De nacht valt en de jungle komt tot leven in Uduwalawe

De nacht valt en de jungle komt tot leven in Uduwalawe


 Athgira River Camping Udawalawe Sri Lanka (internet)De nacht valt en de jungle komt tot leven. Daar aan het einde van een weggetje waar we alleen met jeeps kunnen komen, rusten we in luxe tenten en zoeken we verkoeling in één van de twee zwembaden. Het is nog maar acht uur ‘s avonds al voelt het alsof het midden in de nacht is, zo donker is het. Ons kamp ligt aan een klein stromend riviertje. Een riviertje, zo weet onze gids te vertellen, waar mensen illegaal delven naar edelstenen. Uit armoede? Of uit verlangen naar geld? Het antwoord blijft onbekend, want we wisselen geen woorden met de mannen aan de andere kant van het stroompje, die de volgende ochtend het gedolven zand in een tuk tuk scheppen.

En nu op dit uur? Op dit uur is het aan de rivier van het rivercamp tegelijkertijd rustgevend én spannend. Met een enkele wit schijnende lamp kijk ik samen met twee moeders en een dochter van zestien jaar, de nacht in. Langs stenen, bomen en struiken. Daar waar vleermuizen vliegen, slangen huizen, apen klimmen en spinnen kruipen.

‘Zie ik daar nou twee apen zitten aan de overkant?’, zeg ik terwijl ik voel dat er opwinding door mijn lijf gaat. Anne, één van de jongere reizigers die met haar familie naar Sri Lanka is gekomen zegt:’ Nou het ziet er wel zo uit! Alleen ze bewegen niet, dat is wel raar!’.

‘Heej kijk, die steen geeft licht!’, zeg ik vervolgens. ‘Hoe kan dat nou?’. De witte lamp schijnt onze kant op. Het is heel erg lastig om precies te identificeren wat maakt dat die steen als enige licht geeft aan het begin van deze warme avond.

We besluiten een paar stappen verder te lopen om niet meer in het licht van de lamp te staan. Dan ontdek ik dat mijn fantasie ons meenam naar werelden vol dieren en wonderen. De apen blijken stenen en de lichtgevende steen? Daar lag een doek op. Hè wat jammer nou!

De rivier blijft echter trekken en we staren met zijn vieren naast elkaar staand naar het water. Anne roept ineens: ’Volgens mij zie ik een waterslang! Kijk maar daar! Hij gaat tegen de stroom in’. Alle vier focussen we onze ogen. Ik heb er moeite mee en kan niet helder krijgen of wat Anne zegt ook echt zo is. Dan hoor ik haar moeder zeggen: ‘Oh dat had wel heel leuk geweest maar het is gewoon een tak! En de stroming loopt daar anders!’. We lachen. Alle verzonken in gedachten over die pikzwarte jungle en de dieren die er in leven. De jungle met haar stilte en geluiden, maakt op ons op dat moment veel indruk.

Het avontuur is nog niet afgelopen, want ik wil de dames het platform in de boom laten zien. In de hoop dat we nog vleermuizen zien vliegen. Het gekraak onder onze voeten en de ietwat schuine treden van de trap maakt de stijging naar het plateau mysterieus. Bang dat ik een schorpioen of slang onder mijn handen vind wanneer ik houvast zoek bij de leuning. De kust is veilig. Geen slang aan de leuning, geen slang in de boom en ook geen schorpioen op het plateau. Wel weer de onvergetelijke rust. We keren opnieuw alle vier naar binnen en staan daar een tijdje. Dan wisselen we een paar woorden over hoe het nu toch leuk zou zijn als we wel een dier zouden zien.

Na een paar minuten dalen we de trap weer af, want er is nóg een oude grote boom die zijn stevige wortels diep in de grond heeft genageld aan de oever van dat kleine riviertje in Uduwalawe. Ook deze boom vervult zijn rol als steunpilaar voor een trap en een plateau. Met dezelfde spanning als ervoor en minimaal licht beklimmen we de avontuurlijke trap. Dan staan we ineens een meter of zeven boven de rivier. Het geruis van de rivier is hier nog beter hoorbaar. Ook de wind die door de boomtoppen ritselt. Ik kijk naar links en zie een steen op een steen en zeg tegen Anne: ‘Zie je daar die steen, dat is grappig die heeft een hele andere kleur dan de steen waarop hij ligt’. Dan ineens lijkt de steen te bewegen. Niet helemaal zeker of ik het goed gezien heb hoor ik Anne zeggen: ‘Hahah nu denk je dat het een steen is, maar dat is het niet, het is een zoetwater schildpad! Kijk, kijk zijn hoofd gaat omhoog!’. ‘Een schildpad’, hoor ik mezelf denken. Hoe is het mogelijk? Mijn favoriete dier op aarde vertoont zich hier aan ons in alle eeuwigheid, wijsheid en geduld. We dalen af en proberen dichterbij een glimp van het dier op te vangen, maar het kraken van de takken onder onze voeten schrikt de schildpad op. Voor we het weten plonst hij het heldere water in op zoek naar rust en een nieuwe plek om te ontdekken.

Net als wij. Onze veertig meter lange mini-excursie langs de oever van de rivier komt tot een einde. We kunnen niet verder. Met een tevreden gevoel werpen we nog een blik op de sterren en lopen vol enthousiasme terug naar de kaart-spelende kinderen en hun vaders in de bar. Wat was dit een mooi moment. Morgen gaan we op safari, op zoek naar nog meer wild.

Het is een ervaring om nooit te vergeten. Sri Lanka opende deze reis meerdere malen onze zintuigen, bracht fantasie tot leven en gaf rust in onze harten.

Ayubowan! – Dat je lang mag leven (net als de schildpad die nagenoeg geruisloos in de nacht verdween).

Sabine Wensink – reisbegeleider

Bekijk de rondreizen door Sri Lanka.

Terug naar boven