Midden- en Zuid-Amerika

De lokroep van het regenwoud (door Nicoline van der Spek)

Een carnaval des animeaux en een druipende zee aan woudreuzen. De achtertuin van Amerika vult met gemak vijf jaargangen National Geographic. In de ban van het bos.

Tekst | Nicolline van der Spek

Costa Rica
We lopen in Monteverde, Costa Rica’s beroemde nevelwoud. Een winderige en geïsoleerde plek hoog in de bergen. Normaal schijnt het hier zo mistig te zijn dat je voor je gevoel in een pak melk rondloopt, maar vandaag is het helder. Zelfs zo helder dat je op het hoogste punt de vulkaan Arenal kunt zien liggen.

Epifyten, kunstig gevlochten lianen, mossen, bromelia’s, varens. In Monteverde gedijen ruim 2500 plantensoorten, waaronder bloemen in de vorm van vrouwenlippen en bladeren zo groot dat ze de ‘paraplu van de armen’ worden genoemd. Een druipende groene wereld. Mooi, maar na een poosje ga je naar de ‘nooduitgang’ verlangen. Ontbossing, waar? Ik krijg visioenen van ‘fout hout’ en denk niet zonder ironie: en nou kappen! Maar we moeten door, want we hebben nog geen vogel gezien. Laat staan een jaguar.

Mag_10najaar_pv_costarica_regenwoud01“Have you seen any wildlife yet?”, vraagt een dikke Amerikaan in kaki. Een lotgenoot. Alleen snapt deze Daktari niet dat je voor het zien van dieren je kaken stijf op elkaar moet houden. Les 2 is luisteren. Wie kijkt met zijn ogen zal niets zien. Groen geritsel - daar moet je op focussen. Dat leer ik van een klein mannetje met een encyclopedische kennis op het gebied van Moeder Natuur. Sergio Vega Marín (32) is bioloog en onze gids in Monteverde. Hij werkt onder meer voor de BBC en Discovery Channel en heeft zelf ook een Amazing Discovery gedaan, namelijk een nieuwe keversoort ontdekt. De weg naar onsterfelijkheid, denk ik altijd maar. Jij mag je vondst immers een naam geven, en die komt in de boeken. Een planeet ontdekken is wat dat betreft nog beter. Sergio mompelt de kever naar zijn moeder te zullen noemen, maar is met zijn hoofd duidelijk ergens anders. Hij ziet iets, een quetzal? ‘Daar!’, fluistert hij en wijst naar een boom op twee uur. Mijn hart gaat sneller kloppen. De heilige vogel van de Azteken is wereldwijd favoriet bij birdwatchers. Er zijn zelfs Japanners die alleen voor het zien van deze zeldzame paradijsvogel 40 uur in een vliegtuig zitten. Heen en terug naar Monteverde voor één vogel! Daar sta ík dan naar te kijken. Ik, die nog geen mus van een merel kan onderscheiden, kijk de holy grail onder de subtropische vogels recht in zijn inktzwarte kraaloogjes. Kijken met je oren, ik krijg er steeds meer lol in.

Mag_10najaar_pv_costarica_regenwoud02

Highlight na highlight
In Costa Rica word je als natuurliefhebber op je wenken bediend. Het land is klein (slechts één en kwart keer zo groot als Nederland) maar je vindt er een overkill aan natuur: 850 soorten vogels en het verbijsterende aantal van vijftig vulkanen, waaronder de beroemde Arenal. Deze 1633 meter hoge en werkzame vulkaan lijkt door zijn konische vorm op de moeder aller vulkanen: de Vesuvius. Alleen gaat hij overdag vaak schuil achter wolken. ‘s Nachts daarentegen - wanneer het helder is - bewijst de Arenal letterlijk een highlight te zijn. Ooit een vulkaanuitbarsting gezien? Op de west- en noordflank zit je op de eerste rang voor Great balls of Fire. Lava life!

Over highlights gesproken. Tortuguero aan de Caribische kust is een must-do voor de ecotoerist. ‘s Nachts komen hier verspreid over het jaar allerlei soorten zeeschildpadden aan land om hun eieren in het zand te begraven. Vooral de karetschildpadden zijn erg geliefd, want wie wil er niet een karetschildpadden-brilmontuur? Of met een ei op de foto! Maar eenmaal aangeraakt, komt een ei niet meer uit. Tel daar de onbewust kapot getrapte eieren bij op, en het aantal zeeschildpadden neemt drastisch af. Een lot dat ook andere dieren van Costa Rica boven het hoofd hangt. Want waar is eigenlijk de sapo dorado gebleven, Monteverde’s mascotte? Sinds 1989 is deze goudkleurige pad niet meer gesignaleerd. Ook het zien van amazonepapegaaien wordt zo langzamerhand een zeldzame aangelegenheid. Althans in Costa Rica, bij de douane op Schiphol maak je meer kans. Toch kun je nog steeds met een schoon geweten naar Costa Rica, want menig ander land heeft minder compassie voor de natuur. De autoriteiten koesteren het kwetsbare als hun kind; ruim een kwart van het land staat onder natuurbescherming. Niet onlogisch, want de hele economie, met uitzondering van de koffie en bananen, draait op dit zogenaamde ‘ecotoerisme’.

Zeventig procent van de mensen die naar Costa Rica reizen komen voor de natuur. Een handjevol surfers komt voor de monstergolven aan de Pacific, een nog kleiner groepje voor de hoertjes in San José. Met het aantal bezoekers valt het gelukkig nog erg mee. Massatoerisme kent Costa Rica niet. Per jaar komen zo’n 700.000 buitenlandse bezoekers naar het land. Om u een idee te geven: Madurodam trekt jaarlijks zo’n 1 miljoen mensen. Toch kunnen sommige natuurgebieden nu al de stroom toeristen niet langer verwerken. Vandaar dat een aantal reservaten de regel heeft ingevoerd van een maximum aantal bezoekers per dag. Ook zijn ze vaak op een bepaalde dag in de week gesloten, zodat de natuur even op adem kan komen. Wie bijvoorbeeld op maandag besluit naar Manuel Antonio te gaan, heeft pech. Op deze dag behoort dit idyllische ‘regenwoudje’ toe aan de dieren. Een gemiste kans, want dit aan zee grenzende nationale park in het zuidwesten van Costa Rica is een pareltje. Het is acht keer kleiner dan de Hoge Veluwe, maar de kans om er dieren te zien is acht keer groter. Ik zie er mijn eerste leguaan. Een nieuwsgierige rakker met een prachtige groenblauwe kam.

Mag_10najaar_pv_costarica_regenwoud03

Regenwoud voor gevorderden
Van Manuel Antonio rijden we verder naar het zuiden om te overnachten aan de Rio Sierpe, regenwoud voor gevorderden, want als mens ben je hier niet veel meer dan een ‘hogere diersoort’. “Hoorde je dat?”, fluistert Mike, en wijst richting rivier. “Dat was een manta. Er sprong een manta uit het water.” Eerlijk gezegd hoorde ik helemaal niets, maar ik wil maar wát graag geloven dat hier roggen zwemmen. Per slot van rekening zag ik vandaag ook de meest surrealistische vissen tijdens het snorkelen. Bovendien heeft zich onder het golfplaten dak van de lodge nog geen tien minuten geleden een python genesteld en kunnen we ook nog een bezoekje verwachten van de ‘huiskrokodil’. Even slikken als je net als ik al onder de indruk bent van de Hollandse reiger. De 52-jarige Amerikaan Mike Stiles is hier twaalf jaar geleden neergestreken en organiseert meerdaagse trips voor toeristen. Je wordt met een bootje opgehaald in het dorpje Sierpe, het laatste stukje ‘bewoonde wereld’, en vaart vervolgens anderhalf uur door een dromerig mangrovengebied om bij de Rio Sierpe Lodge uit te stappen, een plek met vers bronwater, een vogelspin op sterk water en kasten vol vergeelde literatuur die reizigers de afgelopen tijd hebben achtergelaten.

De lunch nuttigen we op het strand van San Josecito, waar we de volgende dag per boot zijn afgezet. Dit Robinson Crusoë-strandje grenst aan een van de mooiste nationale parken van Costa Rica, Corcovado. Ooit was dit tropisch regenwoud het paradijs voor goudzoekers, nu zijn vooral ecologen geïnteresseerd in dit gebied vanwege de grote diversiteit aan ecosystemen. Je kunt er fantastisch wandelen, maar dan moet je wel tegen een luchtvochtigheid van 80 procent bestand zijn. Bang om te verdwalen hoef je niet te zijn, er lopen paden. Desalniettemin ben ik blij dat deze klamme martelgang niet in ons reisschema past; ik snorkel liever, zoek schelpen die ik van het Wereld Natuurfonds niet mee naar huis mag nemen, houd een siësta-tje in de schaduw van amandelbomen en mijmer over de beste uitvindingen ooit gedaan. Vooralsnog staat de hangmat op nummer 1. Veel moeite om dieren te zien hoef ik niet te doen, want vlak boven me zit een verliefd ara-paartje te tortelen op een tak. Ara’s zijn monogamer dan de mens, heb ik me laten vertellen. Ze doen niet aan omgangsregelingen maar blijven hun hele leven bij elkaar. Zou Yoko getrouwd zijn? vraag ik me ineens af. Onze Japanse reisgenote van 61 jaar zit op haar hurken aan de vloedlijn. Met een stuk aangespoeld koraal probeert ze een kokosnoot te splijten.

Diezelfde avond zitten we met vijf nationaliteiten aan een grote tafel te eten, onder wie een groepje Italianen. Dus krijgen we mijlenver van Rome ravioli voorgeschoteld. Of we de schalen naar rechts willen doorgeven, verzoekt Mike met klem, een man van regeltjes. Maar ook een geboren verteller. Ademloos luisteren we naar zijn verhalen over zelfgebouwde aanlegsteigers en bergbronnen. Hij doet me een beetje denken aan Harrison Ford in de film ‘The Mosquito Coast’. Even geniaal en dwangmatig. Als de Italianen voor de zoveelste keer die avond de schalen met pasta naar links doorgeven, articuleert hij alsof ze doof zijn: “To the RIGHT, pass it down to the RIGHT.” Je mag dan in de jungle wonen, er blijven wetten. Op datzelfde moment barst het Laatste Oordeel los: mijn eerste tropische regenbui.

Mag_10najaar_pv_costarica_regenwoud04

Pura Vida
Het stopt pas weer met regenen als we terug zijn in de hoofdstad. San José is geen mooie stad. Er is een goudmuseum met voorwerpen uit de pre-Columbiaanse tijd en een jademuseum, maar veel verder gaat de cultuurhistorische waarde niet. Het hele land is nogal arm aan cultuur; geen Mayatempels of Incatrails in Costa Rica. Je gaat hier dan ook naar toe voor de felgekleurde boomkikkers, de vulkanen met hun groene lavameren en het regenwoud waar brulapen elke ochtend Tarzanesk hun territorium bij elkaar brullen. Of om te relaxen in Manzanillo aan de Caribische kust. Panama ligt om de hoek, Jamaica aan de overkant. Ik koop er een hoed van bananenbladeren, luister naar de regen en kijk hoe de locals met doorweekte dreads een partijtje voetbal spelen op het strand. Dan, onverwacht een hand op mijn schouder. Ik draai me om. Mijn hemel: DAKTARI. De Redmond O’Hanlon van Monteverde. Hij is me gevolgd. De Amerikaan klaagt nog steeds geen wildlife te hebben gezien. Hij heeft het helemaal gehad met Costa Rica. Ik kom uit Europa, dus wil hij weten of Tenerife echt zo mooi is als iedereen beweert. TENERIFE?! Ben je in Costa Rica, wil je naar Tenerife! Morgen vertrekt mijn vliegtuig naar de Oude Wereld. Zal ik hem mijn ticket geven? Want mij bevalt het hier wel. ’Pura Vida!’ zeggen Costa Ricanen als je vraagt hoe het gaat. Het pure leven, ik begin het steeds meer te begrijpen.

Bekijk de rondreizen dor Costa Rica.

Daarom Djoser

  • Veel individuele vrijheid
  • Gemak van een groepsreis
  • Kleine groepen
  • Oog voor cultuur & natuur
  • Scherpe prijzen
  • Nederlandstalige reisbegeleiding


Bij Djoser zit je goed!

Lees meer

Terug naar boven