Hello, my name is Anna. I am ten years old. I come from Ruili. Nice to meet you!” “Well, nice to meet you too, Anna. My name is Martijn. What are you doing here?” “Huh? Ehhh...”Anna kijkt vragend naar haar lerares en na een vlugge woordenwisseling in Chinees antwoordt ze: “We are here on holiday. Practice English with foreigners.” Dat was het begin van een serie korte gesprekjes met Anna - de Engelse naam die ze voor zichzelf uitkoos - en haar klasgenoten. Hun lerares vertelt me dat dit een groep leerlingen is uit Ruili, vlak aan de grens met Myanmar, die in Dali op Engels kamp zijn. Eén van hun taken is om een kort gesprekje met een buitenlander aan te knopen, waarna die ze op hun takenlijstje een cijfer moet geven. Met een grote glimlach op m’n gezicht wandel ik verder door het centrum van Dali. In Dali hebben de Chinezen, net als in Lijiang, de architectuur en de historische charme van het oude China weten te bewaren. En toch is er een wereld van verschil tussen deze twee pittoreske plaatsjes. Waar Lijiang een doolhof van kriskrassende straatjes en steegjes is, is Dali compact en erg makkelijk te navigeren. De oude stad ligt tussen vier klassieke oude stadsmuren met een stadspoort op elk van de vier windrichtingen. Toen ik vandaag voor het eerst onder de Westpoort door de stad in liep, werd ik overmand door een gevoel van rust en kalmte. Natuurlijk zijn hier ook toeristen en souvenirwinkeltjes, restaurantjes en cafeetjes, maar alles lijkt hier veel meer ongedwongen. Terug in het guesthouse speel ik na het avondeten nog een potje pool met eigenaar Dave en de andere gasten. Morgen ga ik weer een poging wagen om een fiets te huren. Het Erhai meer de omliggende marktjes met de kleurrijke Bai bevolking en Butterfly Spring wachten!  

MINDERHEDEN
China telt 55 etnische minderheden met allemaal hun eigen taal, cultuur, gebruiken en soms klederdracht. Na Xinjiang heeft Yunnan het grootste aantal etnische minderheden en omdat Yunnan zo afgelegen ligt van Beijing en de rest van China, hebben die minderheden hun cultuur goed kunnen bewaren. Nergens anders vind je dan ook zulke kleurrijke klederdracht als bij de Bai (in Dali), Naxi (in Lijiang), Dai, Miao en andere minderheden. De afgelegen ligging heeft echter ook een minder gunstig effect en dat is dat de minderheden in Yunnan minder goede toegang tot onderwijs hebben. Yunnan is relatief onderontwikkeld en er heerst in de afgelegen dorpen meer armoede dan in bijvoorbeeld het oosten van China. In de laatste 10 tot 20 jaar heeft Yunnan wel grote vooruitgang geboekt op het gebied van onderwijs. Hopelijk kan Yunnan zich ontwikkelen en tegelijkertijd haar rijke en diverse cultuur bewaren.

Bekijk onze rondreizen door China.

Terug naar boven